Grote kans dat hij je de rij uitstuurt

Sven Marquardt is de bekendste uitsmijter van Europa. Hij bewaakt de poorten van de Berlijnse technotempel Berghain. Zijn autobiografie is een bestseller in Duitsland.

Sven Marquardt (52) bewaakt de ziel van Berlijn. Hij is de poortwachter van Berghain, één van de bekendste clubs van Europa. Onlangs verschenen zijn memoires.

Berghain is het gedroomde Berlijn in het klein. Er lijken geen regels te gelden. De inrichting is ongepolijst en grauw, de club is gevestigd in een voormalige energiecentrale. Tijd bestaat niet, want in het weekend sluit de club nooit.

De club wordt streng bewaakt door een man met vier dikke, zilveren ringen in zijn neus en in zijn onderlip. Op zijn gezicht een tatoeage die lijkt op prikkeldraad.

Berghain is berucht om het ogenschijnlijk willekeurige deurbeleid waar Sven Marquardt de grondlegger van is. Alles om een underground-mysterie te blijven – inmiddels een onmogelijke taak, want de rij staat ieder weekend vol met toeristen.

De wachttijd loopt regelmatig op tot twee uur. En bij de deur aangekomen, is de kans groot dat Marquardt of één van zijn collega’s je met een stoïcijnse knik de rij uitstuurt. Een groot deel van de wachtenden is speciaal voor Berghain naar Berlijn gevlogen. Naast de rij fladderen daarom ieder weekend plukjes gedesillusioneerde nachtvlinders.

Alleen hij weet het geheim

Dit jaar viert Berghain het tienjarig jubileum, Marquardt werkt er net zo lang. Hij is uitgegroeid tot een beroemdheid. Onlangs verschenen zijn memoires, Die Nacht ist Leben, en binnenkort komt er een kledinglijn in samenwerking met Hugo Boss. T-shirts met duistere fotoportretten, geschoten in Berghain – Marquardt is ook een verdienstelijk fotograaf.

In de aanloop naar Marquardts memoires werd er vurig gehoopt op de grote onthulling: de sleutel tot Berlijns bekendste club.

Er bestaan fora waarop mensen proberen de Berghain-code te kraken. Een veelgehoord advies: probeer er zo gay mogelijk uit te zien, Berghain is van origine een homoclub. Of: draag geen hakken, probeer er stoer en in ieder geval niet tuttig uit te zien. Maak geen oogcontact met de bouncer, maak wel oogcontact met de bouncer. Begin dit jaar werd de app ‘How to get into Berghain’, met onder meer kledingadvies, gepresenteerd.

Spoiler alert: Marquardt verklapt niet hoe je de club in komt. Het gaat in Die Nacht ist Leben opmerkelijk weinig over Berghain. In het laatste hoofdstuk licht Marquardt nog wat halve tegels. Berghain streeft ernaar om ‘de juiste mix van mensen’ bij elkaar te krijgen, schrijft hij. ‘Een Pamela Anderson-blondine in een outfit van Peek en Cloppenburg’ maakt net zo veel kans als ‘twee zwetende beren van kerels die elkaars oksels aflikken’. Maar het moet dus allemaal goed bij elkaar passen. Marquardt wordt de curator van het nachtleven genoemd.

Berghain is vaak mikpunt geweest van kritiek. Want het weigeren van mensen om hoe ze eruit zien, dat kun je ook discriminatie noemen. Die aantijgingen vindt Marquardt nogal vermoeiend. ‘We zijn Moeder Teresa niet’. Vroeger, schrijft Marquardt, was hij wel eens onredelijk tegen zijn gasten. Dat waren de nachten waarin hij zelf nog bijkwam van een drugskater of juist midden in een trip zat. Zijn emoties konden dan behoorlijk schommelen. Soms gebeurde het dat iemand hem vroeg waar het feest was en hij terugschreeuwde: ‘Welk feest bedoel je, verdomme!’

Marquardt is inmiddels 52 en die dagen zijn voorbij. Tijdens een dienst, die negen uur duurt, eet hij twee repen pure chocolade en een banaan.

Relikwie van de DDR

Er werd voor verschijning van Die Nacht ist Leben vooral uitgekeken naar de Berghain-onthullingen, maar de verhalen over Oost-Berlijn maken de meeste indruk. Sven Marquardt is ook een relikwie van de DDR. Hij werd een jaar na de bouw van de muur geboren, groeide op in Pankow en werd volwassen in Prenzlauerberg – nu een chique bakfietsmoederbuurt, toen afgeragd, arm en ongeliefd. Marquardt verzette zich tegen de tijdsgeest, die voorschreef dat iedereen hetzelfde moest zijn, door een leren jas te dragen, een gitzwarte hanenkam te nemen en zich in de Berlijnse homoscene te storten. Hij werd in de jaren tachtig een redelijk succesvolle fotograaf, maar toen de muur viel en alles anders werd, stortte hij zich met hernieuwde energie in het vernietigende nachtleven. ‘Ik wilde alleen nog maar feesten, altijd in een roes blijven’.

Hij gebruikt geen drugs meer

Totdat hij, inmiddels bouncer bij een nachtclub, besloot dat de roofbouw op zijn lichaam moest stoppen. Nu drinkt hij niet meer, gebruikt hij geen drugs. Maar hij kijkt bijna als een socioloog naar de anderen. ‘De nacht, zwanger van drugs en euforie, laat ons de mensen zien zoals ze zijn. De maskers gaan af, er spelen zich drama’s en komedies af’.

Marquardt heeft een slim moment gekozen om zijn boek te publiceren. Niet alleen bestaat Berghain tien jaar, ook leeft Berlijn toe naar de herdenking van de Berlijnse muur. In november is het 25 jaar geleden dat die viel.

Die Nacht ist Leben laat dan ook zien hoe Berlijn is uitgegroeid tot wereldstad. Van arm en ongeregeld naar succesvol en georganiseerd.