François Hollande wordt steeds moedelozer

President „hoopt” op betere tijden voor de kwakkelende economie en voelt de hete adem van Sarkozy, die zich opmaakt voor terugkeer

Foto AFP

Alleen het buitenlands beleid van François Hollande heeft onder de Franse bevolking nog brede steun. Het was dus niet verwonderlijk dat de president zijn halfjaarlijkse persconferentie gisteren begon met een tour langs vele conflicthaarden en crises in de wereld voor hij de licht explosieve situatie in eigen land aan de orde stelde. „Mijn eerste plicht is de veiligheid van Frankrijk garanderen”, zei hij in zijn rol van chef de guerre.

In Noord-Irak zal de Franse luchtmacht „op korte termijn”, als de doelen bepaald zijn, luchtsteun verlenen in de strijd tegen IS, zei Hollande. Grondtroepen sloot hij uit – de Fransen zijn tenslotte al diep verwikkeld in de conflicten in Mali en de Centraal-Afrikaanse Republiek. Een interventie in Syrië verwacht hij evenmin. Ook beloofde hij het zwaar door ebola getroffen West-Afrikaanse land Guinée een militair veldhospitaal.

Maar het waren niet de ontwikkelingen in het buitenland waarvoor ongeveer driehonderd journalisten naar het Elysée waren gekomen. Hollande is halverwege zijn presidentiële termijn en de tijd begint te dringen om voor 2017 nog enig leven in de kwakkelende Franse economie te blazen.

Met de moedeloze blik van een president die het allemaal ook niet meer lijkt te weten, zei hij te „hopen” dat vóór 2017, als de volgende presidentsverkiezingen zijn, de economie aantrekt en de werkloosheid niet langer stijgt. De successen, zei hij, „laten op zich wachten. Maar ik weet het, ik zie het, ze zullen komen.”

De slagkracht van de Franse regering wordt met de week minder: Hollande (dertien procent vertrouwen in de peilingen) sleept zijn eens populaire premier Maniel Valls inmiddels mee in de neerwaartse spiraal. Niet alleen kiezers, ook Brusselse beleidsmakers beginnen hun geduld te verliezen: opnieuw wil Frankrijk uitstel om aan de begrotingsregels te voldoen.

Na een „apocalyptische rentrée” (Le Monde) is Hollande sinds de zomer verder verzwakt: na interne rebellie over het economische beleid stapte onverwacht de regering op, vervolgens bleek een nieuwe bewindsman al jaren geen belasting te betalen en tot overmaat van ramp ondermijnde zijn ex Valérie Trierweiler in een boek ook nog eens zijn morele autoriteit door de affiniteit van de socialistische president met arme Fransen („tandelozen”) in twijfel te trekken.

Op een vraag over Trierweiler wilde Hollande geen antwoord geven. Vorige week al zei hij in een interview „gekwetst” te zijn door haar insinuaties. Wel gaf hij geduldig antwoord op alle kritische vragen over zijn eigen positie. „Het is niet mijn doel populair te worden”, zei hij. Om daar snel aan toe te voegen dat hij impopulariteit ook niet ambieert.

Vlak voor de aangekondigde politieke comeback van zijn voorganger Nicolas Sarkozy, zei Hollande zich over 2017 geen zorgen te maken. „Ik ben president, geen kandidaat”, zei hij stellig. En richting de oppositie die zijn aftreden eist: „Ik zal president zijn tot het einde.”