Voorlopig heeft Schippers even rust

De relatie tussen de Tweede Kamer en minister Schippers is weer goed, na een hele reeks voornemens van haar kant. Maar de twijfels over het functioneren van de toezichthouder in de gezondheidszorg zijn niet volledig verdwenen.

Minister Edith Schippers (Volksgezondheid, VVD) tijdens het Kamerdebat over de NZa. Foto Novum

Het laatste deel van het Kamerdebat voerde minister Edith Schippers bijna fluitend. Met haar linker onderarm ontspannen steunend op het katheder praatte ze over de misstanden bij de Nederlandse Zorgautoriteit.

Om het eind van gisteravond met zoveel gemak te halen, moest minister Schippers (Volksgezondheid, VVD) aan het begin van het debat wel voortschrijdend inzicht vertonen.

Vorige week was ze – in de ogen van de voltallige oppositie en coalitiepartner PvdA – nog onderkoeld over de problemen bij de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Kritiek op de rol van haar ministerie in het aansturen van de in naam onafhankelijke NZa leek ze af te schuiven. Haar ministerie had zich niet meer met de Nederlandse Zorgautoriteit bemoeid dan volgens de regels mag, schreef ze. Fouten waren door haar voorganger gemaakt, niet door haar. „Aantijgingen” over declaraties en reisgedrag van inmiddels afgetreden NZa-bestuurders waren door een accountant weerlegd.

Toen kwam het debat: de relatie tussen het ministerie en de NZa was „niet goed”, en „te intens” en „moet anders”. Het reis- en declaratiegedrag van de NZa-bestuurders was „risicovol” geweest. „Ik vind het ook niet passen [...] als je het beeld krijgt dat er dingen niet in de haak zijn.”

Met deze toon en een hele reeks voornemens voor verandering verzekerde ze zich van de steun van coalitiepartij PvdA, en slaagde ze erin de ontevredenheid bij oppositiepartijen (voorlopig) te matigen.

De minister heeft een valse start gemaakt, zei CDA’er Hanke Bruins Slot aan het eind van het debat. Zij noemde de weg naar de eindstreep tegen middernacht „niet mooi”. Maar ze constateerde ook, na alle toezeggingen van de minister, dat „wij weer op het juiste spoor zitten”.

De machtige NZa

Wat gaat er eigenlijk níét veranderen bij de Nederlandse Zorgautoriteit, de toezichthouder die 90 miljard euro aan jaarlijkse uitgaven in de zorg bewaakt?

De lange reeks maatregelen die Schippers gisteren aankondigde, maken deel uit van een poging het vertrouwen in de NZa te herstellen. Er is dan ook sprake van een serieus probleem.

Sinds de afschaffing van het ziekenfonds en de komst van de basispolis in 2006 heeft de NZa een cruciale rol in het zorgstelsel. Met iedere stap van liberalisering – en sinds 2006 zijn er vele gezet – nam de verantwoordelijkheid van de NZa toe. Zorgverzekeraars hebben steeds meer de rol van de overheid overgenomen. Zij moeten garanderen dat de zorg toegankelijk en bereikbaar is. Ze mogen geen klanten weigeren, de basispolis moet voor iedereen hetzelfde zijn tegen hetzelfde tarief – voor jong en oud, ziek en gezond. En de NZa is ervoor om in de gaten te houden dat dit allemaal wordt waargemaakt. Ze past regels aan, handhaaft, legt boetes op, geeft belangrijke adviezen aan de minister en doet veel onderzoeken die belangrijk zijn voor het beleid van de minister.

Als die partij in opspraak raakt, raakt eigenlijk het Nederlandse zorgstelsel in opspraak. Want de NZa is de beschermheer van de patiënt die het gedrag van verzekeraars en medici in de gaten moet houden.

Zo dienen ook de huisartsen te worden bezien die gisteren het vertrouwen in de minister én de NZa opzegden. De Vereniging van Praktijkhoudende huisartsen, een wat radicalere brancheclub dan de LHV, wantrouwt inmiddels alle besluitvorming die haar achterban raakt. Dat komt door de harde conclusies van de commissie-Borstlap, die de misstanden bij de NZa onderzocht, en de stroom NZa-onthullingen in de media.

Goede voornemens

Schippers gaat de afstand tussen de NZa en het ministerie weer vergroten. Nu vergadert het departement te veel mee over rapporten en adviezen van de NZa die juist weer de basis van beleid voor de minister zijn. „Ik ben van mening dat dit niet goed is en dat de NZa veel meer op afstand moet staan”, zei Schippers.

Er is een cultuuromslag nodig bij de NZa. „Je kunt binnen wet- en regelgeving blijven, maar uiteindelijk gaat het over een breder terrein.” De NZa moet van de minister daarnaast met allerlei plannen van aanpak komen om problemen met ict-veiligheid, personeelsbeleid en declaratiegedrag op te lossen.

Ook onderzoekt de minister of er nog meer „schijn van ongerechtvaardigde inmenging” is van haar departement bij besluitvorming over individuele ziekenhuizen. „We hebben straks het hele ministerie ondersteboven gehaald”. Borstlap constateerde omstreden interventie bij een extra subsidie voor het Oogziekenhuis in Rotterdam. Ook een toezegging aan het Erasmus MC van 100 miljoen euro extra voor een nieuwbouwproject veroorzaakte ophef. Zijn er nog meer van zulke zaken?

En het allerbelangrijkste: Schippers preludeert al op een scheiding van toezicht en regelgeving van de NZa. De Kamerbrief met concrete voorstellen hiertoe laat nog een aantal maanden op zich wachten, maar de minister maakt er geen geheim van gecharmeerd te zijn van adviezen om de NZa in zijn huidige vorm op te knippen.

Voorlopig heeft Schippers zo rust. Maar het is niet ondenkbaar dat er nieuwe gevallen van bemoeienis tussen ministerie en NZa boven komen drijven. Sommige Kamerleden van de oppositie schermden er gisteravond al mee. Twijfels over de integriteit en kundigheid van het toezicht op de gezondheidszorg, kunnen dan lang doorzieken.