Familie De Slegte had Polare kunnen redden van faillissement

De familie De Slegte, van de vroegere boekhandelsketen De Slegte, speelde een cruciale rol in het faillissement van Polare begin dit jaar. Een vastgoeddeal tussen de familie en Polare, die in januari op een haar na rond was, had Polare van voldoende kapitaal kunnen voorzien om zijn rekening bij distributeur CB te betalen. De familie trok zich echter terug toen bekend werd dat Polare in nood was.

De familie De Slegte is eigenaar van het pand aan de Amsterdamse Kalverstraat waar Polare, en daarvoor De Slegte, gevestigd was. Paul Dumas, mede-eigenaar en directeur van Polare, wilde van het huurcontract af omdat de winkel vorig jaar was samengevoegd met die aan het Koningsplein, het huidige Scheltema.

Op 13 januari kreeg hij bericht dat de Britse confectieketen Topshop het pand aan de Kalverstraat wilde betrekken. Dit zou Polare 1,8 miljoen euro aan zogeheten sleutelgeld opleveren. Sleutelgeld is het bedrag dat een nieuwe huurder of verhuurder betaalt als de zittende huurder bereid is te vertrekken. De volgende dag zou de deal gesloten worden. Het bedrag was hard nodig omdat Polare weer een dag later, op 15 januari, een rekening van 2,4 miljoen euro aan CB betaald moest hebben.

CB is diezelfde 13 januari gestopt met boeken leveren aan Polare, omdat voor het distributiebedrijf en de grote uitgeefconcerns vaststond dat Polare niet zou betalen. Het bericht van de leveringsstop haalde de kranten, waardoor ook adviseurs van de familie op de hoogte waren van de problemen.

Voor de familie De Slegte zou een faillissement van Polare goed uitkomen: dan zou ze de deal over het sleutelgeld niet hoeven sluiten. Op 14 januari, toen het akkoord er moest komen, zetten de adviseurs een welbewuste vertragingstactiek in, aldus Dumas. De deal komt niet rond, Polare kon niet betalen en ging ten onder.