‘Er valt nog genoeg te veroveren’

Topman Transavia aast op Europese passagiers van easyJet en Vueling

Bram Gräber, topman van Transavia Europe. „Mensen komen sneller terug als je ze een beetje netjes behandelt.” Foto ANP

Niet Alexandre de Juniac, de baas van Air France, of Camiel Eurlings, de baas van KLM, was het meest gewild na de persconferentie van Air France-KLM, gistermiddag in Parijs. Journalisten hadden vooral belangstelling voor Bram Gräber, de man die de kersverse dochtermaatschappij Transavia Europe gaat leiden. De plannen voor een Europese budgetmaatschappij zijn het meest tot de verbeelding sprekende onderdeel in het strategische vijfjarenplan dat Air France-KLM gisteren presenteerde.

Gräber (1965), sinds 1995 in dienst van KLM en van 2010 tot 2013 directeur van Transavia, staat voor een zware taak. Hij moet in drie jaar tijd een maatschappij opbouwen, met een naam die nu alleen bekend is in Nederland en Frankrijk. Het nieuwe Transavia moet gaan concurreren met budgetmaatschappijen easyJet en Ryanair. Air France-KLM investeert er 700 miljoen euro in en heeft doelen vastgesteld voor 2017: bij de top-5 van budgetmaatschappijen in Europa horen, marktleider in Nederland worden, grootste internationale maatschappij op Parijs-Orly zijn, meer dan 20 miljoen passagiers vervoeren (in 2013 waren dat er 9 miljoen) en 100 miljoen euro extra bijdragen aan het brutobedrijfsresultaat.

U moet wel heel snel groot worden. Waarom gaat dat lukken?

„We moeten flink aan de bak, maar we hebben een goede uitgangspositie. In Nederland en Frankrijk zijn we al sterk op de vakantiemarkt, met in elk land drie bases van waaruit we een mooi Europees netwerk hebben. We hebben een goede reputatie, en onze kosten zijn relatief laag.”

Maar zo veel marktaandeel veroveren op concurrenten die gespecialiseerd zijn in het drukken van kosten lijkt onmogelijk.

„Er valt voor ons genoeg te veroveren, dit is een groeimarkt. De strijd om de Europese vakantieganger is nog niet gestreden. De markt is nog niet geconsolideerd, er zullen heus nog wel wat partijen afvallen. We moeten ons bestemmingen slim kiezen: steden waar we de top 3 kunnen halen.

„Het zijn niet ook niet allemaal directe concurrenten. Ryanair en Wizz Air beschouw ik als ultra low cost carriers, dat is een ander segment. Wij worden de categorie low fare plus, net als easyJet en Vueling. Onze bodemprijs wordt 29 euro voor een enkele reis. De tijd dat je alleen maar budget- en reguliere maatschappijen had is voorbij. Er zijn heel veel opties, met diverse tarieven en serviceniveaus.

„Dat plus kan op verschillende dingen slaan, iedere maatschappij geeft daar een eigen invulling aan. Bij ons slaat het op onze uitstraling: vriendelijk. We zoeken nog naar een goede Engelse term. Bij Transavia Nederland hadden we de leus ‘Daar word je vrolijk van’, maar dat laat zich niet vertalen. Pleasant misschien. Mensen komen sneller terug als je ze een beetje netjes behandelt.”

Transavia Nederland en Transavia France gaan niet op in Transavia Europe. Waarom niet?

„De twee bestaande maatschappijen hebben afspraken met de werknemers die we niet willen verbreken. Door de nieuwe maatschappij apart te houden creëren we ruimte voor nieuwe voorwaarden.”

U bedoelt dat u de loonkosten extra laag kunt houden? Uw concurrenten zijn berucht om hun slechte arbeidsvoorwaarden.

„Onze arbeidsvoorwaarden zullen decent zijn, maar wel competitief. Het gaat vooral om flexibiliteit . We kunnen het ons niet permitteren om hele rare dingen te doen, maar we zullen op dit vlak wel iets competitiever worden dan de andere twee Transavia’s.”

Air France-piloten staken waarschijnlijk volgende week omdat ze vrezen dat de arbeidsvoorwaarden achteruit gaan en het uitbouwen van Transavia ten koste gaat van Air France. Begrijpt u hun zorgen?

„Eigenlijk niet. Ik sluit me aan bij wat Alexandre de Juniac hierover zei: waarom ga je staken als het bedrijf waar je werkt investeert in nieuwe banen? Dit is een win-winsituatie.”

Transavia heeft nu 44 toestellen. Volgende zomer zijn dat er 60, in 2017 100. Waar haalt u die vandaan?

„Ik kan daar geen details over geven, dat is concurrentiegevoelig. Ik kan wel zeggen dat het gaat om een mix van tweedehands en nieuwe toestellen. Doordat er wel eens een maatschappij inkrimpt of stopt, komen er toestellen op de markt.”

Transavia Europe krijgt volgend jaar drie standplaatsen in twee landen buiten Nederland en Frankrijk, en in 2016 nog zes. U wilt niet zeggen in welke steden. Waarom niet?

„Dat is ook concurrentiegevoelig. Onze concurrenten zijn erg mobiel en snel, als ik nu een stad noem kunnen ze daar binnen 24 uur een plek innemen. Waar we ons vestigen is cruciaal voor het slagen van de hele operatie. Het is nog niet helemaal rond, maar we weten precies waar we wezen moeten.”