Niet alle verrassing op Oude Muziek even indrukwekkend

Was er tóch nog een relletje op Festival Oude Muziek. Tijdens het concert van Graindelavoix verliet een groepje bezoekers boos de zaal. Dat lag niet aan de onorthodoxe benadering (een wat kelige klank) van het renaissancerepertoire. De bezoekers werden verblind door een roterende bouwlamp. In de voorstelling klonk muziek uit het leven van Ulrich von Württemberg (1487-1550), die een schrikbewind voerde. Het morbide verhaal werd pijnlijk actueel doordat met een schep werd ingehakt op zakken aarde die aan bodybags deden denken.

Voor feelgoodconcerten is het festival ook niet exclusief bestemd. Hoewel directeur Vandamme in deze krant klaagde over de eenvormigheid van ensembles in de oude muziek, was het aanbod heterogeen. Wie geen boodschap had aan Graindelavoix, kon naar de Tallis Scholars, die wel wat flets klonken.

De grootste verdienste van het festival blijft dat vergeten repertoire wordt uitgediept. Zo was er veel aandacht voor Johann Joseph Fux (1660-1741). Op het slotconcert bracht Vox Luminis diens Kaiser-Requiem met passie, maar diepe indruk maakte het niet. Na een spannend begin bleef de muziek in dezelfde modus hangen, wat pas veranderde in het exuberante Domine, Jesu. Fux mist de ideeënrijkdom en zangerigheid die de muziek van zijn leerling Zelenka wel heeft.

Maar deze 33ste editie zal wel bijblijven, als eerste keer in het vernieuwde TivoliVredenburg. Met 63.500 brak het aantal bezoekers ook een record. Volgend jaar is het thema Engeland.