Hoe VandenEnde Unseen hielp

Unseen werd drie jaar geleden opgericht met steun van het Blockbusterfonds. Unseen wil economisch zelfstandig zijn, maar zover is het dit jaar nog niet.

Voor de campagne van Unseen maakte Lorenzo Vitturi een kunstwerk en fotografeerde dat in verschillende stadia. Foto Lorenzo Vitturi

Unseen is sinds de eerste editie, in 2012, altijd meer geweest dan een fotografiebeurs. „A fair with a festival flair”, luidt niet voor niets het motto. Ook dit jaar worden op het Amsterdamse Westergasfabriekterrein tal van nevenactiviteiten rondom de hoofdbeurs georganiseerd: exposities over Japanse en Amerikaanse fotografie, shows en prijzen voor jong fotografietalent, een interactief kunstwerk waarin bezoekers zichzelf kunnen laten fotograferen, een laboratorium met nieuwe fotografiesnufjes, een beurs voor fotoboeken, paneldiscussies, lezingen en een grote ‘foodmarket’.

Zonder het Blockbusterfonds zou Unseen waarschijnlijk nooit zo’n grootschalig evenement zijn geworden. Marloes Krijnen, de directeur van fotografiemuseum Foam, klopte in 2011 precies op het goede moment aan bij bij de VandenEnde Foundation toen zij ondersteuning zocht voor het plan voor een fotografiebeurs dat zij met twee creatieve bedrijven, bureau Vandejong en Platform A, had ontwikkeld. Samen met de BankGiro Loterij, het Prins Bernhard Cultuurfonds en het VSBfonds was VandenEnde juist bezig om een fonds op te richten om grote culturele evenementen mogelijk te maken. Unseen was een goed voorbeeld om duidelijk te maken hoe hij met dit Blockbusterfonds het ondernemerschap in de culturele sector wilde bevorderen.

Het fonds gaf Unseen bij de start een investeringslening van 300.000 euro, waarvan onder meer de standbouw en de beursinrichting van Unseen kon worden betaald. Bij de tweede editie kwam hier nog 90.000 euro bij. Van die lening is inmiddels 245.000 terugbetaald; 145.000 staat nog open en moet in principe voor het eind van het jaar worden terugbetaald. Daarnaast kreeg de beurs jaarlijks een lening van 2 ton die telkens aan het eind van het jaar moest worden terugbetaald. Dat is tot nu toe beide keren gelukt.

Onderdeel van de afspraken met het Blockbusterfonds is dat BankGiro Loterij prijzenpakketten inkoopt bij Unseen, zoals entreebewijzen en vouchers waarmee loterijwinnaars een kunstwerk mogen uitzoeken. Het eerste jaar leverde dat Unseen meteen 580.000 euro aan inkomsten op. De bijdrage van de BankGiro Loterij daalde vorig jaar naar 391.225 euro en bedraagt dit jaar 291.338 euro.

Die stapsgewijze verlaging past in het streven van het Blockbusterfonds om Unseen economisch zelfstandig te laten worden. Zover is het nog niet. Volgens de balans over 2013 is de schuldenlast dat jaar gedaald met 142.903 euro. Daar daar staat tegenover dat de fotografiebeurs een negatief eigen vermogen heeft dat eind vorig jaar opliep tot 117.570 euro. Unseen heeft nog maar weinig geld in kas. De liquide middelen liepen terug van 90.591 naar 8.717 euro.

Op de balans stonden kortlopende schulden van 293.595 euro. Volgens directeur Sasha Stone van Unseen zijn die begin 2014 „grotendeels” terugbetaald. Hoeveel schulden er nu nog zijn, afgezien van het restant van de investeringslening van het Blockbusterfonds (145.000 euro) en de dit jaar geleende 2 ton, is onduidelijk.

„We wilden Unseen internationaal hoog positioneren tussen andere beurzen”, zegt Stone. „Daarom moesten we de eerste jaren fors investeren. Het geld van het Blockbusterfonds hebben we gestoken in een mooi en duurzaam beursontwerp dat nog jaren meekan. Ook hebben we veel geld uitgegeven aan pr en marketing, om onze naamsbekendheid in het buitenland te vergroten. Dat heeft gewerkt, want in het buitenland hebben we een goede naam. Ons streven is om tweederde galeries uit het buitenland te trekken, en daar zijn we dit jaar in geslaagd. Ook het aantal buitenlandse verzamelaars dat onze beurs bezoekt neemt gestaag toe.”

Stone heeft er vertrouwen in dat het lukt de leningen terug te betalen. „Naast het Blockbusterfonds zijn nog andere inkomstenbronnen: subsidie van de gemeente Amsterdam en het Amsterdams Fonds voor de Kunsten, sponsors en inkomsten uit de beurs, zoals uit de verhuur van stands en kaartverkoop.”

Amsterdam verstrekte de eerste twee jaar 60.000 euro evenementensubsidie, dit jaar is dat afgebouwd naar 25.000 euro. Het Amsterdams Fonds voor de Kunsten geeft dit jaar 32.500 euro om een aantal gratis toegankelijk activiteiten op het festivalterrein mogelijk te maken.

Hoe hoog de inkomsten uit sponsoring zijn, maakt Unseen niet bekend. Stone wil wel een percentage noemen: „De helft van onze inkomsten komt dit jaar uit sponsoring en subsidies. Dat was vorig jaar ook zo, maar het bedrag is dit jaar iets opgelopen.”