Amnesty: etnische zuivering door IS in Irak

Mensenrechtenorganisatie zegt nieuwe bewijzen te hebben dat de Islamitische Staat systematisch minderheden uitmoordt

Strijders van de Islamitische Staat (IS) hebben de afgelopen maanden een „systematische campagne van etnische zuivering” gelanceerd tegen etnische en religieuze minderheden in Noord-Irak. Dat stelt mensenrechtenorganisatie Amnesty International vandaag in een nieuw rapport, gebaseerd op eigen onderzoek.

De mensenrechtenorganisatie zegt bewijzen te hebben verzameld van meerdere massamoorden in de noordelijke regio Sinjar in augustus. Twee slachtpartijen met de meeste slachtoffers vonden plaats op 3 en 15 augustus, toen strijders van IS de dorpjes Qiniyeh en Kocho binnenvielen en honderden mensen doodden.

IS heeft het platteland van Sinjar volgens Amnesty International „veranderd in met bloed doordrenkte slachtvelden, in een brute campagne om alle sporen van niet-Arabieren en niet-sunnieten uit te wissen”.

Een overlevende van de slachting in Kocho zei tegen Amnesty: „Groepen mannen en jongens, onder wie kinderen van nog geen twaalf jaar oud, werden meegenomen en neergeschoten. Er was geen bevel, ze [de IS-strijders] begonnen gewoon klakkeloos de voertuigen te vullen.”

Met de massale moordpartijen en ontvoeringen is IS erin geslaagd de hele bevolking van Noord-Irak te terroriseren. Volgens cijfers van de Verenigde Naties zijn er alleen al in augustus 1.420 mensen om het leven gekomen. Ruim een miljoen mensen zijn hun huizen ontvlucht.

Gisteren kondigde de Mensenrechtenraad van de VN aan dat er een team naar Irak gaat om „onmenselijke daden op een ongekende schaal” te onderzoeken. De plaatsvervangend mensenrechtenchef van de VN, Flavia Pansieri, zei dat IS christenen, yazidi’s, Turkmenen, shabak, kaka’i, sabeeërs en shi’ieten op „brute wijze worden vervolgd”.

IS heeft honderden yazidi’s ontvoerd. Het is onduidelijk wat met hen is gebeurd. Veel mensen die zijn ontvoerd door IS-strijders zijn bedreigd met verkrachting en onder druk gezet om zich te bekeren tot hun zeer orthodoxe versie van de islam.

Gisteren zijn Koerdische strijders en het Iraakse leger erin geslaagd de Noord-Iraakse steden Amirli en Suleiman Beg in te nemen. Vooral de situatie in Amirli was nijpend. De stad vlakbij de grens met autonoom Koerdistan was omsingeld door strijders van IS die dreigden de 15.000 shi’itische Turkmenen in de stad te vermoorden. Het lukte de Turkmenen om IS buiten te houden, met luchtsteun van het Iraakse leger. Maar door voedseltekorten dreigde een humanitaire ramp.

De inname van Amirli is het gevolg van een succesvolle samenwerking tussen Koerdische strijders, het Iraakse leger en shi’itische milities die veelal bestaan uit vrijwilligers. De milities verklaarden dat Iran een grote rol heeft vervuld bij de recente operaties in Noord-Irak. Het leverde wapens en hielp bij de planning van het offensief. Iran draagt bij aan het grootste militaire succes van de regering sinds IS grote delen van Irak veroverde.