Rutte II geeft oppositie munitie

Ondanks een gunstig budget krijgt de oppositie alle kans het kabinet onder vuur te nemen. Zij eist snel een plan voor belastinghervorming.

Premier Rutte met (vlnr.) Sybrand Buma (CDA), Arie Slob (CU) en Alexander Pechtold (D66) vanmorgen in de Kamer. Foto David van Dam

Gebrek aan ambitie: het werd de buzz van Prinsjesdag. Rutte II zou achterover leunen en te weinig nieuw beleid presenteren.

Vandaag blijkt dat het kabinet de ‘constructieve’ en de ‘gewone’ oppositie weer bij elkaar brengt. Zij richten zich primair tegen het besluit van VVD en PvdA om de aangekondigde hervorming van het belastingstelsel op de lange baan te schuiven.

De fractievoorzitters Pechtold (D66) en Buma (CDA) kwamen in onderling beraad overeen dat ze het kabinet zullen oproepen uiterlijk 1 februari 2015 te komen met een uitgewerkte belastinghervorming. Vanmorgen bleek dat fractieleider Slob van de ChristenUnie, nog een lid van de constructieve oppositie, van plan is D66 en CDA in hun oproep te steunen.

Een oproep tot het politiek nagenoeg onmogelijke: afgelopen zomer bleek dat het VVD en PvdA ontbreekt aan geld en, vooral, politieke ruimte om een nieuwe hervorming bovenop het ingrijpende pakket van de afgelopen twee jaar te stapelen.

Ziehier het netto resultaat voorafgaande aan de Algemene Politieke Beschouwingen die vanmorgen begonnen: het kabinet, dat voor het eerst in jaren een begroting met relatief positieve vooruitzichten presenteerde, een begroting waarvoor een ruime meerderheid in de Kamer bestaat, werd toch weer in het defensief gedwongen.

Hetzelfde kabinet dat het afgelopen jaar keer op keer het verwijt kreeg te snel en te ingrijpend te willen hervormen, is voor de oppositie nu ineens een ploeg die „de problemen voor zich uitschuift” (Buma) en een „machteloze Miljoenennota” (GroenLinks-links leider Van Ojik) presenteert.

Pechtold, medeverantwoordelijk voor de begroting, zette de toon. De werkloosheid is domweg te hoog om nu achterover te leunen, zei hij: meer haast en daadkracht is geboden. Ook de Raad van State, belangrijkste adviesorgaan van de overheid, mist „de urgentie en noodzaak” tot „concrete maatregelen of hervormingen”. Vrij vertaald: kabinet, blíjf hervormen.

In zekere zin, beaamden sommige coalitiepolitici, krijgt premier Rutte een koekje van eigen deeg. Als oppositieleider tijdens het kabinet-Balkenende IV wist hij de uitblijvende hervormingen onder dat kabinet te presenteren als een blijk van politieke lethargie. De kritiek leidde het herstel van de VVD in de peilingen in – en brandmerkte Balkenende IV als kabinet dat niets uit zijn handen kreeg.

Vanuit de coalitie wordt erop gewezen dat het kabinet wel degelijk nog vol ambitie zit – maar dan vooral in de uitvoering van reeds door het parlement aanvaarde hervormingen. Kijk maar naar de langdurige zorg, de woningmarkt, de arbeidsmarkt, het energieakkoord en het leenstelsel voor studenten. En dan zijn er nog nieuwe projecten, zoals een nieuw pensioenstelsel en de uitvoering van de ‘omgevingswet’ die de ruimtelijke ordening op de schop neemt. „Me dunkt dat de agenda propvol zit”, zei Rutte gisteren tegen journalisten in het Torentje.

Toch zat er voor 2015 niets anders op dan een „behoedzame” begroting te maken, zei minister Dijsselbloem (Financiën, PvdA) gisteren bij de presentatie van de Miljoenennota. Het economische herstel is broos en de internationale situatie onzeker, dus hoedt het kabinet zich voor „al te stellige uitspraken over de toekomst”.

In oppositiekringen waren ze gisteravond aangenaam verrast over de wijze waarop het kabinet uitpakte met het de facto uitgestelde plan voor belastinghervorming. Zo kreeg de oppositie „een cadeautje” voor de Algemene Beschouwingen: een relatief gunstige begroting verdoezelen door te hameren op een plan voor later.