Poetin zet stap naar interventie

Russische president roept op humanitaire corridor te vormen voor omsingelde Oekraïense militairen.

Pro-Russische militiemannen in Donetsk. Het oranje-zwarte embleem, het zogeheten ‘Sint Joris-lintje’, verwijst naar het insigne van het Rode Leger in zijn overwinningsmars tegen Hitler-Duitsland. Foto AP

De Russische president Vladimir Poetin begint zich openlijk te bemoeien met de rebellen in het oosten van Oekraïne en schept zo stapsgewijs ruimte voor een directe Russische inmenging. Vannacht heeft Poetin de milities in de Donbass „opgeroepen” om een „humanitaire corridor te openen” zodat de omsingelde Oekraïense soldaten het strijdtoneel kunnen verlaten.

De oproep van Poetin verscheen om 01.10 op de website van het Kremlin. Op dat tijdstip liggen de burgers in Moskou op bed maar is de regering in Washington juist in vol bedrijf. Bijna zes weken geleden wendde Poetin zich ook in een nachtelijke boodschap tot de buitenwereld. Dat was drie etmalen na de vliegramp met de MH17.

De boodschap van Poetin moet nauwgezet worden gelezen. In zijn nachtelijk appèl op de pro-Russische landstorm in de Donbass gebruikt Poetin niet het werkwoord ‘vragen’ noch ‘bevelen’. Hij ‘roept op’, zoals het leger zijn dienstplichtige soldaten oproept. Hij wekt de indruk te worden gedreven uit mededogen met al die Oekraïense soldaten die recent zijn „omsingeld” door troepen die Poetin niet nader definieert.

Daarom maant de president de „milities van Novorossija” (Nieuw-Rusland) om „de grote hoeveelheid Oekraïense militairen, die niet uit eigen wil maar op grond van een bevel in militaire operaties betrokken zijn geraakt” de kans te geven om te „ontvluchten aan de zinloze offers” om „zich te herenigen met hun familie en terug te keren naar hun moeders, vrouwen en kinderen”.

Premier Aleksandr Zachartsjenko van de volksrepubliek Donetsk honoreerde de oproep voor het ochtendgloren. Zij het op één voorwaarde: de Oekraïense soldaten moeten wel hun zware wapens en munitie afgeven, aldus Zachartsjenko.

Deze snelle uitwisseling van nagenoeg gelijkluidende standpunten is volgens de Oekraïense regering in Kiev een aanwijzing dat de rebellen onder direct commando van het Kremlin opereren. Maar de leiding in Moskou ontwijkt de vragen vooralsnog met bijna juridisch taalgebruik. In Rusland is de macht van oudsher bekwaam in juridische formuleringen om politieke doelen te maskeren.

Waarom heeft het Kremlin vannacht via de band geïntervenieerd nadat het eerder een dag lang had gezwegen over berichten van de regering in Kiev, de NAVO en westerse diplomaten dat er intussen ongeveer duizend Russische militairen voet op Oekraïense bodem hadden gezet?

Binnen twee etmalen was daardoor de Oekraïens-Russische crisis drastisch van karakter veranderd. Dinsdagavond hadden in Minsk de presidenten Vladimir Poetin en Petro Porosjenko tête-à-tête met elkaar gesproken. De macht uit de loop van een geweer leek even plaats te maken voor de taal der diplomatie. Maar donderdagavond kwam de Veiligheidsraad in spoedzitting bijeen om zich te buigen over een directe militaire interventie. Zonder resultaat overigens. De satellietbeelden van de NAVO, waaruit zou blijken dat er sprake is van Russische manoeuvres, konden ambassadeur Vitali Tsjoerkin niet vermurwen. De Russische gezant herhaalde dat de Oekraïense regering in oorlog is met haar eigen volk. Vandaag zei zijn baas, minister Sergej Lavrov van Buitenlandse Zaken, dat er geen „bewijs” is voor Russische betrokkenheid.

Gisteren had het departement van Buitenlandse Zaken zijn reactie gedelegeerd aan een lagere ambtenaar die op haar Facebook-pagina liet weten dat Kiev het over een Russische invasie heeft om de „eigen bevolking te beduvelen” zoals op het kinderfeest „Halloween” ook gebeurt.

Lavrov voegde er vandaag op een persconferentie wel iets aan toe. Het aantal burgerslachtoffers kan alleen verminderen wanneer de pro-Russische milities de Oekraïense troepen „eruit werken”, zei hij. Waarna Lavrov van Kiev eiste dat een tweede „hulpkonvooi” uit Rusland aan de slag kan.

Deze semantische toonzetting van de Russische regering vannacht en vanochtend onthult stapsgewijs de strategische richting die het Kremlin nu voor ogen lijkt te hebben.

Het wordt steeds lastiger voor het Kremlin om te doen of de neus bloedt. Een kruispunt nadert: óf erkennen dat er sprake is van directe betrokkenheid óf de militaire ‘vrijwilligers’ uit Rusland – term van premier Zachartsjenko van de volksrepubliek Donetsk – met terugwerkende kracht witwassen. Dat laatste kan gebeuren door van een interventie een humanitaire operatie te maken en daarbij in formele zin te verwijzen naar bijvoorbeeld acties van de NAVO in Kosovo in 1999.

Moskou lijkt zich op te maken voor een interventie louter ter wille van de gewone burgers in de Donbass.

Kortom, geen inmenging maar broederhulp.

    • Hubert Smeets