Brugklas

In het kennismakingsgesprek vraagt de mentor van de brugklas mijn zoon naar zijn slechte en goede eigenschappen.

Hij denkt na. „Ik kan niet tegen onrecht”, zegt hij dan. „Dan kan ik echt boos worden.”

„En wat zijn je goede eigenschappen?”, vraagt de mentor.

„Ik ben aardig en behulpzaam en altijd mobiel goed bereikbaar.”

Hans Janssens