Hamer kent de dossiers, en ze moet de SER relevant maken

De naam van PvdA-Tweede Kamerlid Mariëtte Hamer zal niet iedereen spontaan genoemd hebben toen het voorzitterschap van de Sociaal-Economische Raad ter sprake kwam. Toch is Hamer een parlementair specialist op het klassieke werkterrein van de SER, namelijk sociale wet- en regelgeving in de meest brede zin. Van pensioenen en sociale regelingen tot en met werkverzuim en arbodiensten. Dat Hamer het voorzitterschap krijgt was gisteren nog niet formeel besloten, maar dat zij daarop afstevent is zeker, meldden Haagse bronnen aan deze krant.

Het voorzitterschap is vacant sinds Wiebe Draijer in maart van dit jaar zijn overstap naar de top van de Rabobank aankondigde. Hij moet de geloofwaardigheid van de coöperatieve bankgigant herstellen na de ernstige beschadiging in het Liborrente-manipulatieschandaal. Draijer was nog maar 19 maanden voorzitter van de SER toen hij zijn vertrek aankondigde. Zijn snelle vertrek was een affront voor het sociaal-economisch politieke overleg waar de SER (opgericht in 1950) symbool voor is. In de SER adviseren vertegenwoordigers van vakbonden, werkgevers en onafhankelijke experts de regering over het sociaal-economisch beleid. Tegenwoordig staat dat overleg ook wel bekend als het poldermodel, maar de waardering daarvan is een stuk geringer dan in de economische opbouwperiode na de oorlog.

De vraag is of voorzitter Hamer in staat zal zijn de SER nieuwe relevantie te geven. Of eigenlijk zou de vraag moeten zijn: zouden huidige politici aan zoiets als de SER denken als zij het sociaal-economisch overleg opnieuw zouden willen inrichten? Die kans is klein. Trefwoorden als mondialisering, liberalisering, internet, de invoering van de euro, het verdwijnen van de man als kostwinner en van één baan bij één baas, de doorbraak van zzp’ers en de afbrokkeling van de vakbeweging onderstrepen de ingrijpende veranderingen in de structuur van de economie en de arbeidsverhoudingen.

Natuurlijk kan de SER in de nieuwe verhoudingen een inhoudsvolle rol spelen. Kwaliteit en eensgezindheid van zijn adviezen zijn dan om te beginnen van cruciaal belang. SER-voorzitter Draijer zocht de rol van de SER in verbreding van de onderwerpen waarover de Raad praktische consensus wilde bereiken. Hét voorbeeld is het energieakkoord waar een scala aan belangengroepen uiteindelijk zijn handtekening onder zette en dat leidraad is voor het kabinetsbeleid op dit punt.

De PvdA-politicus Hamer heeft als representant van ‘oud-links’ een uitgesproken reputatie. Zij zal als voorzitter Hamer boven zichzelf moeten uitstijgen om de SER een nieuwe relevante positie te geven.