#FreeSmokey en de regels die regels zijn

Smokey raakt flink wat gevoelige snaren. De bejaarde huiskat van ’t Loosje zou weg moeten van de NVWA. Klopt niet, al zien ze in het café nog even geen andere oplossing.

Huiskat Smokey zit op de bar in ’t Loosje. „Kattenvoer boven zetten is niet fijn voor de gasten, laat staan een kattenbak.” Foto Rien Zilvold

Daar, rechtsachter in de hoek van de lage kelder, staan de boosdoeners. Tussen de bierfüsten. Naast de kratten met flesjes frisdrank. Links een voederbak, rechts een kattenbak.

Ongeveer twee keer op een dag daalt de hoogbejaarde Smokey in Lokaal ’t Loosje de steile trap naar de ruimte af. Links is de keuken, maar ze gaat meteen rechtsom. Al twintig jaar. Maar dat mag niet. De inspectie van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) vond de bakken bij een hygiënecontrole. En de regels zijn duidelijk: huisdieren in cafés zijn prima, maar niet op plekken waar levensmiddelen worden bereid of opgeslagen.

Marie Boudri (26), die vierenhalf jaar in ’t Loosje werkt, startte een on- line petitie: ‘Smokey moet blijven’. Op het moment van schrijven hebben ruim 12.500 mensen, uit het hele land, deze ondertekend. En dat voor een kat. Op sociale media ook alleen maar onvrede over de NVWA. „Laat die kat toch.” #Freesmokey.

Belangrijke kanttekening: Smokey hoeft helemaal niet weg. „Wij zijn er niet om katten te verwijderen”, benadrukt een woordvoerder van de toezichthouder. Er is een waarschuwing gegeven, waarna de situatie opgelost kan worden. Gebeurt dat niet, dan volgt er een boete, of meerdere.

Boudri is alleen bang dat het niet anders kan, al is het het laatste wat ze wil voor het oude dier. „Ja, we hebben het over je” – ze richt zich tot de zwart-witte kat die langs haar stoel loopt. Die kijkt niet om, en gaat verder richting een tafel niet ver van het raam om daar vervolgens op te gaan liggen. Verplaatsen van de voeder- en kattenbak lijkt geen optie. „Er is een opbergkast, maar dat is ook niet ideaal. En kattenvoer boven zetten is niet fijn voor gasten, laat staan een kattenbak.”

Vanaf het terras komt een man het café binnenlopen. „Ik vind het goed wat je doet”, zegt hij tegen Boudri. „Je moet haar nooit wegdoen.” Hij blijkt zelf eigenaar van een „groot internationaal restaurant” in de stad, die niet met naam in de krant wil. „Gewoon de boete betalen. Ik heb laatst 1.500 euro betaald.”

„Ja, maar ze leeft misschien nog minder dan een jaar. Om dan 1.500 euro te betalen...”

„Ik denk: als je het geld hebt, dan kies ik voor het leven.”

De katkwestie van deze horecacollega ligt wel iets anders. Bij hem gaat het om een zwerfkat die ooit is binnengelopen en nog steeds eten krijgt. „Hij liep destijds met de inspecteur naar binnen.” Een boete volgde. Die van 1.500 euro was al zijn derde.

Het liefst heeft Boudri dat er helemaal niets hoeft te veranderen. Voor ’t Loosje en voor Smokey. Al die aandacht is eigenlijk nu ook wel even genoeg geweest. „Ik respecteer de regels van de NVWA en wil ze ook helemaal niet afvallen, laat dat duidelijk zijn. Het enige wat ik wil bereiken is dat ze voor één keer een oogje willen dichtknijpen.”

Een optie nu zou zijn om het hele proces te rekken, aangezien Smokey al zo oud is. En mocht het dan toch op een boete aankomen? „Nou, misschien start ik dan wel weer een actie – om het geld daarvoor bijeen te krijgen”, zegt ze lachend.

Het onderwerp van gesprek ligt te slapen op de tafel achter haar. „En je weet het niet – misschien is ze volgende week al wel dood.” Ze draait zich snel om. „Nee, nee, niet doen hoor!”