‘Ik was het niet altijd eens met de koers’

Regisseur Johan Doesburg (59), voormalige artistiek leider, vertrekt bij het Nationale Toneel, deels tegen zijn zin.

Foto Pan Sok

Twintig jaar was Johan Doesburg (59) verbonden aan het Nationale Toneel in Den Haag. Hij was elf jaar artistiek leider en werkte de laatste drie jaar als vaste regisseur. Hij maakte gewaardeerde voorstellingen als Hamlet, Medea en Strange Interlude, ensceneerde werk van eigentijdse schrijvers en bracht succesvolle boekbewerkingen als Elementaire Deeltjes en De Prooi. Aan het einde van het seizoen vertrekt hij, half tegen zijn zin. „Het is een dubbel gevoel. Maar ik ben vooral dankbaar en trots.”

Is uw vertrek uw eigen keuze?

„Het was een gemeenschappelijk, conflictloos besluit. Toen Theu Boermans drie jaar geleden als artistiek leider bij het gezelschap kwam, heb ik een stap teruggedaan. Dit is de logische volgende stap. Destijds heb ik overwogen te vertrekken. Toen besloot ik anders. Het is moeilijk om tegen jezelf te zeggen: joh, ga nou maar.”

Waarom gaat u nu wel?

„De nieuwe Kunstenplanperiode nadert; volgend jaar moeten de plannen voor 2017 rond zijn. In die plannen heb ik geen plek. Theu heeft de eerste jaren veel buitenshuis gewerkt – hij was nog betrokken bij Soldaat van Oranje, maakte Anne en De Prooi op tv. Met instemming van het bestuur, maar het is niet goed voor het gezelschap. Maar hij zegt, en dat snap ik ook wel, dat hij niet méér bij het NT kan doen, omdat ik er ook ben. Ik maak elk seizoen tenminste een voorstelling in de grote en één in de kleine zaal, en gebruik middelen – geld, ruimte, acteurs – die niet door hem kunnen worden benut. Bovendien maken we werk in het zelfde genre – het klassieke toneelrepertoire. Ik zit daar dus in de weg.

„Er zijn grote verschuivingen gaande. We kregen er voor minder geld steeds meer taken bij. De organisatie barst uit haar voegen – ik heb al twee jaar geen bureau meer. Acteurs met wie ik met liefde veel heb gewerkt, zoals Ariane Schluter, zijn vertrokken. En ik was het ook niet altijd eens met de artistieke koers. Maar als je er zit moet je altijd loyaal zijn.”

Waar was u het mee oneens?

„Ik heb mijn bedenkingen bij de plannen voor meer internationale samenwerking. En bij het feit dat acteurs van het gezelschap alle ruimte krijgen om film en televisie te doen – dan is het moeilijk om als collectief te werken. Een oud pijntje is dat ik als artistiek leider kort voor zijn komst vijf jonge acteurs had aangenomen, onder wie Sophie van Winden en Xander van Vledder, en dat Theu hun contract niet heeft verlengd. Zij verdwenen en ik bleef zitten – een moeilijke morele spagaat. Dat zijn elementen die bijdragen aan mijn besluit.

„Daarbij: ik zit er al twintig jaar. Naast Theu en Casper Vandeputte, die 28 jaar is, heeft het gezelschap nu een jonge regisseur nodig met ervaring in de grote zaal.”

Hoe kijkt u terug?

„Ik ben bij het NT gegaan omdat ik Shakespeares in de grote zaal wilde doen. Dat heb ik kunnen doen, en meer. Ik heb prachtige voorstellingen mogen maken, met fantastische acteurs gewerkt: Ariane, Gijs Scholten van Aschat. Veel van hen hebben prijzen gewonnen voor hun rol in mijn producties, daar ben ik trots op.”

En wat gaat u nu doen?

„Ik ga freelancen, dat is spannend want het is een krappe markt. Ik krijg een beetje geld mee, dus ik kan het even uitzingen, maar misschien ben ik volgend jaar wel genoodzaakt een tweedehands boekhandel op Kreta te beginnen. Een breuk in het bestaan kan verfrissend werken: ik ga de vrijheid tegemoet. Maar er is ook melancholie, want ik weet wat ik achterlaat.”