Column

Ons veelvormige nieuwe ‘star system’

Kooijman, Guzman, Weisz, Akkabi inBluf, RTL5.

De donderdagavond op jongerenzender RTL 5 is een hit. Eerst zien we hoe een bont gezelschap BN’ers van de tweede garnituur elkaar bestrijden in Expeditie Robinson. De ene na de andere vrouw wordt door mannelijke samenzweringen weggestemd, met het argument dat je toch nooit precies weet waar je met haar aan toe bent.

Ook de erna uitgezonden nieuwe comedyserie Bluf is niet helemaal vrij van misogynie, of op z’n minst angst voor wat vrouwen toch van mannen willen. Zoals in Divorce (RTL4) drie gescheiden mannen met elkaar samenwonen, zo betrekken in Bluf vier jeugdvrienden een penthouse. Een van hen (Achmed Akkabi) heeft zoveel succes als pokeraar dat hij met bankbiljetten kan rondstrooien. De kakker (Jan Kooijman) wordt zijn manager, de mislukte broer (Javier Guzman) tracht vergeefs meisjes te scoren vanuit de nieuwe positie, wat hosselaar Tjé (Géza Weisz) wil, dat moet nog blijken.

Maar Kooijman wordt belaagd door een moeder die hem naar Yale wil hebben en een vriendin (Charlie Dagelet) die alleen maar snel wil trouwen. Dan is er nog een Wit-Russische poetsvrouw, een powerwoman (Yolanthe Sneijder Cabau) en een mysterieuze pokerrivaal (Fatima Moreira de Melo) die wel eens de grote liefde zou kunnen worden. Plus talloze chickies die willen vegeteren op de roem van een pokerkampioen.

Het scenario van Steven R. The en Edward Stelder en de routineuze regie van Marc Willard zijn minder van belang dan het format van jongensvriendschap en geld als water. Dat bedacht creative director Kaja Wolffers.

De commerciële zenders omarmen het door nieuwe cameratechniek steeds goedkoper wordende drama als middel om kijkers aan zich te binden. Afleveringen kunnen vooraf, tijdens en nog lang na de televisie-uitzending op vele (digitale) platformen tegen betaling geëxploiteerd worden.

Interessant is het veelvormige nieuwe ‘star system’ dat de nieuwe hausse aan tv-fictie met zich meebrengt. Je treft er een handvol theater- en filmacteurs in aan, maar ook allerlei deelnemers aan spelprogramma’s als Expeditie Robinson, soapies, sporthelden en voetbalvrouwen, tv-presentatoren, rappers en cabaretiers in aan. Er zijn vriendengroepen, zoals rond actrices Carice van Houten en Halina Reijn, of de club die elkaar kent van de filmproducties van Jim Taihuttu (Rabat, Wolf).

Veel films en series zijn ensemblestukken geworden, waarin je zo veel mogelijk sterren probeert onder te brengen. Alles loopt door elkaar: hoge en lage cultuur, wit en gekleurd, acteurs en poseurs. De verschillen zijn voor de meeste kijkers bijna niet meer van belang, voorzover men ze nog kent.

Achmed Akkabi is zo’n interessante, postmoderne fusionacteur. Al heel jong was hij een ster als Appie in de jeugdserie Het Huis Anubis (Nickelodeon), die hij in 2008 verliet om te gaan studeren aan de Toneelacademie in Maastricht. Hij speelde in de moeilijk te categoriseren, eigenwijze films van Taihuttu en vertolkt nu weer een soort van charmeur en vrijbuiter, wiens rol overigens in de regie opmerkelijk onderbelicht blijft. Hij is ook verreweg de beste acteur in dit bonte gezelschap.