Superman Caruana

Toen ik vorige week een partij van Magnus Carlsen liet zien uit het toernooi in Saint Louis, wist ik nog niet dat dit het toernooi van Fabiano Caruana zou worden en dat Carlsen maar een bijrol zou vervullen.

Het begon te dagen toen Caruana zijn eerste drie partijen gewonnen had. Vooral zijn overwinning op Carlsen maakte indruk. Het was een scherp tactisch gevecht waarin Carlsen eerst een min of meer uit nood geboren stukoffer bracht en Caruana daarna met een torenoffer de aanval overnam.

De dag daarna won Caruana van Levon Aronian. Dat was een strategisch meesterstukje met spel op beide vleugels. Commentatoren zochten in de schaakgeschiedenis naar reeksen overwinningen die even indrukwekkend waren. Ze moesten ver teruggaan. Reuben Fine begon in het AVRO-toernooi van 1938 met 5,5 uit 6 en Anatoli Karpov in Linares 1994 met 6 uit 6.

Toen Caruana zelf op 6 uit 6 was gekomen en drie punten voorstond op zijn naaste concurrent Carlsen – als je nog van een concurrent kon spreken – werd hij door de Italiaanse Gazzetta dello Sport een buitenaards wezen genoemd, iemand van Mars. Zelf zei hij: „Wat mijn spel betreft ben ik nog niet eens dichtbij Karpov.”

Garri Kasparov dacht daar anders over en twitterde: „Je moet naar de partijen kijken, niet alleen naar de score. Caruana overspeelt de besten van de wereld en laat een nieuw niveau zien.”

Toen Caruana op 7 uit 7 kwam, gingen de historische vergelijkingen over Bobby Fischer en zijn twee legendarische overwinningen met 6-0 in 1971 in kandidatenmatches tegen Taimanov en Larsen. Caruana werd vergeleken met een vos in een kippenhok, omdat sommige tegenstanders als kippen in paniek onder hun kracht hadden gespeeld.

Dat gold misschien ook voor Veselin Topalov in de zesde ronde. „Een aardige partij, maar wel erg rechttoe rechtaan”, zei Caruana achteraf.

Donderdag maakte Caruana zijn eerste remise tegen Carlsen. Met nog twee ronden te gaan stond hij nog steeds drie punten voor. De wonderbaarlijke serie winstpartijen was gestopt, maar het was geweldig geweest.

Fabiano Caruana - Veselin Topalov, Sinquefield Cup 2014, zesde ronde:

1. e4 c5 2. Pf3 e6 3. d4 cxd4 4. Pxd4 Pc6 5. Pc3 a6 6. Pxc6 bxc6 7. Ld3 d5 8. 0-0 Pf6 9. Te1 Le7 10. e5 Pd7 11. Dg4 Kf8 De andere zet is 11...g6, wat Peter Svidler vorig jaar tegen Caruana speelde. 12. Pa4 Da5 13. Te2 Een nieuwtje van Caruana’s trainer Vladimir Tsjoetsjelov. 13...h5 14. Df4 g5 15. Ld2 Dc7 Het eindspel na 15...gxf4 16. Lxa5 zou beter voor wit zijn, maar als Topalov dat niet wil, wat hadden zijn drie vorige zetten dan voor zin? 16. Dg3 h4 17. Dg4 Tg8 Een akelig passieve zet. Interessanter was het pionoffer 17...h3, en vooral 17...Pxe5 18. Txe5 Dxe5 19. Lc3 Df4 20. Dxf4 gxf4 21. Lxh8 f6, wat tot een eindspel leidt waarin wit zijn extra stuk op h8 gaat verliezen. Waarschijnlijk had Caruana dat eindspel thuis al op de snijtafel gehad. 18. Tae1 c5 19. c4 dxc4 20. Lxc4 Lb7 21. h3 Td8 22. Lc3 Pb8 Nog twee zetten, 23...Pc6 en 24...Pd4, en zwart speelt weer mee. 23. Te3 Dit moet zwarts plan verhinderen. 23... Pc6 Maar hij doet het toch, en komt meteen verloren te staan. Na 23...Tg7 zou wit beter staan, maar nog niet meteen gewonnen.

Zie diagram.

24. Lxe6 Zwart vroeg er om. 24...fxe6 25. Tf3+ Ke8 Na 25...Kg7 wint wit met 26. Dh5 Tdf8 27. Tf6. 26. Dxe6 Tg7 Of 26...Tf8 27. Pxc5 Txf3 28. Dg6+ en wit wint. 27. Dh6 Pd4 28. e6 Er waren meer manieren om te winnen, maar dit is de bekoorlijkste en krachtigste. 28...Pxf3+ 29. gxf3 Lf8 30. Dh5+ Ke7 31. Lxg7 Zwart gaf op.