Column

Vermeer

Er zat een dolk in de rug van Erwin Mulder toen hij naar de kruising vloog om de bal met zijn rechterhand over te tikken. Iedereen die het laatste nieuws volgde, zag het wapen zitten. De keeper van Feyenoord leek nog niets te voelen.

Terwijl Mulder tegen Twente in het doel stond werd bekend dat Ajax-doelman Kenneth Vermeer naar de aartsrivaal vertrok.

Frank de Boer bevestigde de saillante transfer. Vermeer had zaterdag gezegd dat zijn trainer maar even op een stoel moest plaatsnemen. Iemand eerst laten zitten, dat betekent doorgaans een mededeling over leven of dood.

De mond van Frank de Boer moet zijn opengevallen.

Voetballers van Amsterdam naar Rotterdam transporteren is nog moeilijker dan Hollandse tomaten over de Russische grens smokkelen.

Op televisie zag ik de reservekeeper van Ajax uit de spelersbus stappen. Hij liep in sloom tempo met een rolkoffertje op een dranghek af. Fans kregen een handtekening. Het zag er goed uit. Maar een keeper wordt afgerekend op reddingen, op een zekere houding in het doel. Niet voor niets heet een redding een save.

Vermeer en De Boer wisten van de transfer. Bij de Rotterdammers hingen mistbanken rond de hoofden. Vermeer naar Feyenoord?

Rutten: „Er zijn gesprekken gaande.”

Aanvoerder Jordy Clasie: „Daar hebben wij niets over gehoord.”

Keeper Mulder mocht na de wedstrijd geen interviews geven. De clubleiding neemt je tegen jezelf in bescherming, zoals dat dan heet.

De transferperiode is opwindende koehandel. Iedere fan hoopt op versterking, spelers hunkeren naar een sterkere club en vooral, een hoger salaris. Clubliefde is old school. Je bent een heel naïeve prof als je ‘s avonds in slaap valt onder een dekbed in clubkleuren. Onder een effen laken slaapt een voetballer het fijnst.

Erwin Mulder heeft nooit de uitstraling van een winnaar gehad. Met zijn uitstekende reflexen is hij een geschikte keeper. Toch is onzekerheid nooit ver weg. Ik herinner me teveel fratsen, lage uittrappen. Niemand wil een doelman die de zenuwen oproept als hij alleen al de bal stuit.

Aan Vermeer kleeft hetzelfde als bij Mulder: hij is doelman met gave reddingen, maar hij lijdt soms ook aan kortsluiting in het hoofd. Je kunt je afvragen wat Feyenoord met deze transfer opschiet.

In de derde week van deze maand speelt Ajax de Klassieker in De Kuip. Vermeer zal waarschijnlijk in het doel van Feyenoord staan. In een strafschopgebied waar hij voorheen van alles – van scheldwoorden tot euromunten – naar zijn hoofd kreeg geslingerd. Eén blunder in die wedstrijd en het komt nooit meer goed.

Kortom, ik bewonder zijn moed.

Mulder en Vermeer, ze zijn alle twee niet te benijden. Het blijven keepers; mannen met rare handschoenen op een voetbalveld.