De Slag om Arnhem, elk jaar weer

Hotels Arnhem bomvol’ las ik in het huis-aan-huisblad dat bij mijn moeder op de keukentafel lag. Het was een onbedoelde speelse verwijzing naar de zeventigste herdenking van de Slag om Arnhem, die komend weekeinde eigenlijk al begint met de Airbornewandeltocht, die ik als padvinder van de Markesteengroep een keer of drie gedwongen was te lopen.

Als kind voelden we ons in september altijd bijna speciaal omdat wij uit Arnhem kwamen. Wij, met onze stad, hadden meer geleden dan andere steden en ze lieten niet na ons te vertellen over de lichtbewapende luchtlandingsdivisies van de geallieerden die bij Arnhem op onverwacht grote Duitse tegenstand stuitten en er niet in slaagden om de Rijnbrug te veroveren.

Ieder jaar kwamen de veteranen weer met een pets medailles op de borst, we liepen op extra stevige schoenen met de hele klas achter ze aan de uiterwaarden in, waar we respectvol luisterden naar de onverstaanbare verhalen, want Engels verstond ik toen nog niet. Over de tegenstander hoorden we weinig, terwijl die toch ook niet echt voor de lol meedeed. De meesten kregen na de slag een Himmelfahrtcommando wat inhield dat ze zich dood moesten vechten. Gewonnen maar toch verloren.

We gingen naar de Ginkelse heide waar ze begeleid door mariniers nog een keer uit de Dakota’s sprongen, net zo lang totdat je je ging afvragen wanneer het gevaarlijker was, toen in 1944 of op tachtigjarige leeftijd.

Na een oproep bij Ted de Braak op televisie deed ik mee als figurant bij A bridge too far, waarvoor ik als achtjarige met een scheur in de broek en met roetvegen in het gezicht over de brug bij Deventer moest lopen. Achter een houten kar met wat klasgenootjes. Na afloop waren we ervan overtuigd de oorlog zelf te hebben meegemaakt. Een jaar later vond ik mezelf niet terug in de bioscoop. We waren er allemaal uit geknipt, behalve Vincent Peters en dat vond ik toch al zo’n lul.

Dit jaar komen er nog maar tachtig veteranen en wordt de herdenking grootser dan ooit met duizend parachutisten, historische voertuigen, een heus tentenkamp, eten wat ze toen ook aten en goed ingevoerde journalisten die een paar maanden geleden al aan een parachute boven de heide uit een vliegtuig werden gegooid. En voor het eerst ook Duitsers. Een van de veteranen zei daarover bij Omroep Gelderland dat hij zoiets bij een andere herdenking ergens in het Duitse Reichswald al een keer had meegemaakt. „Daar stonden Engelse en Duitse veteranen tegenover elkaar met geladen geweren. Er werd niet geschoten.”