Contador toont zich de meester van het herstel

Nadat hij met een ernstige blessure uitviel in de Tour, wint Alberto Contador met de Vuelta toch een grote ronde.

Vuelta-winnaar Alberto Contador Foto AFP

Natuurlijk wees Alberto Contador met gevoel voor drama naar zijn rechterbeen, toen hij zaterdag bovenop de Puerto de Ancares de laatste bergrit van de Vuelta won en de eindzege veiligstelde. Nauwelijks twee maanden geleden brak de Spanjaard na een val in de Tour zijn scheenbeen en raakte hij ernstig gewond aan de rechterknie. En nu, na twee weken training op de fiets, is hij ‘gewoon’ alweer van begin tot einde de sterkste in een drieweekse ronde. „Dit is als een droom voor mij”, jubelde Contador gisteren na de door zijn landgenoot Adriano Malori gewonnen slottijdrit in bedevaartsoord Santiago de Compostela.

Volop spektakel in de Vuelta 2014, die op voorhand al een sterker deelnemersveld kende dan de Giro en zelfs de Tour. Wisseling van de leiderstrui in het begin, strijd tussen de toppers in de acht ritten met aankomst bergop. En vooral: opvallende comebacks. Zoals van Robert Gesink, die na een operatie aan hartritmestoornissen terugkeerde in de top. Zevende stond de kopman van Belkin voordat hij in de slotweek wegens privéomstandigheden naar huis moest. Dezelfde klassering die hij haalde bij zijn debuut in 2008. Chris Froome bleek hersteld van zijn val en opgave in de Tour, en eindigde als tweede. Achter de meester van het herstel, Contador, die de Spaanse ronde na 2008 en 2012 voor de derde keer won.

Het gebaar naar zijn been kwam in plaats van de vroegere pistoolschoten met duim en wijsvinger, die El Pistolero sinds zijn dopingschorsing naar aanleiding van de Tour 2010 achterwege laat. Zoals ook zijn cartouches bergop niet meer het venijn en de ausdauer hebben waarmee hij in het verleden iedereen aan gort reed. Maar zijn wilskracht is nog minstens even groot, zeker na zijn gedwongen opgave in de Tour. Al in de eerste meters van de openingsploegentijdrit vloog hij er op kop van de Tinkoff-Saxoploeg vol in. En in de slotweek beschikte Contador over de meeste inhoud. Wat hij in de voorlaatste rit nog eens ten overvloede demonstreerde door onweerstaanbaar achter de rug van Froome weg te springen in de slotkilometer van de laatste klim.

„Dit is een verbluffende prestatie van Alberto”, becommentarieerde ploegleider Steven de Jongh na afloop. „Het is ongelofelijk hoe hij terugkomt, nadat hij zichzelf een paar weken voor de Vuelta zelfs nog kansloos achtte om mee te doen. We begonnen aan de wedstrijd met het plan om in de laatste week misschien een ritzege te halen. Maar Alberto werd dag voor dag sterker. Toen moesten we de tactiek wel veranderen en voor het algemeen klassement gaan. Met twee ritzeges, en de eindzege kon het niet beter.”

De Jongh mag zeker een aandeel claimen in de goede prestaties van Contador dit seizoen. Na zijn bekentenis over epogebruik in de jaren negentig werd de Nederlandse oud-renner van onder meer TVM en Rabobank vorig jaar ontslagen bij het Britse Sky, waar hij als ploegleider de ‘geheimen’ had leren kennen van Tourwinnaars Bradley Wiggins en Froome: loodzware trainingen bij hoogtestages op Tenerife, gevolgd door een vormpiek in kortere rondes. Dan uitrusten en opnieuw bouwen.

Manager Bjarne Riis en eigenaar Oleg Tinkoff deden hun voordeel met die kennis. Als persoonlijke trainer mocht De Jongh zich volledig concentreren op de Tour-voorbereiding van de dure kopman. Contador verbeterde zichtbaar ten opzichte van vorig seizoen, won de Tirreno en Ronde van het Baskenland, en leek in topvorm voor de Tour. Na zijn gedwongen opgave in Frankrijk wilde hij per se alsnog rendement voor alle geleverde arbeid, dan maar in de Vuelta.

Acht grote rondes won de Spaanse renner tot nu toe, twee moest hij er later inleveren na zijn positieve dopingtest in de Tour van 2010. Hoewel de controles inmiddels verbeterden, wordt er bij opvallende comebacks nog altijd volop gefluisterd. Waarom kon Contador wel wat Froome niet lukte: na blessureleed in de Tour zijn topvorm halen in de Vuelta? Maar de Brit was ook eerder dit seizoen zelden zo goed als vorig jaar, toen hij iedereen declasseerde in de Tour. Slechts 1,10 minuut bedroeg het verschil nu tussen nummer één en twee, een stuk minder groot dan bijvoorbeeld de 7.37 minuut tussen Tourwinnaar Nibali en runner-up Péraud.

Wilco Kelderman (23) eindigde zijn tweede grote ronde van dit jaar als veertiende, op 25 minuten achter de winnaar. Vlak na zijn zevende plaats in de Giro leverde hij Contador en Froome fraai partij in de Dauphiné. In de Vuelta was fysiek het beste eraf, maar bleef het grote talent van Belkin ook na het uitvallen van kopman Gesink dapper volhouden. Om te zien hoe zijn Italiaanse generatiegenoot Fabio Aru (Astana) na een derde plaats in de Giro nu twee bergritten won en als vijfde eindigde. Zoals de Pool Rafal Majka (25) na een sterke Giro twee ritten en de bergtrui won in de Tour. Giro-winnaar Nairo Quintana (24) viel in Spanje na een val in de tijdrit uit.