Bedankt, dat je zo goed kan luisteren

Hoe goed je vakkennis ook is, als je die niet kunt overbrengen, heb je een probleem. Dat begint al bij de sollicitatie. Een werkgever kiest het liefst iemand met wie het óók prettig werken is.

foto Arjen Born

Stel: je hoort een gesprek tussen twee mensen. De een beweert iets tegen de ander – en jij weet zeker dat het niet klopt (je hebt er namelijk toevallig net een artikel over gelezen). O ja, en die persoon is je baas. Wat doe je?

Niets? Een beetje halfslachtig mompelen dat er ook een andere kant aan de zaak zit? Of zeg je dat je net iets las waaruit blijkt dat je baas het bij het verkeerde eind heeft?

Volgens werkcoach Erik Boon, die vaardigheidstrainingen geeft aan mensen in de financiële wereld, kan je beter voor de laatste aanpak kiezen – „mits je het niet aanvallend doet”. Voor veel mensen is dat spannend, maar zo laat je zien dat je anderen kunt overtuigen, kritisch nadenkt en dat je communicatief sterk bent.

Deze vaardigheden worden ook wel softskills genoemd. Daar tegenover staan de hardskills, de ‘harde’ vakkennis. Er zijn er nog veel meer softskills – of ‘zachte vaardigheden’, maar de Engelse term is gebruikelijker – zoals empathie, doorzettingsvermogen, flexibiliteit, analytisch vermogen en effectiviteit. Er is geen vastomlijnd lijstje, maar het zijn de vaardigheden en eigenschappen die vaak met je EQ geassocieerd worden.

Softskills: het klinkt misschien als een buzzwoord voor jobcoaches. Of een klinkend containerbegrip voor in managementboeken (en inderdaad, op bol.com levert de zoekterm al ruim 100 titels op). Maar vergis je niet, „softskills zijn zeker geen modegril”, zegt Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt aan de universiteit Tilburg. Ze worden op je werk juist steeds belangrijker.

Dat komt omdat onze carrières anders verlopen dan vroeger, legt Wilthagen uit. Want wie blijft er nog zijn hele leven bij hetzelfde bedrijf werken? En juist softskills kun je goed gebruiken als je van baan wisselt. Veel harde kennis van je oude baan is misschien niet bruikbaar bij je nieuwe, maar softskills komen altijd van pas – ook als je overstapt naar een compleet andere sector.

Het begint bij de sollicitatie

Wilthagen noemt softskills dan ook „het ov-kaartje van de arbeidsmarkt”. Het begint al bij solliciteren: waar vroeger een brief volstond, uploaden we nu e-portfolio, zegt Wilthagen, met filmpjes waarin we onszelf presenteren. „Dat is allemaal niet van belang als je 35 jaar bij dezelfde werkgever werkt.”

Daarnaast zijn beheersing van softskills steeds belangrijker omdat er door de crisis nog steeds weinig banen zijn. Er is voor werkgevers daarom veel te kiezen. En dan kiezen ze natuurlijk het liefst iemand die én vakkennis heeft, én prettig is om mee te werken, zelfverzekerd is, goed kan plannen en goed luistert naar klanten?

Dat doet Paul Baan, directeur van ICT-dienstverlener Incentro, ook. Werknemers van Baan moeten goed kunnen luisteren. Ontdekken wat klanten écht willen. En soms ook eigenwijs zijn. „Als jij denkt dat het goedkoper en simpeler kan dat wat de klant voorstelt, dan moet je dat wel durven zeggen.” Alleen maar goed zijn in cijfertjes, daar kom je zelfs al IT’er tegenwoordig dus niet meer mee weg.

Drammen over zijn gelijk

Incentro heeft net vijftien trainees aangenomen, zegt Baan, en maarliefst een derde van hun opleidingstijd zullen ze besteden aan het ontwikkelen en verbeteren van softskills.

Dat is niet slechts een formaliteit. Als het niet volgens plan verloopt, komen de trainees ook niet door hun proeftijd heen. Baan maakte het wel eens eerder mee. „Iemand die vaak gelijk had, maar die dat op een drammerige manier liet merken. Dat past niet in ons team.”

Niet voor iedereen is het ontwikkelen van softskills even makkelijk. Het zijn immers eigenschappen en vaardigheden die voor een deel met je karakter te maken hebben. Ton Wilthagen beaamt dat niet iedereen evengoed zal worden. „Maar een kleine verbetering kan al belangrijk zijn.”

Maar hoe dan? Daar is niet één antwoord op. Juist omdat er zoveel verschillende softskills zijn. Daarnaast verschilt het per persoon nogal waar je valkuilen liggen. De één walst snel over anderen heen, terwijl de ander juist over zich heen laat walsen. En waar de één altijd heel snel ‘ja’ zegt (en dat eigenlijk heel vervelend vindt), zegt de ander vaak ‘nee’ (en dat kan net zo ververvelend voelen).

Toch is er een eigenschap die werkcoach Erik Boon vaak terugziet als onderliggend probleem bij het ontwikkelen van softskills: onzekerheid. Angst om fouten te maken. En van die angst, zegt hij, worden mensen op hun werk voorzichtig. Belangrijk om te weten, want daarom begrijp je beter waarom je moeite hebt met presenteren, of je mening geven tijdens een druk bezochte vergadering, of je baas vertellen dat hij of zij ernaast zit.

Ze vatte boosheid persoonlijk op

Een cursus, of dat nou op het werk is of daarbuiten, kan helpen om bepaalde softskills te verbeteren. Esther Tak volgde een cursus ‘communicatieve vaardigheden en gesprekstechnieken’ toen ze office manager was bij een ROC in Den Haag. Daar had ze nog wel eens te maken met gefrustreerde cursisten. „Ik beschouw mezelf als een empathisch mens, maar ik heb goede tips overgehouden aan die cursus.”

Door rollenspellen waarna meteen feedback volgde, leerde Tak wat ze vroeger ‘fout’ deed: ze vatte boosheid snel persoonlijk op. Blijf rustig, leerde ze vervolgens, bekijk het conflict zakelijk. Een belangrijke tip die Tak aan de cursus overhield: als iemand écht kwaad is haal je de angel eruit door oprecht – echt oprecht, maant ze – begrip te tonen voor die boosheid.

Luisteren, rustig blijven, begrip tonen: niet alleen bruikbare tips voor op het werk. Sterke softskills zijn privé ook handig, zegt Erik Boon – van de omgang met je schoonmoeder tot je geliefde. Hij hoort het wel eens van cursisten die al een tijdje bezig zijn. „Zegt hun partner na een training tegen ze: jeetje, wat luister jij opeens goed.”