Column

Die Schotten, zijn dat nou net Friezen?

Annigje Toering (63) is erbij vandaag als de Schotten over hun nationale onafhankelijkheid stemmen. De fractievoorzitter van de Fryske Nasjonale Partij (FNP) in de Friese Staten vliegt naar Edinburgh met een delegatie van achttien FNP’ers. Aan de vooravond van het vertrek verheugt zij zich al op „het feest van de democratie. Dat is toch geweldig, dat je mag beslissen?”

Anders dan de Scottish National Party streeft haar partij geen nationale afscheiding na – al zijn er, zegt Toering, FNP-leden die „wel verder willen gaan dan nu”. Maar in de Schotse motivatie – dat er vanuit Londen te veel over, en te weinig mét Schotland is beschikt – kan zij zich volledig verplaatsen. „Den Haag vindt Friesland vér weg. Nederland is het Koninkrijk Randstad.”

Dat blijkt op tal van terreinen: cultuur, zorg, onderwijs, ruimtelijke ordening. Verontwaardigd heeft ze kennis genomen van leden van de Raad voor Cultuur die onlangs opperden dat hoogwaardige, professionele cultuur eigenlijk tot de grote steden, dus de Randstad, beperkt kan blijven. En dan was er de Tweede Kamer die tot verrassing van de provinciale bestuurders in een motie meent te kunnen bepalen waar in Friesland de nieuwe windmolens moeten komen. Waarom kan de Friese lokale overheid over zulke zaken niet naar eigen inzicht beschikken, vraagt Toering zich af. Zonder regeltjes en ambtelijke inmenging uit Den Haag?

Een boerendochter is ze en ze maakte carrière in de provinciale onderwijsbegeleiding. Ze raakte in de politiek verzeild toen na het jaar 2000 de kinderen het huis uit waren. De FNP ontstond in de jaren zestig, en streefde aanvankelijk vooral naar officiële erkenning van de Friese taal. Dat streven is zeer succesvol geweest: op de scholen wordt Fries nu onderwezen, en de dit jaar van kracht geworden Taalwet geeft de burger het recht in alle contacten met de overheid, en in de rechtspraak, het Fries te gebruiken. Zelfs de 112-meldkamer in Drachten verstaat nu Fries.

Friezen hebben sterke argumenten voor het predicaat ‘natie’: taal, lange en van de rest van Nederland afwijkende politieke geschiedenis. Anders dan in Schotland dus uit zich dat niet in separatisme – wel in streven naar meer bestuurlijke autonomie. De FNP wil een ‘middenpartij’ zijn – ergens tussen de solidariteit van de socialistische tradities en „mienskipsin”, oftewel gemeenschapszin. De FNP is geen kleine partij: vier Statenzetels, een gedeputeerde, 59 raadsleden in 16 van de 24 Friese gemeenteraden, negen wethouders – en (indirecte) vertegenwoordiging in Eerste Kamer en Europarlement.

Het stoort Toering als buitenstaanders aannemen dat het Friese nationale streven behoudend en naar binnen gekeerd is: „Er zijn heel veel contacten met partijen en bewegingen overal in Europa, die zich tegen misplaatst centralisme verzetten.” Het streven naar meer autonomie heeft op veel plaatsen de wind in de zeilen. Hoopt ze dat het ‘Yes’ wint in Schotland? „Om je de waarheid te zeggen, maakt me dat niet zoveel uit. Belangrijk is dat zo’n democratisch proces mogelijk is. Dat ‘ze’ naar je moeten luisteren.”