Regen komt vaak uit verre landen

Kaalslag van het landschap kan zorgen voor minder regen, duizenden kilometers ver weg. Hydroloog Ruud van der Ent berekende hoe belangrijk landverdamping is.

Van dampende bodem tot bui

Waar komen de regen en de sneeuw vandaan? Van zee, is het klassieke idee. Water verdampt daar, komt in de atmosfeer, de wind blaast het vervolgens richting land, waar het neerslaat. Iedereen kent het schema van de aardrijkskundeles.

Maar wereldwijd is dat vaak genoeg niet zo, berekende hydroloog Ruud van der Ent, die eerder deze week cum laude is gepromoveerd aan de TU Delft. Voor alle continenten samen heeft slechts 60 procent van de neerslag zijn oorsprong boven zee. Het resterende deel ontstaat boven land. Zelfs in West-Europa is circa 30 procent van de neerslag afkomstig van water dat elders boven land is verdampt. Landverdamping wordt vaak onderschat, concludeert Van der Ent – wat van belang is voor klimaatmodellen.

Van der Ent bracht voor alle continenten op aarde in kaart welk deel van de neerslag afkomstig is van water dat elders op land is verdampt. Hij is de eerste die de bijdrage van landverdamping wereldwijd heeft gekwantificeerd. Voor dat werk kreeg hij drie jaar geleden een onderzoeksprijs van de World Meteorological Organization. „Bij klimaatonderzoekers is er lange tijd alleen gekeken naar broeikasgassen”, zegt Van der Ent. Hydrologen houden wel rekening met landverdamping, maar vooral op lokaal niveau. „Dan zien ze water verdampen, maar niet neerslaan, want dat gebeurt op te grote afstand”, zegt hij. Andersom kan ook. Dat ze vooral neerslag zien, maar niet waar het vandaan komt. In beide gevallen is het plaatje niet compleet.

Sommige gebieden zijn voor hun neerslag zo goed als helemaal afhankelijk van landverdamping. Van der Ent noemt ze de sinks, de putten. Het stroomgebied van de rivieren Paraná en Uruguay is er een voorbeeld van. Ze worden voor maar liefst 70 procent gevoed met water dat boven de Amazone is verdampt en door de wind zuidwaarts is gevoerd, laat Van der Ent zien. De kaalslag in Brazilië zal op den duur leiden tot minder neerslag in Argentinië, Uruguay en Paraguay – tweeduizend kilometer zuidelijker. „Door ontbossing houdt de Amazone minder water vast, het stroomt sneller af naar de oceaan. Er komt minder waterdamp in de atmosfeer”, zegt Van der Ent. En dat heeft gevolgen voor bijvoorbeeld de landbouw.

Van der Ent: „Het is een geluk bij een ongeluk dat de ontbossing in het zuiden van de Amazone is gestart en naar het noorden oprukt. De belangrijkste brongebieden voor waterdamp liggen juist in het noorden van de Amazone, dicht bij zee.”

China blijkt nóg afhankelijker van landverdamping. De neerslag komt voor 80 procent uit het centrale en oostelijke deel van Eurazië. Dat sommige rivieren in het noorden van China de laatste jaren met droogte kampen, komt niet door verminderde landverdamping in Eurazië, maar door overmatige onttrekking van water door landbouw, industrie, huishoudens.

Van der Ent bekeek het ook van de andere kant. Hoeveel van het water dat ergens boven land verdampt, komt elders weer op land als neerslag terecht? Hij noemt gebieden waaruit veel water verdampt de sources, bronnen van landverdamping. De belangrijkste zijn Eurazië, de Amazone, Oost-Afrika en het westen van Noord-Amerika. Voor dat laatste gebied geldt dat 60 procent van het verdampte water benedenwinds neerslaat, in het noordoosten. „En in het oostelijk deel van Afrika keert veel van het water dat er verdampt binnen een week terug als neerslag in West-Afrika”, zegt Van der Ent.

Sommige gebieden zijn zowel een bron van landverdamping als een put, ontdekte Van der Ent. Het Tibetaans Hoogland bijvoorbeeld, en de gebieden meteen ten oosten van het Andesgebergte. „Daar staat de wind meestal richting de bergen. De opstijgende waterdamp koelt snel af, vormt wolken en slaat weer neer”, zegt hij. Het laat zien hoe belangrijk bergketens zijn voor de hydrologische cyclus.

Van der Ent geeft toe dat zijn wereldkaarten gemiddelden weergeven. Neerslagpatronen variëren sterk gedurende de seizoenen. In de winter is de landverdamping doorgaans gering, in de zomer hoog. Ook is er het ene jaar meer landverdamping dan het andere. Verder varieert de zogeheten moisture flux, de gemiddelde beweegrichting van waterdamp in de atmosfeer, sterk. „Maar er zijn wereldwijd wel dominante patronen.”

Zijn onderzoek is belangrijk voor beleidsmakers, zegt Van der Ent. Ze moeten beseffen dat ingrepen in sommige gebieden, zoals de ontbossing van de Amazone, niet alleen ter plekke, maar ook elders grote gevolgen kunnen hebben.

In Oost-Afrika verdwijnt vegetatie doordat bosgebied wordt platgebrand en plaats maakt voor akkers. En natuurlijke graslanden worden er overbegraasd door vee, zegt Van der Ent. „De landbouw is er niet duurzaam, de bodem houdt onvoldoende vocht vast. Je beperkt de landverdamping en dat is van invloed op de neerslag in West-Afrika.”

Dat proces is volgens hem tegen te gaan met de aanplant van meer vegetatie, of met kleine dammetjes. „Je houdt water langer vast in brongebieden en remt zo de snellere afstroom naar zee of oceaan.” Computerberekeningen laten zien dat je zo op termijn de neerslag elders kunt beïnvloeden. In de praktijk zal dat lastig te meten zijn, zegt Van der Ent. „Neerslag wordt door veel dingen beïnvloed. De jaarlijkse variatie is groot. Het is moeilijk om het effect van één ingreep te isoleren.”