Wat je beter niet kunt zeggen op vergaderingen

Foto Thinkstock

Weer een lange vergadering vandaag? Sommige dingen kun je dan beter niet zeggen: dat het (te) laat is geworden in de kroeg gisteren, dat je niets hebt voorbereid, dat je collega een slecht idee heeft en niemand het met hem eens is, of dat je vandaag geen zin hebt.

Zes dingen die je je beter niet kunt zeggen op vergaderingen – afkomstig van zakensites Business Insider, Forbes en Inc.com.

1. ‘Er zijn geen slechte ideeën’

Aanmoedigen is goed, en iedereen wil een open werkcultuur waarin collega’s iets durven te zeggen, om de discussie en inbreng van nieuwe ideeën levendig te houden. Maar slechte ideeën bestaan wel degelijk, dat weet iedereen. Als collega’s werkelijk alles zeggen wat in hen opkomt, leidt het tot veel zinloze discussies.

2. ‘Het is misschien een slecht idee hoor, maar…’

Zeg het dan niet. „Dit is misschien een stom idee”, „ik weet het natuurlijk ook niet”, „ik hoorde ooit ergens dat we misschien iets kunnen met”. Waarom zou je jezelf naar beneden praten of ideeën twijfelend presenteren? Het vermindert je geloofwaardigheid – als je het zelf al niet vertrouwt, waarom zouden wij het dan wel doen?

3.‘Ík ben de baas’

Het tegenovergestelde werkt ook niet. Ideeën doordrukken, andermans punten onbelangrijk noemen, alles delegeren, sarcastische opmerkingen maken („nee, dát is een goed idee”) of kortaf zijn („ik heb je een mail gestuurd hoor”): doe het niet. Het zorgt er misschien voor dat de vergadering snel voorbij en zelfs efficiënt is, maar laat ook zien dat je bang bent de controle kwijt te raken. Een leider is nodig, maar neem de beslissingen niet alleen.

4. ‘Ik denk niet dat…’

In het verlengde van te veel de baas willen zijn: geen zaken op voorhand afschieten. „Dat kan niet”, „zo doen we het altijd”, „zo is het nou eenmaal”, „ik denk niet dat dit gaat werken” – het vroegtijdig afwijzen van verandering of ideeën is zonde van potentieel goede plannen. Stel liever vragen. Vergelijkbaar: „ik heb hier geen tijd voor” of „ik moet nu echt weer aan het werk”. Dat geeft het idee dat jouw tijd belangrijker is dan die van de rest.

5. ‘We kijken het nog even aan’

Variant hierop: „Wie pakt dit op?” Te afwachtend zijn is gevaarlijk. Wie wat doet en wat er moet gebeuren, moet voor het eind van de vergadering duidelijk zijn. Anders komt er onvermijdelijk een reeks vergaderingen waarin veel gesproken is maar weinig besloten. En is iedere vergadering vooral verloren tijd. Stel beslissingen niet uit.

6. ‘Ik denk dat je bedoelt dat…’

Ben je behulpzaam? Lief. Maar te behulpzaam komt denigrerend over. „Misschien heb je wel gelijk” (maar ik denk het niet), „goed bezig hoor” (ik mag dat zeggen), „ik snap wel waarom je dat denkt, maar…” (ik weet wel beter). Ook andermans bedoelingen uitleggen (want het lukt jou niet) geeft het idee dat de ander hulp nodig heeft, en dat jij het beter kunt.

Maar vooral belangrijk blijft: zeg wel íéts op vergaderingen. Liever het verkeerde zeggen dan net zo goed gemist kunnen worden.