‘Philip was een gekwelde ziel’

De regisseur over zijn spionagethriller ‘A Most Wanted Man’, met de laatste grote rol van Philip Seymour Hoffman. „De huidige wereld zit me wel dwars.”

De derde speelfilm van regisseur en fotograaf Anton Corbijn is de laatste film met een hoofdrol voor acteur Philip Seymour Hoffman. Het is vrijwel onmogelijk om de film te zien zonder aan de trieste dood van Hoffman te denken, die begin dit jaar overleed aan een overdosis heroïne; ook al omdat hij in de film een man speelt die stevig rookt en drinkt, en een verwilderde indruk maakt. De associaties met het tragische einde van de acteur zelf zijn onvermijdelijk.

Tegelijk is het ook buitengewoon prettig om Hoffman, een van de beste acteurs van de afgelopen vijftien jaar, nog een keer in een grote rol te kunnen zien. In A Most Wanted Man, gebaseerd op een roman van John le Carré, speelt hij Günther Bachmann, een geheim agent die in Hamburg, de thuishaven van Mohammed Atta en andere kapers van 9/11, speurt naar terroristen, maar daarbij hinder ondervindt van onder meer de CIA, die niet veel opheeft met zijn onorthodoxe speurmethoden.

„Ik hoop dat de film op zichzelf kan staan”, zegt regisseur Anton Corbijn, in een Amsterdams hotel waar hij een halve dag Nederlandse pers te woord staat. „Maar het is onvermijdelijk dat de film een ander gewicht krijgt door de dood van Philip. Dat bepaalt mede hoe je naar de film kijkt. Voor mij is het daardoor ook moeilijk om de film te zien. Tegelijkertijd ben ik ook blij en trots dat Philip nog een rol heeft kunnen nalaten die recht doet aan zijn enorme talent en waar hij zelf heel tevreden over was.

„Philip heeft in zijn carrière natuurlijk veel extreme types gespeeld, en dat wordt door mensen al snel gezien als een enorme prestatie. Maar voor mij is juist het kenmerk van een groot acteur dat hij in een heel gewoon personage allerlei nuances kan aanbrengen, zoals in deze film. Er zal niet snel weer een acteur opstaan met zijn capaciteiten. Daar ben ik me steeds weer van bewust als ik hem zie op film.”

U heeft de film al twee jaar geleden gedraaid. Waarom komt de film nu pas uit?

„We hebben gedraaid in de herfst van 2012. De kleuren van de herfst vond ik heel erg passend voor dit verhaal. De film gaat over de wereld na 11 september. Dat is voor mij een gebeurtenis die voor de wereld als het ware de overgang markeert van de zomer naar de herfst. Sinds we de film hebben gedraaid is dat gevoel alleen maar toegenomen. Ik wilde de film ook heel graag in de herfst laten uitkomen, daar heb ik voor gevochten. Dit is een film die je in de herfst moet zien.

„De film gaat voor mij in hoofdzaak over de polarisatie in de wereld, en de rampzalige gevolgen daarvan. Die polarisatie is begonnen na 11 september en daarna steeds verder toegenomen. Je kunt je afvragen of onze reacties in het Westen op de wereld die na 11 september is ontstaan de problemen niet alleen maar nog groter maken. Als de film zulke vragen weet op te roepen, ben ik tevreden.”

Günther Bachmann, de rol van Seymour Hoffman, is het personage in de film die die voortdurende polarisatie juist probeert tegen te gaan.

„Absoluut. Hij is geen doetje, maar hij probeert de problemen rond extremisme en terrorisme op een intelligente manier te benaderen. Dat is in mijn ogen de enige juiste aanpak. Dat is de voornaamste reden dat zijn personage in de film meer centraal staat dan in het boek.”

Günther Bachmann in de film lijkt ook behoorlijk dicht bij Philip Seymour Hoffman zelf te staan.

„Philip is altijd een gekwelde ziel geweest. In deze rol komt dat naar boven, terwijl sommige andere rollen die hij heeft gespeeld verder geen enkele relatie hadden tot zijn eigen leven. Ik denk dat hij zich daarom aangetrokken heeft gevoeld tot de rol, omdat hij er iets van zichzelf in terugzag. Zijn liefde voor acteren was enorm groot, maar hing tegelijkertijd als een molensteen om zijn nek. Hij wilde altijd beter zijn, nog meer geven. Dat bracht bepaalde dingen bij hem naar boven waar hij zelf ook onder leed.”

De film stelt een politiek thema aan de orde. Een nieuwe ontwikkeling in uw werk?

„Kijk, je bent met een film minstens een jaar, anderhalf jaar bezig. Daarom wilde ik een thema te kiezen dat mij aangaat, en dat eigenlijk iedereen aangaat. Ik ben geen politieke filmmaker en dat zal ik ook niet worden. Maar de ontwikkeling van de huidige wereld zit me wel dwars, hoe overheden in de naam van de vrijheid juist de vrijheid vertrappen.”

Net als in ‘Control’ en ‘The American’ is dit weer een film over een loner, een man alleen. Dat blijft u fascineren?

„Ik heb daar bij deze film niet bewust voor gekozen, maar ik neig nu eenmaal naar dat soort personages: een man alleen, in gevecht met de wereld. Dat is ook de reden waarom ik in mijn fotografie zo geïnteresseerd ben in kunstenaars.”

Meer dan voorheen is dit een film die wordt gedreven door de plot.

„Ja. Met meer dialogen, meer personages. Ik ben me er heel bewust van dat ik maar beperkte ervaring heb als filmmaker. Ik wil met elke film nieuwe dingen leren, me verder ontwikkelen. Ik heb deze film heel bewust anders geschoten dan eerdere films. Control stond nog heel dicht bij hoe ik naar de wereld kijk, ook in mijn fotografie. Met The American ben ik daar al iets verder van verwijderd geraakt. En nu wilde ik echt een film maken die er niet uitziet alsof hij door een fotograaf is gemaakt. Natuurlijk is het visuele aspect van een film heel belangrijk, film is in de eerste plaats iets om naar te kijken. Maar ik wilde dat niet meer zo overduidelijk laten overheersen. Daarom hebben we gekozen voor een handheldcamera. Dat geeft een bepaalde urgentie, en ook een zekere intimiteit. Ik denk dat het visueel nog steeds een heel mooie film is, maar de beelden springen er niet meer zo duidelijk uit.”

U heeft gewerkt met Ian Curtis, Herman Brood, Kurt Cobain, allemaal te vroeg gestorven. Voelt u een bepaalde aantrekkingskracht tot extreme figuren?

„Ik zoek ze daar natuurlijk niet op uit, maar ik ben wel geïnteresseerd in een bepaald type kunstenaar, die alles geeft voor zijn werk. Veel kunstenaars worstelen met zichzelf en met het leven. Ik heb die worsteling zelf ook meegemaakt, om rechtop te leren staan en mijn eigen stem te vinden. Ik snap dat. Die mensen vind ik interessanter dan mensen bij wie alles heel gemakkelijk gaat.”