Ook óp het werk in de file staan

Bijna een op de tien ambtenaren voelt zich niet thuis op zijn werkplek, maar gaat desondanks niet op zoek naar een andere baan: ze zien geen doorstroommogelijkheden.

illustratie tomas schats

Dat je in de file staat naar je werk is al vervelend genoeg. Maar wat als je ook óp je werk niet vooruitkomt? Als je niet kunt doorstromen en je carrière lijkt stil te staan?

Dat is het geval onder veel ambtenaren, blijkt uit de monitor Trends en Cijfers 2014 die het ministerie van Binnenlandse Zaken (BZK) vandaag publiceert. Daaruit blijkt dat maar liefst 82,5 procent van alle ambtenaren ‘vastzit’: ze blijven in hun huidige functie werken, onder meer omdat ze geen doorgroeimogelijkheden zien. Het gaat om ambtenaren bij het openbaar bestuur (Rijk, provincies, gemeenten, waterschappen) en de rechterlijke macht.

Bij het openbaar bestuur werken 300.000 ambtenaren. Bijna een op de tien zegt niet op de juiste plek te zitten en gaat desondanks niet op zoek naar een andere baan, dat zijn maar liefst 30.000 ambtenaren. De werknemers zijn ongelukkig in hun functie maar geloven niet dat zoeken naar ander werk loont, zegt Lucas Lombaers, directeur Arbeidszaken Publieke Sector van het ministerie van BZK. Hij vindt de cijfers alarmerend. Het niet van baan wisselen belemmert de doorstroom en Lombaers is bang is dat de ongelukkige werknemers minder goed functioneren.

Ook de ambtenaren die wel actief naar een andere baan zoeken slagen daar lang niet altijd in: bijna een op de vijf zoekt tevergeefs. Dat zou ook verklaren waarom sommige werknemers niet eens meer beginnen met zoeken. „De meeste mensen die niet op hun plek menen te zitten, zijn ouder dan vijftig en hebben een lage of middelbare opleiding”, vertelt Julia Rademaker, woordvoerder bij het ministerie van BZK. „In de huidige omstandigheden hebben ze niet de beste kansen op de arbeidsmarkt, dat kan verklaren waarom ze niet op zoek gaan.”

De interne doorstroom van de ambtenaren bedraagt nog geen 12 procent; daarvan maakt iets meer dan de helft vrijwillig de overstap. De uitstroom ligt op een kleine 6 procent. Vooral 30-minners verlaten de sector, al dan niet gedwongen. De instroom aan nieuwe ambtenaren is historisch laag: tussen de 2 en 3 procent. Dat is deels te wijten aan de geringe doorstroom, maar ook aan het feit dat het aantal ambtenaren sowieso afneemt. Het aantal daalt van 1,06 miljoen in 2012 naar 1 miljoen in 2016, becijferde minister Plasterk (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) vorig jaar. Door de vergrijzing gaan veel ambtenaren de komende jaren met pensioen en vanwege bezuinigingen worden die vacatures niet opgevuld.