Nabestaanden dagen Suriname

Een groep nabestaanden van de slachtoffers van de Decembermoorden probeert via een internationale procedure beweging te krijgen in het gestokte decembermoordenproces. Daarnaast eisen ze van de staat Suriname publieke excuses en een fikse financiële compensatie. Dat maakten vertegenwoordigers van de nabestaanden gisteren bekend op een persconferentie in Paramaribo.

De Decembermoorden zijn de standrechtelijke executie van vijftien critici van het militaire bewind van Desi Bouterse op 8 december 1982. De krijgsraad van Suriname probeerde sinds 2007 de vijfentwintig verdachten te berechten, tot in 2012 een amnestiewet werd aangenomen. Sindsdien zijn er amper nog zittingen geweest.

De ondertekenaars willen op de eerste plaats dat de amnestiewet wordt geschrapt. Suriname moet eveneens overgaan tot publieke excuses, de plek van de executies erkennen als officieel staatsmonument en de nabestaanden volledig compenseren. Daarnaast eisen ze dat Suriname 1,9 miljoen euro stort in een mensenrechtenfonds, bedoeld om alle slachtoffers van mensenrechtenschendingen in Suriname bij te staan.

Het verzoekschrift is opgesteld door de Amsterdamse jurist Gaetano Best. Volgens Best zal het twee tot drie jaar duren voor de mensenrechtencommissie tot een uitspraak komt. „Onze zaak staat als een huis, dus we schatten onze kans op een goede afloop hoog in”, aldus de jurist. Niettemin kan Suriname door de commissie niet worden gedwongen een eventuele uitspraak uit te voeren. Een niet onbelangrijk detail, aangezien hoofdverdachte Desi Bouterse tevens de president van het land is.