Waterpeil zakt en zakt en zakt

De drie jaar durende droogte in de woestijnachtige Golden State lijkt nieuwe, alledaagse werkelijkheid.

Woonboten zijn naar het midden van het meer gedreven in Shasta Lake, Californië. Het gezakte waterpeil in het meer bedraagt deze zomer 30 procent van de maximale hoeveelheid. Foto AFP

Meren zijn gehalveerd. In de bedding van de Los Angeles River staat nog maar een laagje water. Boomgaarden verpieteren, landarbeiders kunnen geen werk vinden. Het grondwaterpeil daalt, water wordt duurder, irrigatie begint omstreden te worden.

De droogte in Californië is ‘uitzonderlijk’ – de ernstigste kwalificatie – in 94,5 procent van de staat. Beter dan de recente 97,5 procent, maar niet veel beter. In de streek die een belangrijk deel van de Amerikaanse zuivel, vruchten, groenten en noten produceert, is maanden geleden de noodtoestand afgekondigd. Maar misschien is de al drie jaar durende droogte de nieuwe, alledaagse werkelijkheid – the new normal, zoals bezorgde media schrijven.

In de woestijnachtige regio is warm weer zonder neerslag niets nieuws. De ergste droogte in eeuwen terwijl de bevolking en economie groter en dorstiger zijn dan ooit – dat is wel nieuw.

De geograaf B. Lynn Ingram waarschuwt: een droogte die drie, vier decennia doorgaat, komt elke paar honderd jaar voor. Klimaatverandering vergroot de kans daarop, zegt zij. Als paleontoloog heeft Ingam berekend dat het in 500 jaar niet zo droog is geweest. En watergebrek is niet het enige probleem. In tijden van grote droogte wordt de kans op hevige overstromingen door noodweer juist groter.

In 1861-’62 kwam de Central Valley onder meters water te staan, een ramp die anno 2014 grote gevolgen zou hebben, niet alleen voor Californiërs in de regio maar ook voor de wereldeconomie. De landbouwregio in het geografische hart van de staat – the farm belt – is als een badkuip, omringd door heuvels en bergen. Komt het water, dan kan het nergens heen.

„We hebben een relatief natte eeuw achter de rug”, zegt Ingram, verbonden aan de Universiteit van Californië in Berkeley. In de twintigste eeuw groeide de bevolking snel en raakte ‘verwend’ door voldoende water. Het leef- en consumptiepatroon werd erop afgestemd, net als de groei van de agrarische sector. De vraag is nu of het stoffige land blijvend berekend is op een bevolking van 38 miljoen en intensieve veeteelt en landbouw. Ingram vreest van niet. „We maken het grondwater op, we leven zonder permanente voorraad.”

Bomen slurpen water op

Het is een uitdaging die volgens haar niet alleen met zuinigheid tegemoet getreden kan worden. Van al het Californische water wordt 80 procent gebruikt door de landbouw. In de Central Valley slurpen de bomen en gewassen water op.

Ingram vermoedt dat alleen hogere prijzen voor water tot gedragsverandering en tot meer duurzame landbouw zal leiden. Maar de noodtoestand heeft nog niet geleid tot grootschalig overheidsoptreden. Dat past niet in de Amerikaanse traditie, waar wet- en regelgeving op een zo lokaal mogelijk niveau is geregeld. In plaats van dwingende regels is tv-presentator Conan O’Brien ingeschakeld om inwoners tot bewust watergebruik te manen.

Vorige week heeft de volksvertegenwoordiging in hoofdstad Sacramento wel een ‘baanbrekend’ wetsontwerp aangenomen: die van grondwatermanagementstrategie. Dat klinkt bureaucratisch en volgens tegenstanders is het dat ook: niet meer dan een nieuwe lage ambtelijke nonsens die het boeren en consumenten nog moeilijker zal maken. Maar gouverneur Jerry Brown, die de wet zal ondertekenen, ziet het als een manier om waterconsumptie beter te reguleren en reservoirs te beschermen.

Droogte is kostbaar

Jay Lund maant tot kalmte. Deze milieukundig ingenieur is eveneens verbonden aan de Universiteit van Californië. Hij wijst er op dat droogte niets nieuws is. Het klimaat is altijd warm en droog; daardoor produceert de staat de beste wijn en knoflook. In vergelijking met landen met eenzelfde klimaat doet Californië het volgens de waterexpert goed. „We hebben een bloeiende economie, een grote en jonge bevolking, een productieve landbouwsector en enorme natuurgebieden die we goed beschermen”, zegt hij. In de Middellandse Zee-regio, Zuid-Afrika en Australië – met min of meer vergelijkbaar weer – is die combinatie volgens Lund ondenkbaar. „Ik wil niet zeggen dat we perfect bezig zijn. Maar we doen het goed.”

De landbouw slikt het meeste water op, maar het economische belang van de branche is niet essentieel voor de op zeven na grootste economie ter wereld. Het bruto binnenlands product (bbp) van Californië komt slechts voor 5 procent van de agrarische sector. Als het door de stijgende waterprijs onmogelijk wordt sinaasappels rendabel te houden, kan het zijn dat de landbouwsector krimpt of naar nattere streken verhuist. Lund maakt zich geen zorgen: „In economische zin is de branche niet cruciaal.”

Het mooie weer is wel kostbaar. Dit jaar verliest de economie naar schatting 1,67 miljard euro, op een bbp van 1,44 triljoen euro (ruim 1400 miljard). Er gaan 17 duizend banen verloren in de landbouwsector. De drie grootste waterreservoirs zijn nog maar voor eenderde deel gevuld, zodat sommige gemeenten water per vrachtwagen moeten invoeren.

Lund blijft laconiek. „Elke generatie heeft een stevige droogte nodig. Dat houdt ons scherp.” Het vermogen zich aan te passen aan nieuwe omstandigheden is volgens hem door en door Amerikaans en Californisch. „Dit is echt niet fataal.”