‘Ik hoefde niet zo nodig naar Brussel ’

De man die in Den Haag bleef presenteerde dinsdag zijn tweede Miljoenennota. „We willen uiteindelijk iedereen door de trechter duwen”, zegt de minister van Financiën.

Jeroen Dijsselbloem: „Er zijn geenquick fixes. Dat is mijn grootste verwijt aan economen dievinden dat de geldkraan open moet.” Foto Robin Utrecht

Knevel & Van den Brink is een semi-komisch programma. Dat dacht Jean-Claude Juncker, kandidaat-voorzitter van de Europese Commissie, toen Jeroen Dijsselbloem hem belde om excuses te maken. „Dat heb ik maar niet ontkend”, zegt Dijsselbloem nu. Zo dacht hij een klein relletje te voorkomen, nadat hij begin januari in het praatprogramma van de EO Juncker, zijn voorganger als voorzitter van de eurogroep, een verstokte roker en drinker had genoemd.

Het liep anders.

Het vermeende grapje van de minister van Financiën bleek een grote rol te spelen in de samenstelling van de nieuwe Europese Commissie, die binnenkort aantreedt. De Luxemburger Juncker werd voorzitter. Nederland had in dat ‘Brusselse kabinet’ aanvankelijk alles op Dijsselbloem gezet, als kandidaat voor de zware financiële post Economische Zaken en Financiën. Maar het humeur van Juncker was blijvend verpest.

De verwoede pogingen van het kabinet-Rutte II om de gekwetste Luxemburger te kalmeren mislukten. Juncker koos in plaats van Dijsselbloem voor de Fransman Pierre Moscovici. Nederland kandideerde vervolgens met meer succes Frans Timmermans als nieuwe supercommissaris op een andere portefeuille. Dijsselbloem bleef wat hij was: minister van Financiën en tijdelijk voorzitter van de eurogroep, het vaste overlegorgaan van EU-lidstaten die de euro als betaalmiddel hebben.

Waarom is het zo gelopen?

„De echte reden weet je natuurlijk nooit, maar ik geloof dat het alles te maken had met Frankrijk en haar strijd met Duitsland. Juncker had de post aan Frankrijk beloofd.”

Maar waarom bent u dan pas in mei bij Juncker langsgegaan, vier maanden na uw tv-optreden?

„Ik had mijn excuses al in januari gemaakt. Maar omdat het bleef doorzieken tijdens de Europese verkiezingscampagne [Juncker was lijsttrekker voor de christen-democraten, red.], ben ik naar hem toe gereden om er weer over te praten. Ik vond het vervelend dat het zo bleef hangen. Toen zei hij opnieuw: streep eronder!”

Het kabinet heeft u lange tijd als troefkaart gehad in de stoelendans in Brussel. Wilde u eigenlijk zelf wel verhuizen?

„Ik hoefde niet zo nodig. Ik had aanvankelijk bij de strategiebepaling niet eens door dat het over mij ging. Het was mijn voorkeur, en die van het kabinet en de PvdA, dat ik gewoon in Nederland zou blijven en de eurogroep zou blijven leiden. Toen die positie onder vuur kwam te liggen, omdat sommige landen er misschien een andere, permanente voorzitter wilde hebben, waren we bereid om de eurogroep op te geven. Maar alleen in ruil voor de post ‘EcFin’ en alleen met Jeroen Dijsselbloem. Voor dat scenario was ik beschikbaar, niet voor een andere post in Brussel.”

Jeroen Dijsselbloem (PvdA, 48 jaar) bleef dus in Den Haag en beleefde daar afgelopen week zijn tweede Prinsjesdag als minister van Financiën. De Miljoenennota die hij presenteerde kwam aanmerkelijk rustiger tot stand dan de vorige, toen het kabinet nog 6 miljard extra moest bezuinigen en nog geen verzekerde steun had van de constructieve oppositiepartijen D66, ChristenUnie en SGP, de zogenoemde C3. Dit keer was er geld te vergeven, er waren bescheiden meevallers. Toch is de begroting voor 2015 zuinigjes opgesteld. „Behoedzaam”, noemde Dijsselbloem het zelf.

Topman Mario Draghi van de ECB zei vorige maand dat monetair beleid alleen niet genoeg is om de economie van de eurozone uit het slop te halen. De overheden van de lidstaten moeten van hem, waar mogelijk, ook meedoen. Onderschrijft u dat?

„Draghi zei allereerst dat het groei- en stabiliteitspact het anker is voor het vertrouwen dat is teruggekeerd in de eurozone, en dat we dat moeten behouden. Daarnaast zei hij dat landen die begrotingsruimte hebben meer zouden kunnen investeren. In mijn ogen geldt dat niet voor Nederland omdat wij nog een begrotingstekort hebben van dit jaar 2,9 procent en volgend jaar hopelijk 2,2 procent. Ook voor Nederland geldt dat wij het begrotingstekort nog verder moeten terugbrengen. En ik zeg erbij: ook al had het niet in het pact gestaan, dan hadden we het óók gewild. We gaan dus gewoon door met het aanpassen van de begroting. We gaan niet met een eenmalige bestedingsimpuls van de overheid de economie proberen aan te jagen. De structurele problemen van de Europese economie zijn niet met een bestedingsimpuls op te lossen. Het zou slechts een eenmalig effect hebben, zoals in 2009.

„Ik heb met Draghi gesproken, en hem gevraagd: ‘Mario wat bedoelde je nu eigenlijk?’ En hij maakte duidelijk dat het hem vooral ging om structurele hervormingen.”

Met de oproep om te investeren kan hij dus weinig andere landen hebben bedoeld dan Duitsland. Dat heeft de begroting in balans of zelfs een klein overschot.

„Dat deel van zijn boodschap was primair gericht aan Duitsland. Dat voelen de Duitsers ook. En het is ook niet helemaal ondenkbaar, in mijn ogen. Het lijkt me reëel dat daar bijvoorbeeld op het gebied van infrastructuur extra investeringen plaatsvinden.”

Is er weerstand tegen zo’n impuls omdat er nu eenmaal Europese afspraken zijn, of gaat het ook om een intellectuele overtuiging binnen het kabinet?

„Het is beide waar. Ik geloof oprecht niet dat een eenmalige uitgave waarbij het tekort fors zou stijgen, ten goede zou komen aan de economie. Een groot deel lekt weg via de uitgaven aan luxegoederen die in het buitenland worden geproduceerd. Een ander groot deel zou door mensen gebruikt worden om schulden af te lossen. Dan zijn we dus bezig met het verplaatsen van schulden van de particuliere naar de collectieve sector. De staatsschuld heeft weer een schaduwwerking op de economie. Die donkere wolk boven de economie wordt er alleen maar groter door. Er zijn geen quick fixes. Dat is mijn grootste verwijt aan economen die vinden dat de geldkraan open moet. Als dat gebeurt is elke hervormingszin in Europa bovendien meteen weg.”

Wat zijn dit jaar de grootste spanningen bij het opstellen van de begroting geweest?

„De Pvda en VVD hadden in april, buiten de C3 om, het voortouw genomen met de afspraak van een half miljard lastenverlichting [voor midden- en hogere inkomens] in ruil voor het opheffen van de strafbaarstelling op illegaliteit. Daarop wilden de drie andere partijen ook lastenverlichting voor andere groepen. Dat gaf niet zozeer gedoe, maar werd wel even met een krijtje op het bord geschreven.

„Daarnaast kregen we te maken met een groter bruto binnenlands product, door een statistische aanpassing door de Europese Unie. Dat zou automatisch leiden tot een verhoging van de bijdrage voor ontwikkelingshulp, want die is gekoppeld aan het bbp. Daar kregen we een principiële discussie over: de VVD wilde niet zomaar het ontwikkelingsbudget verhogen, de PvdA en de C3 vonden dat dat wel moest. Ik heb dat vervolgens van z’n ideologische lading ontdaan, door te zeggen dat we het in augustus nog maar eens moesten bespreken. Toen was de wereld veranderd en was er gewoon meer geld nodig. Het potje voor noodhulp was inmiddels gewoon op, vooral door de ontwikkelingen in het Midden-Oosten. Ik heb voorgesteld daar eenmalig een vrij groot bedrag voor vrij te maken en ook voor de opvang van asielzoekers. Dat gaan we nu doen voor 2015 en 2016.”

Het plan voor de belastingherziening van staatssecretaris Wiebes zal toch ook tot de nodige discussie hebben geleid.

„De PvdA en VVD denken heel verschillend over wat rechtvaardig is in het belastingstelsel. Bijvoorbeeld over vermogensheffing. De PvdA zegt: die is nu onrechtvaardig, er moet méér uitkomen. De VVD zegt: het is onrechtvaardig, er moet mínder uitkomen. Die tegenstelling zou hebben kunnen leiden tot totale verlamming. Maar één ding maakt deze coalitie zo sterk: dat we niet negatief uitruilen, niet problemen doorschuiven omdat we het niet eens worden. Dus hebben we gezegd: we gaan deze belastinghervorming wél doen.

„We zijn het eens over de plussen: de belastingen moeten omlaag. Daar is iederéén het over eens. Het is dé mantra in Den Haag! En ook dat dit gepaard moet gaan met smeerolie om een netto lastenverlichting te bereiken. Maar wij kiezen niet alleen voor de smeerolie maar ook voor het verbeteren van de machine. Dan krijg je een veel groter effect.”

Was het wel zo’n goed idee om dit nog maar halfbakken plan al met Prinsjesdag aan te bieden? Nu was het makkelijk schieten voor de oppositie bij de Algemene Beschouwingen.

„Dat vond ik eigenlijk wel meevallen. Ik had verwacht dat mensen als Pechtold (D66) zouden roepen: ‘Het is een schande! Het stelt niks voor!’ Maar hij koos voor een andere lijn. Hij begon eigenlijk al met onderhandelen, door bijvoorbeeld aan de VVD te vragen wat er wel en niet bespreekbaar is. Daarop bleek dat er voor de VVD geen taboe bestaat op verschillende niveaus van vermogensbelasting en op verdere vergroening. En Pechtold riep zelf al dat D66 één btw-tarief wil. Dat soort bouwstenen hebben we nodig. Zo’n constructieve opstelling helpt het kabinet. We willen uiteindelijk iedereen door de trechter duwen; iedereen zal politieke pijn moeten pakken.”

Waarom lukt het alleen de VVD om dit kabinetsbeleid in de peilingen te verzilveren en uw PvdA niet?

„We hebben in de afgelopen jaren heel veel gevraagd van mensen. Dat wordt door de VVD-achterban wat gemakkelijker geaccepteerd, die voelt het minder. Onze achterban vindt het erg ingrijpend. Maar ik verdedig zeer wat we hebben gedaan: als we de welvaart en de sociale voorzieningen willen behouden, dan moeten we ons echt aanpassen. Ik denk dat er volgend jaar voldoende aanleiding is om dat goed te kunnen uitleggen aan de kiezers. Het gáát inmiddels echt wat beter, de werkloosheid zal gaan dalen en de koopkracht wat omhoog gaan.”