Nieuwe gevechten tijdens een broos bestand

Ondanks schendingen houdt het bestand in Oekraïne stand. Maar een duurzame oplossing blijft nog ver weg.

Vrouw bij haar verwoeste huis in de Oost-Oekraïense stad Slavjansk. Foto AFP

De wapenstilstand tussen de strijdende partijen in het oosten van Oekraïne heeft het afgelopen weekeinde over het algemeen stand gehouden. Bij een paar brandhaarden flakkerden de gevechten desondanks kortstondig op.

Zowel bij Donetsk als bij Marioepol, de laatste grote Oost-Oekraïense stad die nog in handen van de regering is, kwam het even tot nieuwe gevechten. Pro-Russische strijders namen in de nacht van zaterdag op zondag een checkpost van de regering bij de stad Marioepol onder vuur met granaten. Daarbij kwam een 33-jarige vrouw om en raakten drie andere burgers gewond. Ook bij het vliegveld van Donetsk, dat nog in handen is van het Oekraïense leger, kwam het tot beschietingen met mortiergranaten. De regering en de rebellen gaven elkaar daarvan de schuld.

De Oekraïense president Porosjenko sprak zaterdag met zijn Russische collega Poetin. Beiden bevestigden, zei Porosjenko naderhand, dat het bestand het tot dan goed hield.

Velen menen echter dat het staakt-het-vuren geen lang leven is beschoren, net als een eerder bestand in juni. De Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE), aanwezig bij de ondertekening in de Wit-Russische hoofdstad Minsk afgelopen vrijdag, publiceerde een lijst van 12 punten waarover de partijen het eens waren geworden. Deze lijst behelst naast een staakt-het-vuren, de terugtrekking van wapens en een gevangenenruil onder meer de decentralisatie van de betreffende gebieden en de verlening van zelfbestuur aan de bevolking. Er zouden snel lokale verkiezingen moeten worden gehouden. Bovendien zou er een amnestie van kracht moeten worden voor alle betrokken strijders uit het gebied.

Over veel van deze punten, die deels bijzonder gevoelig liggen, moet nog verder worden onderhandeld. Volgens Alexander Zachartsjenko, leider van de rebellen in Donetsk wordt er later deze week nader overlegd in Minsk over een statuut voor de gebieden in de gevechtszone.

Een hoge adviseur van Porosjenko zei gisteren dat vijf NAVO-staten – de Verenigde Staten, Frankrijk, Italië, Polen en Noorwegen – Oekraïne wapens zouden gaan leveren. Alle genoemde landen ontkenden dit echter meteen.

De Europese Unie zou vandaag bekend maken welke nieuwe sancties ze afkondigt tegen Rusland wegens zijn optreden in de Oekraïense crisis.

Daaraan voorafgaand dreigde de Russische premier Medvedev vanmorgen met tegenmaatregelen. Zo zou Moskou zijn enorme luchtruim kunnen afsluiten voor luchtvaartmaatschappijen uit EU-staten. Dat zou volgens hem een gevoelige klap voor hen kunnen betekenen.

De mensenrechtenorganisatie Amnesty International beschuldigt zowel de pro-Russische rebellen als Oekraïense milities en het regeringsleger van oorlogsmisdaden. Zo zou het Oekraïense leger onbekommerd woonwijken onder vuur hebben genomen met mortiergranaten. De pro-Russische rebellen zouden willekeurige burgers gevangen nemen en doden. Ook toonde Amnesty satellietfoto’s, waaruit zou blijken dat de Russen wapens naar Oekraïne voerden ter ondersteuning van de opstandelingen.