Advertentie tegen Stedelijk

Is er belangenverstrengeling bij het Stedelijk Museum? Een advertentie suggereerde dat gisteren. Het museum ontkent.

Het Stedelijk Museum in Amsterdam moet elke schijn van belangenverstrengeling vermijden. Dat eiste Museum Overholland gisteren in een paginagrote advertentie in deze krant.

De advertentie maakt duidelijk dat het conflict tussen kunstverzamelaar Christiaan Braun en het Stedelijk Museum nog niet over is. Braun was directeur van Museum Overholland, dat in 1990 zijn deuren aan het Museum-plein sloot. Hij raakte de afgelopen jaren in conflict met het Stedelijk Museum na een misgelopen schenking.

Het Stedelijk Museum maakte in juni bekend dat er een „onafhankelijk” fonds in oprichting is om financiële steun te werven bij particulieren voor onder meer tentoonstellingen, aankopen en restauraties. De advertentie trekt die onafhankelijkheid in twijfel.

De adverteerder stelt dat het fondsbestuur niet mag bestaan uit mensen die belangen hebben bij de kunsthandel. En ook niet uit leden van de raad van toezicht van het museum, „zeker niet als zij daarnaast ook nog particulier verzamelaar zijn”. Het bestuur bestaat nu voor de helft uit kunsthandelaren en galeriehouders en er zitten twee leden van de raad van toezicht in, beide verzamelaars.

Het Stedelijk Museum laat weten dat het zich houdt aan de Governance Code Cultuur en dat mensen benaderd zijn „op basis van hun liefde voor moderne kunst en het Stedelijk Museum, maar ook op basis van hun netwerk”. „Natuurlijk gaan de bestuursleden geen kunst aankopen of tentoonstellingen of andere projecten plannen – daar beslist vanzelfsprekend de directie van het museum over. Het Fonds heeft absoluut geen enkele invloed op het beleid van het museum.” De twee leden van de raad van toezicht zullen het fondsbestuur na de opstartfase verlaten.

In de advertentie wordt tevens geëist dat Beatrix Ruf, de nieuwe directeur van het Stedelijk, niet blijft werken voor private partijen. Volgens het museum betreft dit „oude persoonlijke relaties waar nooit belangenverstrengeling is geweest”.