Column

De valse naïviteit van paradijs Nederland

Nederland schrikt zich dood door al die ellende deze zomer. Naïef, vindt René Moerland.

Na de zomermaanden van geopolitiek geweld hangt er rond het begin van het binnenlandse politieke jaar een vals sentiment. Deze zomer zouden we onverhoeds het besef hebben gekregen dat de wreedheid, haat en genadeloosheid in de wereld ook ons leven kunnen bedreigen. We hadden er immers nooit over nagedacht dat we in onze vliegtuigen op weg naar het volgende doel in onze schitterende wereld niet helemaal ongenaakbaar over oorlogsgebied vlogen. We hadden geen rekening gehouden met een Russische president die de Europese orde op het spel zet door het respect voor grenzen te schenden. Ook vinden we het schokkend dat de moordzuchtige strijders van de niet erkende Islamitische Staat (IS) in Irak en Syrië (enkele) aanhangers in Nederlandse steden hebben. We zijn geschrokken dat sommige deelnemers aan het publieke debat zich laten drijven door antisemitisme.

Dat gevoel overvallen te zijn door het kwade in de wereld is vals sentiment, en ook naïef: alsof we tot de zomer in een afzijdig paradijs leefden. Op de onveiligheid van de Oekraïense vliegroute na was geen van de ontwikkelingen verrassend. Het waren escalaties van situaties waar al volop voor gewaarschuwd was.

Waarom dan toch die stemming overvallen te zijn? Deels moet dat het gretig gehandhaafde Nederlandse zelfbeeld zijn als vredige haven: we koesteren al een paar eeuwen het idee (de illusie) dat grootschalig geweld altijd iets van elders is, waar wij ‘eigenlijk’ buiten staan. Zeker als het te maken heeft met macht. Zelf snappen we georganiseerd geweld hoogstens als je er geld mee kunt verdienen – vroeger deden we er daarom aan in koloniaal verband, nu zien we het in de criminaliteit. Maar vechten voor macht? Het is alsof het verleden terugkeert.

Ideologisch geweld begrijpen we ook niet. De moord op Theo van Gogh noemde premier Balkenende in 2004 ‘on-Nederlands’. Nu worstelt CDA-leider Buma met het ‘verheerlijken van geweld’ (verbieden!) en een VVD-Kamerlid met de vrijheid van demonstratie van IS-fans (terroristen!).

Er is nog iets dat het geweld bedreigend maakt. We kunnen het niet op afstand houden, het dringt binnen. Dat geldt voor de onverklaarde Russisch-Oekraïense oorlog evengoed als voor de IS-campagne in Irak en Syrië. De regering reageert, ze kan niet anders. Sancties, redes, diplomatie, het opvangen van economische schade, bewapenen van strijdende partijen – het is inspelen op omstandigheden die we niet beheersen.

Het veroorzaakt een stemming dat we ons moeten bewapenen. Dat gebeurt vooralsnog niet op indrukwekkende wijze, materieel noch mentaal. Wat is het nut van 100 miljoen euro extra voor Defensie? Misschien is het genoeg om als politiek signaal te worden begrepen door NAVO-bondgenoten. Maar hoe past het bijvoorbeeld in plannen voor meer Europese militaire samenwerking?

Ook mentaal is de ‘bewapening’ mager. Niemand lijkt de zomer uit gekomen met een duidelijk idee. Wat brengt elan in de samenleving? PvdA-leider Diederik Samsom hield in de Volkskrant een peptalk over een innovatieve economie. Hij hoopt op optimisme en samenwerking. Alexander Pechtold (D66) gelooft in weerbaarheid en zelfbewustzijn over vrijheden en rechten. De soft power van de liberaal-democratische samenleving. Wie is er tegen, maar het zegt weinig over onze plaats in de wereld. Het is een defensief mission statement voor een land dat zich overvallen voelt door wat er in de wereld gebeurt.