Een verlies voor Nederland; een aanwinst voor Europa

Niemand is onmisbaar. Dat geldt zelfs voor minister Frans Timmermans (Buitenlandse Zaken, PvdA) die door het kabinet is voorgedragen om Europees commissaris te worden. Maar dat neemt niet weg dat zijn vertrek naar Brussel een aderlating betekent voor datzelfde kabinet. Dat geldt des te meer in deze tijd van internationale hoogspanning, waarin iemand van het kaliber van Timmermans een belangrijke rol kan vervullen, zoals ten tijde van de ramp in Oekraïne met de MH17 is gebleken.

Timmermans heeft, sinds hij in november 2012 als minister aantrad, zich laten zien als een sterke bewindsman die zich met kennis en souplesse door de wereld van de internationale diplomatie wist te bewegen. Zijn vermogen om scherp te analyseren en helder te verwoorden hoe het best op het diplomatieke toneel geopereerd kan worden, bleek gisteravond nog eens toen hij in Amsterdam de jaarlijkse H.J. Schoo-lezing uitsprak. De Nederlandse politiek zal zich „moeten bevrijden van de wens een holistisch beleid te voeren, maar vaker scherper moeten kiezen”, luidde zijn in een gloedvol betoog vervatte boodschap.

En toch. Het gaat maar om de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken. In het spel van de werelddiplomatie waar de grote landen de dienst uitmaken, is Nederland niet meer dan een radertje. Kleine landen moeten door hun presentatie het niet vanzelfsprekende gezag verwerven. Het is de verdienste van Timmermans geweest om het zeker binnen de Europese Unie gebutste imago van Nederland enigszins te herstellen. Niet onbelangrijk is dat hij er daarnaast in is geslaagd zijn medewerkers op het departement van Buitenlandse Zaken enig zelfvertrouwen terug te geven.

Nog niet duidelijk is welke positie Timmermans in de Europese Commissie zal bekleden. Maar de contouren van zijn takenpakket die wel bij het kabinet bekend zijn, geven premier Rutte in elk geval het vertrouwen dat dit aansluit bij de statuur en ervaring van Timmermans. Ook zou zijn portefeuille aansluiten bij de Nederlandse uitgangspunten voor het beleid dat Brussel moet voeren.

Het is te hopen dat Rutte gelijk krijgt. In de commissie zou Timmermans een vicevoorzitter met extra bevoegdheden moeten worden. Op papier kan dat. Maar daar moeten nog wel 26 andere commissarissen mee instemmen. De praktijk in Brussel is weerbarstig, zeker als het om machtsverdeling gaat.

Nederland verliest met Timmermans een van de betere naoorlogse ministers van Buitenlandse Zaken. De keerzijde is dat Europese Commissie vanuit Nederland een zwaargewicht krijgt. Een investering die laat zien waar het belang van Nederland ligt: in Europa.