Eiland vol sidderalen en honden met dodokoppen

Charles Avery, Untitled (Tetra Cube), 2014 Foto Grimm Gallery

Wie de nieuwe tentoonstelling What’s so great about Happiness? van Charles Avery bij de Amsterdamse Grimm Gallery ziet, beseft meteen dat diens wereld steeds complexer aan het worden is.

Avery werd een jaar of acht geleden bekend met The Islanders, een grote serie tekeningen en beelden die allemaal spelen op een zelfbedacht en onbenoemd ‘eiland’ – dat iedereen als ‘fictief’ zou omschrijven, ware het niet dat het voor de Schotse kunstenaar zelf even reëel schijnt te zijn als Sicilië of Nieuw-Zeeland. Vanaf dat moment werd duidelijk dat het eiland, en vooral de hoofdstad Onomatopoeia, Avery’s levenswerk is.

Elke nieuwe tentoonstelling (en dat zijn er veel want Avery’s werk is populair) toont nieuwe aspecten van dit eiland en haar bewoners, variërend van hun voorkeur voor vreemde hoofddeksels, of hun fascinatie voor curieuze kristalstructuren en vreemde dieren als gevormde kraanvogels, sidderalen en hondfiguren met dodokoppen.

En toch, zoals altijd bij goede fantasielanden, is duidelijk dat er heel veel verbanden zijn met onze wereld. Voorlopig hoogtepunt, in dat opzicht, was een tentoonstelling bij de Londense galerie Pilar Corrias met Avery-tekeningen over Onomatopoeia’s museum voor moderne kunst, waarin plotseling werken van kunstenaars als Sol LeWitt, Jeff Koons en Bridget Riley bleken op te duiken.

Avery’s wereld is dus rijk, groots en uitdijend, maar het probleem is wel dat je er als toeschouwer moeilijk grip op krijgt. Avery vertelt met zijn werken een heel groot verhaal, verspreid over verschillende exposities, en als toeschouwer ben je je er voortdurend van bewust dat je heel veel mist. Elke Avery-expositie is niet alleen een confrontatie met nieuwe delen van het eiland, maar wordt ook steeds nadrukkelijker een confrontatie met de vele lege plekken die nog lang niet zijn opgevuld en dat misschien wel nooit zullen worden.

Dat roept de vraag op in hoeverre Avery zelf de reikwijdte van zijn werk al overziet (ik moest denken aan Harry Potter-schrijfster J.K. Rowling en de vraag of zij bij deel 1 al wist hoe deel 7 zou eindigen) en wat de grote verbanden zijn binnen dit project – misschien weet hij het zelf ook wel niet.

Dat nekt zich een beetje op een tentoonstelling als deze bij Grimm, waar het vooral gaat om de ‘eilanders’ en waar de verbanden en de symboliek die je graag verder zag uitgediept (want Avery’s werk is prikkelend genoeg) nauwelijks aan bod komen. Al moet gezegd worden dat het Island-design (inclusief tafels en wijnkaraf) soms intrigerend is.

Deze tentoonstelling is daarmee voor Avery-fans niet te missen, maar of hij er veel nieuwe zielen mee zal winnen, lijkt me twijfelachtig.