In ‘Yes City’ vloeien om 05.20 tranen

Onzekerheid, vooral over de economie, haalde velen over tegen onafhankelijkheid te stemmen.

Voorstanders van Schotse onafhankelijkheid in Glasgow treuren om de winst van het ‘nee’-kamp. Ruim 2 miljoen Schotten stemden tegen afscheiding, 1,6 miljoen stemden voor. Foto AFP

Om twintig over vijf vanochtend vloeiden de eerste tranen in Dundee toen duidelijk werd dat Schotland bij het Verenigd Koninkrijk zou blijven. Anderhalf uur eerder was het Disc-sportcentrum nog ontploft van vreugde toen de voorzitter van de kiescommissie zei dat de voorstanders van Schotse onafhankelijkheid met 13.740 stemmen in de meerderheid waren. „Yes, yes, yes!”, galmde het door de sporthal. De nee-stemmers slopen ongemerkt weg.

Maar Dundee was dan ook Yes City. Waar je de afgelopen dagen ook keek, domineerde het blauw-wit van de nationalisten. In de gemeenteraad, met twee Schotse parlementariërs en met een Lagerhuislid had de Scottish Nationalist Party de afgelopen jaren laten zien hoe een toekomstig Schotland eruit zou kunnen zien. En dat zag er voor de overwegend working class-kiezers van deze stad rooskleuriger uit dan het alternatief dat Better Together bood.

Maar het was de andere partij die elders in Schotland vannacht de doorslag gaf. Districten als Dumfries & Galloway (65,7 procent nee), de Borders (66,6 procent) en de Orkney-eilanden (67,2 procent) boden tegenwicht aan het Yes in Dundee en Glasgow. Slechts vier van de 32 regio’s stemden uiteindelijk in meerderheid voor onafhankelijkheid. De onzekerheid, met name over de economie, haalde velen over om toch tegen te stemmen. Uit de laatste peiling van YouGov bleek dat slechts 35 procent van de Schotten geloofde dat ze in een onafhankelijk Schotland financieel beter af zouden zijn.

In Dundee was die stille meerderheid wel heel stil. Dinsdagmiddag was het kantoor al om half vier dicht. Woensdagmiddag zaten er twee man. Het contrast met Yes, waar activisten voortdurend binnenliepen, kon nauwelijks groter. Opvallend was ook het enthousiasme onder kiezers die niet eerder hadden gestemd. In de woonkamer van Tony Cox, in de achterstandswijk Stobswell, verzamelden zich dinsdagavond allerlei radicaal linkse campagnevoerders, verenigd in hun weerzin tegen de Conservatieve regering.

De 48-jarige Albert, een werkloze postbode, was bijvoorbeeld in actie gekomen omdat de Britse regering een belasting op overtollige kamers in sociale woningen (de zogenoemde bedroom tax) invoerde. Van zijn 141 pond per week werd 80 pond afgetrokken omdat zijn kinderen uit huis waren, en lege kamers achterlieten. Vol energie beklom hij trap na trap om kiezers een laatste zetje naar de stembus te geven. Dat het antwoord niet altijd ‘Yes’ was, leek hem niet op te vallen. „Ik ga het juiste doen”, zei een van de bewoners. Dat zeiden gisteren bij de stembureaus wel meer mensen.

Buiten Dundee was duidelijker dat de ‘nee’-stem groter was dan in het straatbeeld zichtbaar was. In Cupar, aan de andere kant van de rivier Tay, voerde de Conservatieve Lagerhuiskandidaat Huw Bell gebroederlijk campagne met zijn politieke rivaal Menzies Campbell, de oud-partijleider van de Liberaal-Democraten. Twee maanden geleden was er bij Bell een „bescheiden vertrouwen” over een gunstig resultaat in Fife, nu meldde hij „een sterke stem voor de Unie”. Campbell signaleerde „onder de radar veel steun” rondom de luchtmachtbasis, in universiteitsstad St Andrews en onder boeren waren veel tegenstanders van onafhankelijkheid.

Kiezers hier zeiden dat ze geen nee-posters durfden op te hangen uit angst voor represailles. De buttons waren in de loop der weken wat groter geworden, en er reed een caravan met Britse vlag rond, maar nog altijd gold bij No Thanks dat bescheidenheid regeerde. Sommigen erkenden dat Yes effectiever was geweest in het overbrengen van hun boodschap.

Wat de unionisten redde, was de opkomst. Peilbureaus hadden voorspeld dat hoe hoger die zou zijn, des te groter de kans dat Yes zou winnen. Maar naarmate de nacht vorderde, werden opkomst percentages als 75 procent in Glasgow en 78 procent in Dundee opeens teleurstellend. In Argyll and Bute ging 95,3 procent naar de stembus, in Falkirk 95,5 procent, en op het eiland Jura zelfs 100 procent. Dat waren juist de gebieden waar men ‘nee’ stemde. Vermoedelijk zijn zij door de nek-aan-nekrace die werd voorspeld, juist gaan stemmen. Bij bindende referenda zijn er bovendien volgens deskundigen altijd op het laatste moment kiezers die niet voor verandering durven te stemmen. De totale opkomst is met bijna 85 procent sinds de Lagerhuisverkiezingen van 1951 niet meer zo hoog geweest.

Hoewel in Dundee Yes won, was het niet met die overweldigende meerderheid die was voorspeld. Toen om vijf uur vanochtend lokale tijd de marge waarmee Yes in Glasgow won evenmin zo groot bleek te zijn, was het snel bekeken. Onmiddellijk schakelden de kopstukken van de No Thanks-campagne over op taal over verzoening, en politieke erkenning van de onvrede onder die Schotten die ‘ja’ hadden gestemd.

Twintig minuten later sprak de Schotse vicepremier Nicola Sturgeon van een „diepe persoonlijke en politieke teleurstelling”. Maar ze zei ook dat het land „onherroepelijk” is veranderd. „Het is duidelijk dat er een honger naar substantiële verandering is.” Ze gaf aan bereid te zijn met de Britse regering samen te werken om „het beste voor Schotland te bereiken”. Om half zeven vanochtend erkende Yes Scotland de nederlaag door haar slogan te veranderen in One Scotland.