Temmen van cool racemonster kost heel veel blauwe plekken

Olympisch zeilen moet meer spektakel bieden. Een nieuwe vrouwenskiff, de 49er FX, steelt de show in Santander. En Nederland blijkt er goed in.

Annette Duetz (links) en stuurvrouwAnnemiek Bekkering in de 49er FX. Foto Ocean Images

Het zijn de acrobaten onder de zeilers. Twee meiden in de trapeze, dansend op de zijvleugel van een wankel bootje. Rennend en springend om de ranke skiff in balans te houden. Want wie een fout maakt is af – en gaat meedogenloos het water in.

Races van de 49er FX, de nieuwste en snelste boot in het olympische vrouwenzeilen, zijn puur spektakel in de Bahía de Santander. Niks chillen op een blauwe zee – dit is zeilen met blauwe plekken op alle ledematen. „Heel fysiek, heel sportief en heel instabiel”, zegt Annemiek Bekkering (23), die gisteren met Annette Duetz (21) begon aan haar WK aan de Spaanse noordkust, op weg naar het olympische debuut van de skiff in Rio.

Zeilen moet sneller, spannender en flitsender, vindt het Internationaal Olympisch Comité (IOC), om de sport aantrekkelijker te maken voor jongeren, sponsors, toeschouwers en televisiekijkers. De 49er FX beantwoordt volledig aan dat profiel, vindt Bekkering. Haar zeilmaatje Duetz vergelijkt het met volleybal en beachvolleybal. „Wij zijn een beetje cooler dan de andere zeilers”, zegt ze met een lach.

De nieuwe skiff, die de olympische status kreeg na Londen (2012), is een afgeremde afgeleide van de vederlichte 49er die al sinds Sydney (2000) bij de mannen op het programma staat. Het getal verwijst naar de lengte van de boot (4,99 meter); FX staat voor Female eXtreme. Om de bedoelingen van de boot nog maar eens te onderstrepen. Bij de vrouwenversie zijn de mast, en dus ook de zeilen, wat kleiner dan bij het origineel.

En, eerlijk is eerlijk: vergeleken met het nieuwe racemonster zijn klassieke boten als de Star (al in 1932 een olympische klasse) en de 470 (van 1976) ware museumstukken.

Bekkering en Duetz kozen al jong voor de skiff, volledig tegen de Nederlandse cultuur in: skiffzeilers komen uit Groot-Brittannië of Australië, Nederlanders maken carrière in klassieke boten, zoals recreanten varen in een Zestienkwadraat of een Regenboog. Oud hout – in zeilkringen.

Maar de olympische toekomst ligt elders, bij boten van licht koolstofvezel die vliegen over het water: catamarans, 49ers, kitesurfers, draagvleugelboten die nauwelijks contact maken met de zee. Het lijkt een kwestie van tijd of ook die laatste twee zijn olympisch. Bekkering: „Ik vind de 49er FX mooi door de snelheid. Echt een uitdaging om te varen, nooit saai. Je moet heel atletisch zijn om de boot overeind te houden, zeker bij de start, als je stil ligt. Doe je niks, dan sla je om.”

Het was een waar slagveld, vorig jaar in het Nederlandse kamp, kort nadat de nieuwe vrouwenboot was geïntroduceerd. Het Watersportverbond, vol ambities, tuigde een olympisch programma op voor Rio, maar aanvankelijk was het M*A*S*H te water: Annemieke Bes brak haar kaak, de jonge Dominique van Asselt scheurde een knieband, Nina Keijzer brak bijna haar rug. Bekkering belandde in het ziekenhuis met een diepe wond in haar kuit. De zeilsters hadden ‘het coole bootje’ nauwelijks onder controle. Volgens Jacco Koops, namens het Watersportverbond begeleider van de 49er FX, was het een kwestie van „onervarenheid”.

De blessures vallen dit jaar mee - voor wie de diepzwarte bloeduitstortingen op de armen en benen van Bekkering en Duetz niet meetelt. „We leren nog steeds heel veel in deze boot, maar dat geldt voor alle zeilers in deze klasse”, zegt Bekkering.

Wat heet: het Nederlandse duo is van wereldklasse. Bekkering eindigde bij de laatste tien internationale evenementen altijd bij de beste zeven. Bij de pre-olympische testwedstrijden in Rio werd ze vorige maand derde, met Duetz. Dat betekent dat ze zich in Santander al kunnen verzekeren van een olympisch startbewijs als ze deze week op het podium eindigen. Voorwaarde is wel dat hun concurrenten, het duo Blom en Keijzer, buiten de toptien vallen. „Het zou megachill zijn als het nu al lukt”, zegt Bekkering.

Het zou zo maar kunnen. Bekkering en Duetz, getraind door de Britse oud-49er Rick Peacock, zeilden gisteren bij hun eerste twee races bij de beste zes. De derde race – ze lagen comfortabel derde – werd ruw afgeblazen. Bij het serveren van de eerste tapas voor het publiek langs de Cantabrische kust was de wind zelfs voor hun boot een paar beaufort te licht.