Voor Quotumwet telt niet iedere gehandicapte mee

Door een nieuwe wet moeten gehandicapten aan het werk worden geholpen. Maar wie past erin en wie niet?

Het is een ‘dreigwet’ en nog lang geen echte. Toch is er al veel onrust over de Quotumwet, die bedrijven met meer dan 25 werknemers verplicht om een minimaal aantal gehandicapten in dienst te nemen. Het is een wet voor op de plank. Als bedrijven de komende jaren 100.000 gehandicapten aan het werk helpen, zoals de werkgevers hebben beloofd, zal de Quotumwet niet van kracht worden. De Tweede Kamer moet in het najaar over het wetsvoorstel beslissen. Gisteren praatten Kamerleden met gehandicapten, belangenbehartigers en ondernemers. Ze hadden bijna allemaal harde kritiek. De wet ‘stigmatiseert’ en ‘discrimineert’: de ene gehandicapte valt er wel onder, de andere niet.

1 Wie telt dan precies mee voor zo’n quotum?

Alle gehandicapten met een ‘Wajonguitkering’ die nog wel voor een deel kunnen werken. En mensen die nu nog op de wachtlijst staan voor een plek in een sociale werkplaats. Zij moeten van staatssecretaris Jetta Klijnsma (Sociale Zaken, PvdA) als eersten in aanmerking komen voor de 100.000 arbeidsplaatsen die bedrijven moeten creëren om de Quotumwet te vermijden. Ook gehandicapten die niet zelfstandig het wettelijk minimumloon kunnen verdienen, komen in het ‘doelgroepregister’: als ondernemers daaruit nieuwe werknemers halen, tellen die mee voor het quotum.

2 En wie hoort er dan niet bij?

In de Tweede Kamer zat een groep slechtzienden op de eerste rij: met gele vestjes om elkaar te herkennen en drie honden voor de begeleiding. Ze zijn boos. Velen van hen zijn goed opgeleid en kunnen, als ze werk vinden, makkelijk meer dan het minimumloon verdienen. Als ze van uitkeringsinstantie UWV niet het etiket ‘Wajonger’ hebben gekregen, maar bijvoorbeeld een WIA- of een WAO-uitkering hebben (of niks), dan maken ze nu vrijwel geen kans meer op een baan. Een werkgever zou hun werkplek fors moeten aanpassen. En wie wil dat nog, als zo’n gehandicapte toch niet meetelt voor de Quotumwet? Ook gehandicapten die zich op de werkvloer zo goed ontwikkelen dat ze wel het minimumloon kunnen verdienen, moeten zich zorgen maken: eerst telden ze nog wel mee, als ze heel productief worden niet meer.

3 Waarom is het zo geregeld?

Werkgevers en vakbonden hebben in 2013 in het sociaal akkoord met het kabinet afgesproken dat 100.000 gehandicapten in ‘gewone’ bedrijven aan het werk gaan en 25.000 bij de overheid. De sociale werkplaatsen, die door de regering worden gezien als een dure voorziening, krijgen er geen werknemers meer bij. Ook de populaire Wajong-regeling werd veranderd: gehandicapte jongeren die volgend jaar 18 worden en deels kunnen werken, komen daar niet meer in. Wie nu een Wajong-uitkering heeft, wordt herkeurd.

Om die twee groepen toch te helpen, krijgen zij voorrang bij de beloofde banen. In het parlement zeiden de voorzitters van werkgeversvereniging VNO-NCW en vakcentrale FNV, Hans de Boer en Ton Heerts, dat het niet hún idee was geweest om die groepen „met een schaartje op te knippen” en de een meer kans te geven dan de ander. Het kwam van het kabinet en had te maken met „budgettaire beperkingen”. Met geld dus.

4 Hoe kijken Tweede Kamerleden aan tegen de wet?

De SP is fel tegen de ondergang van de sociale werkvoorziening. Het CDA vindt dat je ondernemers moet belonen als ze gehandicapten in dienst nemen – daar zijn manieren voor bedacht – en niet straffen (in de wet is de boete 5.000 euro per niet geplaatste werknemer per jaar). Bij D66 wordt nagedacht: is er geen manier om ook andere gehandicapten toch te laten meetellen? De PvdA is daar niet tegen, maar vindt dat dn ook het beloofde aantal van 100.000 extra werkplekken in bedrijven omhoog moet. En dat vindt de VVD weer geen goed idee. De ondernemers in hun achterban hebben nu al grote moeite met de wet: ze willen helemaal niet onder druk worden gezet om werknemers aan te nemen.