Huishoudbacterie laat zien wie er over de vloer komt

Uit bacterie-onderzoek in een huis blijkt of een bewoner de afgelopen dagen thuis was, concluderen onderzoekers.

De bacteriesamenstelling op de keukenvloer van een huis geeft betrouwbare informatie over wie er woont. Dat schreven Amerikaanse onderzoekers onder leiding van microbioloog Jack Gilbert van de University of Chicago vrijdag in het wetenschappelijke tijdschrift Science. Elk gezin draagt zijn eigen kenmerkende microbioom (bacteriepopulatie op de huid en in de darm) bij zich, en laat dat overal in huis achter. Ook niet-verwante huisgenoten, bijvoorbeeld in een studentenhuis, hebben een overeenkomstig microbioom dat te onderscheiden is van dat van andere huishoudens.

Het team volgde gedurende anderhalve maand de microbiële gemeenschappen van zeven gezinnen en hun huizen. De deelnemers namen – na een training – dagelijks of om de dag bacteriemonsters die zij invroren voor latere analyse door de onderzoekers. Ze streken daarvoor met speciale wattenstaafjes over hun handen en voetzolen, en in hun neusholte (ook bij eventuele kinderen en huisdieren). Ook bemonsterden ze oppervlakken in hun huis: de vloer van de keuken en de slaapkamer, het aanrecht, het lichtknopje in de keuken, en de deurknoppen van de badkamer en de voordeur.

De uitslag was verbijsterend. Het lijkt haast alsof iedereen overal voortdurend zijn naam op zet, zo nauwkeurig is het spoor van individuen via bacteriën te volgen. Door de voortdurende uitwisseling van bacteriën krijgen huisgenoten een gelijksoortig profiel, terwijl ze ook nog individueel herkenbaar blijven. Is er iemand voor langere tijd weg (dat kwam drie keer voor in de studie), dan vervaagt zijn ‘handtekening’ langzaam. Na een paar dagen zijn zijn bacteriën geheel verdwenen.

Maar omdat de sporen niet overal met dezelfde snelheid verdwijnen, moet het volgens de onderzoekers mogelijk zijn om aan de hand van bacteriën met precisie in te schatten wanneer bepaalde personen wel of niet thuis waren. In vergelijking met het gebruikelijke DNA-sporenonderzoek (aan de hand van haren, bloed, en dergelijke) kunnen forensische rechercheurs dan niet alleen een uitspraak doen of iemand in een kamer geweest is, maar ook wanneer en hoe lang geleden. Ze schrijven: aangezien de sporen op verschillende plaatsen met verschillende snelheid verdwijnen, moet het mogelijk zijn een inschatting te maken van het tijdsverloop sinds de laatste aanwezigheid van een persoon.

„Prachtig baanbrekend onderzoek”, mailt microbioloog Jonathan Eisen van de University of California in Davis terug, gevraagd naar zijn reactie. „Maar persoonlijk zou ik wel wat voorzichtiger zijn met conclusies trekken. Ik zie bijvoorbeeld nog niet dat dit soort onderzoek nu al daadwerkelijk juridisch bewijs zal leveren dat standhoudt in een rechtszaak, zeker niet in vergelijking met bestaande forensische opsporingsmethodes.”

Gilbert laat zich er niet door afremmen. Een bacteriële vingerafdruk kan zelfs onthullen of personen van wie het individuele bacterieprofiel bekend is nauw fysiek contact hebben gehad, stelt hij. In het onderzoek bleek dat de bacteriesamenstelling van een jong samenwonend stel sterker onderling overeenkwam dan met die van een in het zelfde huis wonende huurder.

Als het gezin verhuist, verhuist het microbioom mee. Drie van de studiegezinnen verhuisden tijdens de onderzoeksperiode. In één geval ging het om een stel dat vanuit een hotelkamer een nieuw huis betrok. Binnen 24 uur had het nieuwe huis hetzelfde microbioom als de hotelkamer daarvóór.

De vloeren (van de keuken iets meer dan van de slaapkamer) bleken de meest betrouwbare bron van iemands aanwezigheid. In overeenstemming daarmee leverden de monsters van de voetzolen de meest stabiele informatie over het gezinsmicrobioom.