Ik ga niet mee werklozen knuffelen in Ferguson

Na de rellen in Ferguson (Missouri, USA) volgt nu een horde vredestichters. Rosanne Hertzberger doet er niet aan mee. ‘Goedkope aflaat van blank ongemak is het.’

foto hollandse hoogte

Morgen ben ik uitgenodigd voor het Facebook-evenement ‘Jewish day of service in Ferguson’. Ik kan dat uitleggen: ik ben per ongeluk onderdeel geworden van een nogal vrijzinnige joodse gemeenschap hier in St. Louis. Zo’n gemeenschap waar ze eigenlijk liever homo’s dan hetero’s trouwen. Zo’n gemeenschap met een eigen moestuin. Waar de rabbijn lange haren heeft, gitaar speelt, en ten tijde van de rellen in Ferguson een beetje Bob Marley toevoegde aan de vrijdagavonddienst. ‘Everything’s gonna be alright’ (terwijl ‘I shot the sheriff’ toepasselijker was geweest).

De vrijzinnige joden zijn niet de enigen die vrijwilligerswerk gaan doen in Ferguson. Het stadje werd de afgelopen weken overspoeld met goed bedoelende mensen. Artiesten en kunstenaars lopen de jeugdhonken plat. Er zijn concerten ‘om te helpen genezen’. En elke kerkgemeenschap die zichzelf ook maar een beetje serieus neemt, is al een keer in een bus richting Ferguson gestapt om waterflesjes uit te delen, vredesliederen te zingen of met zwarte onbegrepen jongeren te huppelen. Een beetje rustig rondhangen als Ferguson-tiener is er niet meer bij met zoveel blije vrijwilligers.

Ik ga niet mee naar Ferguson zaterdag: ik voel me er hoogst ongemakkelijk bij. Ik kan wel duizend dingen bedenken die mis zijn met dit soort vrijwilligerstoerisme. Ferguson-knuffelen is een iets te goedkope aflaat voor het blanke ongemak. Een iets te makkelijke uitlaatklep voor de richtingloze veranderdrang. Ferguson heeft er zelf waarschijnlijk weinig aan. Criminaliteit en werkloosheid verdwijnen niet als je op straat roze cupcakes gaat verkopen. Kindergezichten schminken helpt niet tegen racisme.

Vrachtlading wereldvrede

In Nederland vond ik het ook al niets. Daar werd de doodknuffelstrategie bijvoorbeeld toegepast op het probleem van antisemitisme in de moslimgemeenschap. Als er weer eens iemand met een keppeltje was uitgescholden in Nieuw-West, of in de Schilderswijk zoals afgelopen week, volgde daarna altijd een poging het hele incident in de kiem te smoren door een vrachtlading wereldvrede over de betrokkenen uit te storten. Er werd thee gedronken, er werden joods-Marokkaanse praatgroepjes opgericht. De uitgescholden jood in Nieuw-West werd vrijwilliger bij de buurtwacht in diezelfde wijk. Er waren dialoogwandelingen, waar rabbijnen hand in hand met imams en dominees de straten onveilig maakten. Busladingen vol ROC-leerlingen werden naar de synagoge gesleept om ze daar te bedwelmen met een cocktail van verdraagzaamheid, tolerantie en begrip.

En die uitgescholden jood uit de Schilderswijk? Juist, die is twee dagen nadat het incident op televisie werd uitgezonden ook al bezig met een vredeswandeling in de buurt, hand in hand met zijn islamitische buurman.

Kotsmisselijk word ik ervan, om eerlijk te zijn. Die krampachtige blijdoenerigheid, die hoofddoek-hartje-keppeltje-kitsch. Maar het doet er niet zoveel toe wat ik ervan vind. Afgelopen dinsdag werd een onderzoek gepresenteerd naar de resultaten van de synagogebezoekjes van de ROC-leerlingen. De cijfers bevestigen het antisemitisme onder deze groep (20 procent zou niet bij een jood gaan eten), maar laten ook zien dat die negatieve associaties snel verdwijnen als ze een keer een kopje thee in de synagoge zijn gaan drinken.

Natuurlijk kun je daar duizend dingen tegenin brengen. Maar de pragmaticus moet erkennen dat dat theedrinken effectief is. Of in ieder geval effectiever dan de strategie waarbij je islamitische Nederlanders hard in het gezicht schreeuwt dat ze van joden moeten houden of anders maar moeten oprotten.

Nachtelijke onrust

Terug naar Ferguson. Waarom al die nachtelijke onrust zo plotseling ophield? Niemand weet het. Op een bepaald moment blijven de straten leeg. De camera’s verdwijnen. De troep wordt opgeruimd, en je hoort er nooit meer iets van. De rellen hebben zich nooit verspreid naar andere stadsdelen of andere steden, zoals in 2011 bijvoorbeeld wel in Londen gebeurde. Op een dag kwamen de relschoppers gewoon niet meer opdagen.

Wat overbleef waren de vredelievende demonstranten, die met borden langs de weg staan en townhall meetings organiseren. Wat overblijft, zijn de kerkgemeenschappen die waterflesjes uitdelen, de vrijzinnige Joden die gezichten schminken.

Het doet er niet echt toe hoe afgrijselijk ik het vind. Misschien heeft het wel geholpen. Misschien waren er op een bepaald moment gewoon te veel mensen met goede bedoelingen. Misschien werd de agressie wel gesmoord in een hele grote lading blijheid en wereldvrede.