Zo kweken we talent, volgens Jet

Jong kunsttalent ontwikkelen krijgt meer prioriteit van Jet Bussemaker. De minister van Cultuur schreef een brief aan de Tweede Kamer.

Jong talent in de kunstwereld krijgt meer kans zich te ontwikkelen: het kabinet gaat de komende jaren vijf miljoen euro vrijmaken voor beginnende kunstenaars. Dat is belangrijk, schrijft minister Bussemaker (Onderwijs, Cultuur & Wetenschap, PvdA) aan de Tweede Kamer, omdat ‘de aanwezigheid van creatief en artistiek toptalent essentieel is voor de dynamiek, het artistieke niveau en bloei van het culturele leven’.

Beleidsstukken zijn misschien niet de leukste teksten om te lezen, toch verdient deze brief aandacht – hier wordt geprobeerd iets op in plaats van af te bouwen.

De minister voerde gesprekken met beginnende kunstenaars om te kijken wat zij nodig hebben om zich te ontwikkelen. Conclusies? Zij willen meer ruimte voor ‘experiment en verdieping in een langer durend ontwikkeltraject’, en daarnaast kan de ‘landelijke en lokale culturele infrastructuur’ beter benut worden. Een goede samenwerking tussen organisaties en voorzieningen is essentieel.

Maar hoe wil de minister dat bereiken? Dit zijn de belangrijkste punten uit haar brief:

* Beginnende kunstenaars koppelen aan coaches. Kunstenaars kunnen bijvoorbeeld al een ‘werkbijdrage jong talent’ krijgen om een jaar lang een beroep te doen op een mentor die ze alles leert over het reilen en zeilen in de kunstwereld. Bussemaker gaat deze begeleiding nu uitbreiden over de hele cultuursector: vijf coaches met verschillende expertises gaan deze rol vervullen, onder leiding van de Stichting Cultuur-Ondernemen.

* Talentenbudget. Er komt een werkbudget, als aanvulling op de huidige mogelijkheden, waarop kunstenaars aanspraak kunnen maken: om iets nieuws te proberen, een kunstwerk te maken, of om projecten tot stand te brengen. Maximaal 9.000 euro per jaar, per talent, voor maximaal twee jaar.

* Investeringskrediet voor talenten. Bussemaker wil ‘ondernemerschap bij beginnende kunstenaars stimuleren’; daarom stelt ze eenmalig drie miljoen extra beschikbaar. Jonge kunstenaars kunnen leningen afsluiten met een lage rente. Bij het afsluiten van zo’n lening krijgen ze direct hulp bij hun ondernemingsplan.

* Boegbeelden. Het creëren van meer rolmodellen en boegbeelden, zoals De Dichter des Vaderlands of de Kinderboekenambassadeur, die als inspirerende voorbeelden kunnen dienen.

* Meer ruimte en mogelijkheden bieden. Beginnende kunstenaars komen vaak problemen tegen: jonge architecten vinden geen baan meer door de crisis in de bouw, ontwerpers in de mode hebben moeite door te pakken na hun eerste collectie en zelfstandige ontwerpers vinden het lastig een goed businessmodel te maken. ‘Talentontwikkeling is onontbeerlijk voor de cultuursector’, schrijft Bussemaker. ‘Ik hoop dat we met deze maatregelen jongere generaties kunstenaars een kans kunnen geven, waardoor de sector zich blijft vernieuwen en het publiek nieuwe inspiratie kan opdoen.’