Column

De man die iedereen bedreigde

De man die dreigde met terreur, ontploffingen en het „door brand verwoesten” van alle parkeergarages van Amsterdam, stapte hartelijk op me af en zei: „Fijn dat je er bent!” Aan de deken van de Orde van Advocaten schreef dat hij „een groot slagersmes” zou gebruiken om hem overhoop te steken. Hij bedreigde de Tweede Kamer en hij verstopte een namaak-bompakket met brief aan burgemeester Van der Laan.

We stonden in de rechtbank van Amsterdam. Een grote, vitale man, in pak, wakkere ogen, ouderwets wellevend. Zijn advocaat, Hans Vos, beaamde dat je hem de boze burger bij uitstek kon noemen. Dat vond Dick Terlingen zelf trouwens ook.

Hij is 83 jaar oud. Ik vroeg hem hoe je dat nou doet, een nepbom met een dreigbrief achterlaten.

„Welnu, heel eenvoudig”, zei hij. „Ik heb die doos in een plastic tasje gedaan en toen heb ik de trein naar Amsterdam genomen.” In de parkeergarage naast de Bijenkorf koos hij een auto. „Pakje eronder, brief je onder de ruitenwisser gedaan. En toen weer weggewandeld.”

Hij was directeur van een bouwbedrijf met 300 man personeel, dat nog meebouwde aan de Stopera. Zeven jaar voorzitter van de grootste aannemersorganisatie van Nederland. Benoemd tot officier in de Orde van Oranje-Nassau. Nu woont hij berooid in het tuinhuisje van zijn dochter.

In 1986 was hem verzocht mee te denken over een nieuw voetbalstadion. Híj bedacht het plan voor de bouw, financiering en exploitatie van de Amsterdam Arena, zegt Terlingen, en toen is hij buitenspel gezet.

Inderdaad is hij door een arrestatieteam van zijn bed gelicht, op verdenking van hypotheekfraude. Ging zijn bedrijf kapot. Werd hij niet vervolgd voor die fraude. Stond er een tijd ‘zware mishandeling’ op zijn strafblad, terwijl hij daarvoor evenmin is vervolgd. Ook het systeem bleek niet feilloos.

In de rechtszaal nam Terlingen al zijn bedreigingen ruimhartig voor zijn rekening. Toen overhandigde hij („Laat ik eens gul zijn”) iedereen een kartonnen dossiermap met zijn verhaal over de Arena. Hier was het hem om te doen: „Mijn doel was niet die mensen op enige wijze te beschadigen. Mijn doel was bij u te komen.”

Dick Terlingen wil, met volledige naam, gehoord worden. Steeds opnieuw, al ruim 25 jaar. „Een helder verhaal”, concludeerde de rechter een half uurtje later droogjes, „maar het roept wel een paar vragen op.”

De miljoenenvorderingen van Terlingen waren namelijk al eens tot in hoogste instantie door de rechtbank afgewezen: „Dan is de zaak toch af?”

Dick Terlingen kon zich daar dus niet bij neerleggen.

Zijn vrouw kan de spanning intussen niet meer aan en heeft een psychiater. Maar Terlingen zelf wordt in zijn psychische rapportage van justitie beschreven als een prima kerel: aardig, benen op de grond, volstrekt normaal.

Het OM eiste desondanks gedragstherapie, een contactverbod en een gevangenisstraf van 137 dagen voorwaardelijk na aftrek van voorarrest. Met een extra lange proeftijd van 3 jaar. Niet helemaal onbegrijpelijk.

Als niemand mij hoort, kan ik alleen maar schreeuwen, hield misschien wel de meest boze burger van Nederland vol. En toen zwaaide hij vriendelijk gedag.