Dalai lama is China zet voor

Op het eerste gezicht is het goed nieuws voor de Chinese regering. De dalai lama, de geestelijke leider van de Tibetanen, zegt dat hij zich goed kan voorstellen dat hij niet wordt opgevolgd. En dat het misschien ook maar beter is als hij de laatste dalai lama is.

Die opmerkelijke uitspraken deed de 79-jarige dit weekeinde in een interview met de Duitse krant Welt am Sonntag. Nuchter zei hij dat daarmee na vijf eeuwen een eind komt aan een traditie. Met de voor hem en zijn geloof kenmerkende nederigheid, zei hij dat het Tibetaanse boeddhisme echt niet staat of valt met één individu.

Dat mag zo zijn, maar de manier waarop deze dalai lama zijn rol vervult, is al decennia van grote betekenis voor zijn land- en geloofsgenoten. Sinds hij in 1959 Tibet moest ontvluchten, na een mislukte opstand tegen de Chinezen, verblijft hij in ballingschap. Maar als hij minder effectief was geweest zou Beijing er niet jaar in jaar uit zo veel moeite voor doen om hem zwart te maken, dwars te zitten en buitenlandse leiders onder druk te zetten om hem vooral niet te ontmoeten. China ziet hem als een gevaarlijke separatist.

Traditioneel is de dalai lama zowel geestelijk als politiek leider. Maar drie jaar geleden stootte de huidige dalai lama (hij is de veertiende) zijn politieke taken al af. Sindsdien functioneert de nu 46-jarige Lobsang Sangay als een soort premier-in-ballingschap.

De politieke instincten van de bejaarde, maar nog zeer vitale geestelijk leider werken echter nog uitstekend. Over de macht van China koestert hij geen illusies. Hij beseft dat de Chinese autoriteiten zich ongetwijfeld willen bemoeien met zijn opvolging. Er zou dan een nieuwe dalai lama kunnen komen, die een marionet is van China. Of in de woorden van de huidige: die schande brengt over het ambt. Dan maar liever helemaal geen dalai lama meer.

De mededeling dat hij niet opgevolgd wil worden, hoeft niet uitgelegd te worden als een blijk van fatalisme van de dalai lama. Hij zegt er nog altijd van overtuigd te zijn dat hij ooit kan terugkeren naar zijn vaderland. En eerder dit jaar sprak hij in deze krant zelfs positieve woorden over de nieuwe Chinese president Xi Jinping, omdat die gesproken had over de belangrijke rol van het boeddhisme in de Chinese cultuur.

Met zijn interview in Welt am Sonntag toont de dalai lama opnieuw zijn onafhankelijkheid, en zijn vermogen het China lastig te maken. Wil Beijing straks toch nog een opvolger naar voren schuiven, dan gaat China in tegen de wens van de huidige, geliefde dalai lama en is de kans niet groot dat de nieuwe man door de Tibetanen geaccepteerd wordt. Leggen de Chinezen zich erbij neer dat er geen opvolger komt, dan lijken ze, o gruwel, te luisteren naar de dalai lama.