Historisch erfgoed op Oosterdokskade

Een krul, een Amsterdams urinoir. Het is een vrolijke, naïeve voorstelling, vol beweging: de voortjagende wolken, de schuimkopjes op het water, het verkeer en de passanten op de kade, de rondvaartboot waarvan de boeg achter het urinoir tevoorschijn komt en vooraan de man die ons rakelings passeert. Zelfs de krul lijkt mee te bewegen. Het stuur rechtsonder is van de fiets waar we zelf op zitten, en straks bewegen ook wij weer. De bonte kleuren lijken over elkaar te struikelen, maar ze zijn bij nadere beschouwing zorgvuldig gearrangeerd in het ritme van de stad. Het geeft de gouache iets muzikaals. Helemaal links staat de Schreierstoren, met daarachter de huizen aan de Prins Hendrikkade en naar rechts het Centraal Station. Aan de andere kant steekt de toren Overhoeks, aan de overzijde van het IJ, hoog boven alles uit.

Kunstenaar Luiz Henrique Yudo (Brazilië, 1962) studeerde architectuur en is tegenwoordig vooral werkzaam als componist. De krul op de Oosterdokskade, vlakbij de Prins Hendrikkade, was een van de ruim twintig krullen in de stad die hij vanaf de jaren ’90 in beeld bracht.

De serie vormde een portret van de stad, gezien vanuit de krul en met de karakteristieken van de verschillende locaties. Bij de Oude Kerk was dat travestie, en hier op de Oosterdokskade suggereert de man in het mouwloze shirt met de tatoeage dat deze krul ook een cruiseplek is. Wie van symbolen houdt ziet dan de roze stoeptegels met de twee vogels, en de masculiene toren Overhoeks. Een aantal van de door Yudo vastgelegde plekken zijn inmiddels verdwenen. De krul is historisch erfgoed, bedreigd door het mobiele plaskruis.

Het gietijzeren urinoir werd geïntroduceerd in 1880 en kende verschillende voorgangers die teruggaan tot in de 16de eeuw. In de 20ste eeuw ontwierp Publieke Werken nieuwe typen, maar de krul bleek een onverwoestbare klassieker. De naam verwijst naar de vorm: het metalen scherm draait spiraalsgewijs om het eigenlijke urinoir heen. Er waren twee typen: de enkele en de dubbele krul. Het urinoir was bedoeld voor mannen. Openbare toiletten voor vrouwen bleven altijd ver in de minderheid. In de archieven van de Gemeente Urinoircommissie is dat een terugkerend punt van zorg, net als de „ontucht” die met name in de dubbele urinoirs werd bedreven.

De krul op de Oosterdokskade bestaat nog. Wie er om zich heen kijkt met de blik van Yudo in gedachten, ziet dat de stad in werkelijkheid is opgebouwd in gedempte aardkleuren, het palet van de Hollandse delta: het rood van het veen, het blauw van de klei, en het bruin van de turf. En alles omspoeld door het grijs van de zee en het IJ. Maar in de verte steekt de in vrolijke kleuren ingepakte toren Overhoeks boven alles uit, met de van dit punt duidelijk leesbare kreten I Feel Love en Go!