Oekraïne komt niet bij de NAVO, dus staat op het slagveld alleen

Oekraïne wil lid worden van de NAVO. Maar dat is en blijft een explosieve kwestie. In Moskou, in Kiev én binnen de NAVO.

Britse militairen op oefening in Polen. Het Britse ministerie van Defensie gaf deze foto gisteren vrij.

Terwijl de militaire situatie voor de Oekraïense regering steeds penibeler werd, vond premier Jatsenjoek vrijdag toch een manier om de pro-Russische separatisten en Moskou te tarten. Of het verstandig was is een tweede, maar terwijl zijn troepen in het oosten van het land steeds meer terrein moesten prijsgeven, kondigde de premier aan dat zijn land lid van de NAVO wil worden. Precies wat volgens Rusland altijd al de opzet van Kiev en het Westen is geweest. Precies wat de Russen koste wat kost willen voorkomen.

Het eventuele NAVO-lidmaatschap van Oekraïne is al jaren een uiterst gevoelige en politiek explosieve kwestie. Niet alleen in Moskou, maar ook in Kiev en tussen de lidstaten van de NAVO onderling.

Op de NAVO-top die morgen in Wales begint, zal de crisis in Oekraïne een belangrijk onderwerp van gesprek zijn. Het bondgenootschap zal steun voor het land in oorlog uitspreken. En president Porosjenko zal als gast aanwezig zijn. Maar het lidmaatschap zal Oekraïne niet worden aangeboden.

Dus wat premier Jatsenjoek ook zegt: voorlopig zal Oekraïne in elk geval geen lid van de NAVO zijn. En dat maakt alles uit. Als een lidstaat wordt aangevallen moeten de andere lidstaten te hulp schieten – een aanval op één NAVO-land zal worden opgevat als een aanval op alle lidstaten, staat immers in het befaamde artikel 5 van het NAVO-handvest.

Die garantie is de basis van de alliantie – en de reden waarom het NAVO-lidmaatschap zo belangrijk is voor landen in het oosten van Europa die zich nu bedreigd voelen door Rusland. Wie in de club zit staat nooit alleen – de komende dagen zal de NAVO er de nadruk op leggen dat ze die afspraak heel serieus neemt. Om vooral de Baltische landen en Polen gerust te stellen. En om Rusland af te schrikken en te waarschuwen deze landen met rust te laten.

Maar wie níét in de club zit, zoals Oe-kraïne, heeft pech. Die kan géén aanspraak maken op militaire hulp van NAVO-landen, al hun verklaringen van steun en verbondenheid ten spijt. Wie niet in de club zit staat, als het erop aankomt, op het slagveld goeddeels alleen. Voor de regering in Kiev is dat des te pijnlijker omdat ook Moskou dat terdege beseft en ervan profiteert.

In april 2008 wilde de Amerikaanse regering, toen nog onder president George W. Bush, Oekraïne en Georgië het NAVO-lidmaatschap in het vooruitzicht stellen op een NAVO-top in Boekarest. Na het einde van de Koude Oorlog waren voormalige Oostbloklanden als Polen, Tsjechië en Hongarije al toegetreden (in 1999), vijf jaar later gevolgd door een nieuwe reeks landen waaronder drie ex-Sovjetrepublieken: Estland, Letland en Litouwen. Waarom zouden Oekraïne en Georgië niet de volgende kandidaten voor toetreding zijn?

Omdat de NAVO het er niet over eens kon worden. Vooral Duitsland en Frankrijk lagen dwars. Rusland had fel geprotesteerd tegen „het oprukken van de NAVO naar de Russische grenzen”. Zo was het voor Moskou onverteerbaar dat het (toen nog) Oekraïense schiereiland de Krim – met Sebastopol als thuishaven van de Russische Zwarte Zeevloot – tot het NAVO-gebied zou gaan behoren. Oekraïne was eigenlijk niet eens een echt land, beweerde Poetin, die als gast op de top in 2008 was uitgenodigd.

Een extra probleem voor Duitsland en Frankrijk was dat de Oekraïense bevolking zélf altijd verdeeld was over toetreding tot de NAVO. En dat is ze nog steeds.

De NAVO-landen bereikten uiteindelijk een compromis tussen voor- en tegenstanders van toetreding: Oekraïne en Georgië konden lid worden als ze dat zouden willen én als ze aan de voorwaarden zouden voldoen – maar er werd niet bij gezegd wanneer. Over vijf jaar? Tien jaar? Of met sint-juttemis?

Toen in de zomer van 2008 de korte oorlog tussen Rusland en Georgië uitbrak, was menige lidstaat blij dat Georgië nog geen NAVO-lid was – waren we bereid geweest met Rusland in oorlog te raken om de nogal drieste president Saakasjvili te hulp te schieten? Maar volgens sommigen had de oorlog juist voorkomen kunnen worden als Georgië al lid of op weg naar lidmaatschap was geweest – dan was Moskou veel voorzichtiger geweest.

Dezelfde discussie speelt nu ook bij Oekraïne – zou het toezeggen van een datum voor toetreding de crisis escaleren en de NAVO meesleuren in een grote oorlog met Rusland? Of zou het juist een afschrikkend en stabiliserend effect hebben? Voorstanders zeggen: de NAVO heeft altijd een politiek van de ‘open deur’ gevolgd: als een land zelf wil toetreden, moet het daartoe de gelegenheid krijgen.

In 2010, onder de pro-Russische president Janoekovitsj, bepaalde het Oekraïense parlement dat het land zich aan geen enkel militair blok zou verbinden – waarmee het NAVO-lidmaatschap van de baan was. Vrijdag zei premier Jatsenjoek dat hij het parlement gaat vragen die wet in te trekken.

Het klonk als een noodkreet van een regering die weinig kanten meer op kan. Zolang er een oorlog woedt, en een deel van het land niet onder controle van de regering is, zal de NAVO er haar vingers niet aan branden. Precies wat Rusland wil. En zelfs als de wapenstilstand waarvan vandaag sprake is echt rust brengt, blijft toetreding van Oekraïne binnen de NAVO omstreden.