Kind met een groot mes

Gisteravond werden in Amsterdam de belangrijkste toneelprijzen uitgereikt. Portretten van de vier winnaars, in hun bekroonde rol.

Herien Wensink

Abke Haring (1978) studeerde aan het Vlaamse Herman Teirlinck instituut en is verbonden aan het Antwerpse Toneelhuis. Haar vertolking van Jeanne d’Arc in Bloed & rozen. Het lied van Jeanne en Gilles (2011) is veelgeprezen. Als maker brengt ze fascinerende, vervreemdende performances die bijna theatrale installaties zijn. Foto Jan Versweyveld

Fragiel maar vastberaden, dat was de gedroomde Hamlet volgens Tom Lanoye. Uiterlijk een kind, klein en kwetsbaar, maar van binnen brandend van volwassen dadendrang. Lanoye, bewerker van Shakespeares beroemdste tragedie, en regisseur Guy Cassiers zagen die kenmerken in actrice Abke Haring (1978), die zij de titelrol gaven in Hamlet versus Hamlet van Toneelgroep Amsterdam en het Toneelhuis. De jury van de Toneelprijzen zag het ook. Zij bekroont Haring dit jaar met de Theo d’Or, de prijs voor beste vrouwelijke dragende rol van het seizoen.

Haring is een vrouw, maar een met een androgyne uitstraling: jongenscoupe, gespierd-tengere gestalte, een bronzen stem en zachte, vochtige ogen in een krachtig, uit steen gehouwen gezicht. Die combinatie van kwetsbaarheid en „innerlijke kracht” (Lanoye) maakt haar Hamlet direct spannend ambigu. Man noch vrouw, maar veeleer een onvoltooid mens, precies zoals Lanoye en Cassiers voor zich zagen.

Het sterkst is Haring als haar Hamlet klein mag zijn. Bang en boos tegelijk bedreigt hij zijn moeder met een mes. Schouders hoog opgetrokken, arm strak uitgestoken. Hij méént het, echt! Maar dat mes is hem te groot – een jochie met een speelgoedzwaard. Haring speelt Hamlet soms verbeten, dan weer mooi hulpeloos en verward, met een vragende blik, een onhandig gebaar. Dat zijn roerende momenten. Ook de woedende monoloog op striemende muziek waarmee Hamlet zich vlak voor de pauze opzweept tot de daad, is ijzingwekkend. Een kippenvel bevorderende cliffhanger.

Hamlet is een zware rol, topsport; een beproeving. Het scala aan emoties dat de getroebleerde kroonprins doormaakt is duizelingwekkend: de aanvankelijke inertie, na een intense worsteling uitmondend in puberale volharding en zelfs (geveinsde) waanzin. Het is het leven in één rol. Dat Haring die vele schakeringen spelen kan en de boog daarbij steeds gespannen houdt, is een prestatie. Haar technische kunnen is terecht veel geroemd. Maar op de première was haar spel nog iets te technisch, iets te knap. De grote controle deed soms wat artificieel aan, net als haar beheerste dictie, waarbij elke klinker nadruk krijgt. Dan zag het publiek geen personage, maar een acteerprestatie, en dat creëert afstand. Maar dat kan premièrespanning zijn geweest: later in de tournee zagen toeschouwers meer lucht in haar spel; minder zichtbare controle en meer schwung.

Hoe dan ook is Haring een enigmatische, hypnotiserende actrice, naar wie je kan blijven kijken. Haar Hamlet doet uitkijken naar, en verheugen op, de rollen die nog zullen volgen.