Handen af van de au pair

V eel meiden verdienen extra zakgeld als kinderoppas. Een aantal van hen besluit dat na het eindexamen in het buitenland te gaan doen, als au pair. En geef ze eens ongelijk: binnen de veiligheid van een ander gezin op eigen benen staan en een jaartje een andere cultuur opsnuiven, in ruil voor babysitten en wat licht huishoudelijk werk. Tegen kost en inwoning en met per maand tussen de 300 en 400 euro zakgeld toe. Dat is niet veel maar er staat iets tegenover: je leert van binnenuit een andere wereld kennen.

Het gastgezin heeft er zelf ook baat bij. Het pakt allicht goedkoper uit dan de reguliere kinderopvang – in ruil waarvoor de familie een kamer inlevert en wat privacy, want de au pair verblijft fulltime in huis. Anderzijds vindt menig ouderpaar een vaste oppaskracht een prettig idee. En als het meezit, krijgen de kinderen iets mee van de cultuur van de au pair en leren ze iets van haar taal. Een win-winsituatie. Behalve als het misgaat. Juist omdat au pairs intern zijn, zijn ze kwetsbaar voor uitbuiting of misbruik, wat kan variëren van een handtastelijke vader tot te zwaar of te veel werk.

Met zulke risico’s rekent sinds juni 2013 de Wet modern migratiebeleid af. Daarin zijn de rechten, plichten en het aantal werkuren van de au pair vastgelegd. De verantwoordelijkheid voor de naleving legt de wet bij de bemiddelingsbureaus. Zij zijn onderhevig aan een screeningprocedure van de IND. Ze kunnen verblijfsvergunningen via een snelle procedure organiseren, maar moeten toezien op het welzijn van de au pair. Een au pair via internet engageren mag niet meer.

En nu ligt er alweer een nieuw wetsvoorstel, ingediend door de staatssecretarissen van Sociale Zaken en Justitie. Wordt de wet aangenomen, dan mogen au pairs vanaf 1 juli 2015 geen dertig maar nog maar twintig uur per week werken, met een maximum van vier uur per dag tegen acht in de huidige regeling. Iedereen die een gezin runt, beseft dat zo’n wet het einde van de au pair zou betekenen. En waarom? Het merendeel van de betrokkenen is positief.

Hetzelfde voorstel eist dat het gastgezin voor de au pair een cursus Nederlands betaalt. Dat is vreemd, gezien de maximale verblijfsduur van één jaar. Het doet vermoeden dat deze wet zich niet richt op de, nog maar net verbeterde, au-pairregeling, maar op illegale arbeidsmigratie, in het bijzonder van niet-westerse, vooral Filippijnse jonge vrouwen. Die worden als au pair het Westen binnengesluisd en verdwijnen na een jaar in het illegale circuit, weerloos voor uitbuiting. Gaat het om hen, doe dáár dan iets aan. Direct, niet via een regeling die álle bonafide, westerse zo goed als niet-westerse, oppashulpen en hun gastgezinnen berooft van een unieke manier van elkaar leren kennen.