Annan moet zorgen voor vechthockey

De Australische Alyson Annan debuteerde gisteren als coach van de hockeymannen van Amsterdam. „Ze staat boven de groep.”

Alyson Annan tijdens de teambespreking van Amsterdam, voorafgaand aan de wedstrijd tegen Tilburg. Foto Robin Utrecht

Halverwege de tweede helft draait Alyson Annan zich naar haar assistent in de dug-out. „Wat is het slecht”, zegt ze zacht. Even schudt ze haar hoofd, dan moedigt ze haar spelers weer aan.

Vrouw in een mannenwereld: de Australische maakte gistermiddag in het Wagenerstadion haar debuut als coach van de hockeymannen van Amsterdam. Van de uitslag – een doelpuntloos gelijkspel tegen laagvlieger Tilburg – wordt niemand blij. Maar de spelers, onder wie internationals als Floris Evers, Billy Bakker en de Australiër Fergus Kavanagh, kijken er geen seconde van op als Annan haar tactische aanwijzingen over het veld schreeuwt. „Nee, geen issue”, zegt Evers, die na de Spelen in Londen (2012) afzwaaide als aanvoerder van het Nederlands elftal. „Alyson heeft veel verstand van hockey. Ze dwingt absoluut respect af, staat boven de groep. Ik ben een van de weinigen van dit elftal die haar ook nog hebben zien spelen, bij Klein Zwitserland. Ze was briljant goed.”

Annan is niet de eerste vrouwelijke coach op dit niveau. Die primeur was in 1999 voor de Duitse Sonja Thomann, bij HGC. Maar vijftien jaar later is een vrouwelijke hoofdcoach bij de mannen nog altijd een zeldzaamheid. Sterker: ook bij de vrouwen zijn de belangrijkste banen steevast voor mannen. „Ik ken geen enkele vrouwelijke coach in het internationale hockey”, zegt Annan zelf. „Ook in andere sporten zie je ze nauwelijks, ik weet niet waarom. Er zijn in het Nederlandse hockey andere vrouwen die dit ook zouden kunnen. Uiteindelijk moet je goed genoeg zijn. En je moet de kans krijgen.”

Die kans bood Amsterdam haar. Na de Spelen van Sydney (2000) kwam Annan naar Nederland met haar toenmalige echtgenoot Max Caldas, de huidige bondscoach. Inmiddels is ze getrouwd met oud-international Carole Thate, haar vroegere tegenstander. Ze werd coach bij Klein Zwitserland, later bij Amsterdam. Als assistent van Taco van den Honert won Annan al twee landstitels met de mannen (2011 en 2012). Daarna veroverde ze met de vrouwen, met topspeelsters als Ellen Hoog en Eva de Goede, een landstitel en een Europa Cup.

Iedereen loopt weg met haar hockeykennis. „In Australië is ze een legende, niet alleen in het hockey”, zegt Kavanagh, die in juni in Den Haag wereldkampioen werd. Als speelster werd Annan twee keer olympisch kampioen (1996 en 2000) en tweemaal beste hockeyster van de wereld, mede dankzij 166 treffers in 228 interlands. Vorig jaar werd ze opgenomen in de Australische Hall of Fame.

„Ik heb nog nooit een vrouwelijke coach gehad”, zegt de Zuid-Afrikaanse international Justin Reid-Ross, die gisteren ook debuteerde voor Amsterdam. Hij is onder de indruk. „Als Australische heeft ze dat onverzettelijke. Ze wil vechthockey spelen. Niet alleen maar mooi.”

Kavanagh ziet overeenkomsten tussen Annan en topcoach Ric Charlesworth, haar oude mentor, de man die Australië zoveel hockeygoud bezorgde. Kavanagh: „Alyson eist heel veel van je, net als Ric. Die is nog wat harder, strenger. Zij communiceert goed met de spelers.”

Maar voor de hockeycoach Annan is, zeker na de zeperd van gisteren, werk aan de winkel. Spits Billy Bakker zei het afgelopen voorjaar al, toen Amsterdam voor de tweede keer op rij de play-offs had gemist: Annan is „een winner”, en deze spelersgroep heeft een strenge hand nodig.

Annan spreekt hem niet tegen. „Mentaal moet er iets worden omgebogen”, zegt ze. „Wij moeten niet denken dat het makkelijk zal zijn tegen clubs die waarschijnlijk de play-offs niet gaan halen.” Ze zal het doen op haar bekende manier: recht voor zijn raap. „Ik hou van een bepaalde structuur, ik probeer het wat strakker te trekken. Afspraken moet je nakomen. Wie dat niet doet komt maar op de bank zitten. Je moet laten zien dat je het meent, ook aan de anderen. Anders word je ongeloofwaardig.”

Ondertussen geniet ze volop. „Natuurlijk vind ik het leuk. Uitdagend.” Ze verwacht dat het nog een week of twee zal duren, voordat de vragen die de media aan haar richten louter over hockey gaan. „Aan de ene kant kun je wel verwachten, maar aan de andere kant ben ik ook gewoon coach. Mijn doelstellingen zijn precies hetzelfde als die van andere coaches.”

Ze steekt niet onder stoelen of banken dat het einde van haar ambities nog niet in zicht zijn. Bondscoach? Het zou uniek zijn. Inmiddels is Annan al verantwoordelijk voor de meisjes van Jong Oranje. „Het zou mooi zijn. Ik ben bezig me te ontwikkelen als coach. Elk jaar kun je groeien.”

Haar landgenoot Kavanagh zei het laatst na de training al eens tegen haar. „Alyson kan voor een doorbraak zorgen. Ik zie geen enkele hindernis: waarom zou zij geen bondscoach kunnen worden? Ook van Australië, ook van de mannen. Ik zou het geweldig vinden.”