Wereldkampioen Dubbeldam is trots op onervaren Zenith

Springruiter Jeroen Dubbeldam heeft gisteren de wereldtitel gewonnen. Alle balken bleven op hun plaats.

Een ontroerend tafereel gisteren bij de Wereldruiterspelen in Caen. Jeroen Dubbeldam die, direct na het behalen van de wereldtitel, besprongen wordt door zijn dochter Nina. Huilend omklemt ze haar vader, de eerste Nederlandse springruiter in de geschiedenis die een individuele wereldtitel voor zich opeist.

Voor Dubbeldam kon het prestigieuze toernooi al niet stuk. Vorige week had hij in de Franse stad immers met de Nederlandse ploeg – met daarin Gerco Schröder, Jur Vrieling en Maikel van der Vleuten – ook al de landenwedstrijd gewonnen. Daarmee is de springploeg automatisch gekwalificeerd voor de Olympische Spelen van Rio de Janeiro (2016).

Voor Dubbeldam is de wereldtitel die hij in Frankrijk behaalde zijn tweede grote individuele succes. In 2000 won de inmiddels 41-jarige springruiter goud op de Olympische Spelen in Sydney. Verder schreef Dubbeldam twee grote wedstrijden op zijn naam: in 2001 de hoog aangeschreven Grote Prijs van Aken en in 2010 de Grote Prijs van Calgary.

„Abnormaal mooi”, noemde Dubbeldam zijn individuele wereldtitel voor de camera’s van de NOS. Hij had naar eigen zeggen niet gedacht dat individueel goud mogelijk was, omdat het voor zijn paard – met „vrij weinig ervaring op dit niveau” – misschien wat te veel zou worden. „Ik ben trots op Zenith.”

Indrukwekkend

In de finale maakte Dubbeldam gisteren indruk door alle vier de omlopen – de eerste op zijn eigen paard Zenith en vervolgens drie op de paarden van de andere finalisten – foutloos af te leggen. In deze tak van sport is het gebruikelijk dat ruiters het parcours ook afleggen op de paarden van hun concurrenten.

Ook de Fransman Patrice Delaveau ging vier keer foutloos rond, maar kreeg na de derde omloop een tijdstraf en moest zich tevreden stellen met zilver. Het brons ging naar de Amerikaanse Beezie Madden (twaalf strafpunten); de Zweed Rolf-Göran Bengtsson (veertien strafpunten) eindigde als vierde.

Voorafgaand aan de finale verklaarde bondscoach Rob Ehrens tegenover de NOS dat de paardenwissel wel eens in het voordeel van Dubbeldam kon uitpakken, omdat diens paard Zenith de minste ervaring heeft op het hoogste niveau, en zeker niet met vier omlopen in korte tijd. Dat zou volgens de bondscoach voor de andere ruiters lastiger kunnen zijn dan voor Dubbeldam zelf, die dagelijks met Zenith werkt. „De strijd gaat tussen vier topprofessionals met drie doorgewinterde paarden”, zei Ehrens tegen de NOS. „Zenith komt eigenlijk net kijken op dit niveau.”

Apotheose

De bondscoach meende dat Dubbeldam zeker kansen had in de finale, omdat hij in zijn loopbaan al op veel verschillende paarden heeft gereden. Iedere ruiter heeft in de finale maar drie minuten om aan een paard van een ander te wennen. Het vormde gistermiddag tijdens de apotheose van de springwedstrijd geen belemmering voor de Nederlander; met geen van de vier paarden stootte Dubbeldam er tijdens zijn omloop een balk af. Met als resultaat de hoofdprijs en een dolgelukkige dochter.

Eerder op de dag was er nog meer Nederlands succes. De menners Theo Timmerman, IJsbrand Chardon en Koos de Ronde wonnen goud in het landenklassement op het onderdeel vierspannen, waarbij een voertuig wordt aangedreven door vier paarden. Nederland eindigde in het klassement met een score van 263,19. Duitsland (283,56) werd tweede, Hongarije (287,29) derde. Voor Chardon was het de tiende keer dat hij de wereldtitel veroverde.

Individueel won zijn collega Timmerman een bronzen medaille. Chardon eindigde in datzelfde klassement als vierde. De titel ging voor de derde keer naar Boyd Exell uit Australië.