Column

Veldtocht tegen de verwijfde samenleving

Maxim Hartman in ‘Nog Meer Voor Mannen’

Met een microfoon in de hand staat Maxim Hartman op een parkeerplaats naast een echtpaar van middelbare leeftijd. Als een echte tv-presentator richt hij zich meer tot ons dan tot de mensen in zijn gezelschap: „Moet je nou toch zien wat een lelijke vrouw. Dat brilletje ook. Ik maak me er zo kwaad over, ik zou wel kunnen kotsen.” Het stel blijft glimlachen en als Maxim is uitgesproken, zegt de vrouw rustig: „Ich hab’ es nicht verstanden.”

In de opening van de tweede aflevering van Nog Meer Voor Mannen (RTL7, direct aansluitend op de kletsmajoors van Voetbal International) worden de grenzen van de politiek incorrecte televisie weer verder opgerekt. Op het punt van verschrikkelijke dingen zeggen, met een dubbele bodem, is Hartman nu Rutger Castricum en Paul de Leeuw gepasseerd.

Stak Hartman voorheen in Omroep Maxim (VPRO) de draak met zogenaamde human interest van tv-makers zonder enige echte betrokkenheid, bij de commerciëlen gaat hij pas goed los en speelt hij de rol van een onversneden vrouwenhater. In de rubriek Meldpunt Vrouwen belt hij aan bij mannen die stenen poesjes en andere frutsels op hun vensterbank tolereren. Een echte man pikt dat immers niet van zijn vrouw. Gisteren ging Hartman verhaal halen bij een man met een schort, wiens vrouw openlijk toegeeft dat ze niet van koken en schoonmaken houdt.

Aan de andere kant zoekt de hoofdpersoon zijn eigen mannelijke kern op reportage met een karpervisser of twee ganzenjagers: „Deze mannen gaan met hun elleboog diep in het gedode dier om nog levend de ingewanden uit te rijten! Toch?”

De grote teleurstelling is dat zelfs deze Echte Mannen nog zorgzame en feminiene trekjes vertonen. Een van hen bekent een aangeschoten gans thuis te hebben verzorgd. Ik moet er verschrikkelijk om lachen, ook al besef ik dat Hartman het stiekem allemaal meent, en het door regisseur en producent Ewout Genemans beoogde kijkerspubliek des te meer.

En toch moest ik even denken aan Nog Meer Voor Mannen bij het kijken naar de monumentale documentaire Wakker In een Boze Droom (HUMAN), die zich aan het andere einde van het smaakcontinuum bevindt. Het filmende echtpaar Petra Lataster-Czisch en cameraman Peter Lataster volgde drie vrouwen met borstkanker, langs de inmiddels bekende statiën van hun kruisweg. De tijd dat we het over K of „de gevreesde ziekte” hadden is echt voorbij. Het knobbeltjesonderzoek, de scan, de slechte boodschap, het kaal scheren,de chemo, de amputatie, de wonden, de psychische instorting, alles wordt ons gedetailleerd uitgeserveerd, en dat is veel beter. Vooral als het zo onopgesmukt gebeurt, zonder muziek of commentaar, als in deze confronterende film.

Maar toch dacht ik even aan Maxim, bij de kordate pogingen van een van de patiëntes om het onvermijdelijke te pareren met eindeloos gebabbel over de moestuin, de aardperen, het bijenvolk, de kippen en de honden. Het is een te billijken strategie, maar op zeker moment wordt haar man er gek van. Heel mooie televisie, die het liefdeloos in twee delen hakken van de bioscoopversie van twee uur, weet te overleven.