Een leven lang tabakrollen en dan sta je ineens op straat

Vanaf vandaag worden er geen sigaretten meer gemaakt in Nederland. Philip Morris sluit; 2.000 mensen verliezen hun baan

Het enthousiasme is getemperd en de werklust op de werkvloer is nihil. De pakjes sigaretten die gisteravond van de band rolden in de Philip Morris-fabriek waren echt de allerlaatste. Vandaag hebben werknemers allemaal ‘bijzonder verlof’ en kunnen ze afscheid nemen in de fabriek. Maandag staan 1.230 mensen op straat. Een kleine groep, zo’n 170 werknemers, blijft.

Bergen op Zoom en omliggende gemeenten krijgen er in één klap een groot aantal werklozen bij. Want behalve de medewerkers treft de sluiting ook toeleveranciers van de tabaksfabriek en bedrijven als DHL.

Het zou in totaal gaan om zo’n 2.000 arbeidsplaatsen. Volgens Philip Morris hebben nu circa honderd mensen ander werk gevonden. Dat betekent dat 92 procent van de werknemers straks werkloos is.

De productie in de fabriek is de laatste dagen al teruggeschroefd. Tijdens een rondleiding afgelopen woensdag, de één na laatste werkdag, lag een deel van de machines al stil. Op de afdeling waar, duidelijk ruikbaar, mentholsigaretten worden verpakt, ronken de machines nog. Maar met name op de afdeling waar de tabak wordt klaargemaakt, is het stil. Op een lopende band zoeven nog wat plakken tabak voorbij, maar veel silo’s zijn nu leeg.

Driekwart is ouder dan 50

Hoewel het eigenlijk niet toegestaan is voor medewerkers om op de werkvloer met de pers te praten, lijkt dat verbod nu wat geforceerd. Collega’s van Jos van de Voorde (52), die rondleidt, komen even een praatje maken . „De meesten willen straks eerst een paar maanden rust, hun hoofd leegmaken”, zegt Van de Voorde. Hijzelf is in gesprek met een coach om te bepalen wat hij wil. Uitvaartverzorger lijkt hem wel wat. „Je bent met mensen bezig, moet dingen uitzoeken en er zit een stukje administratief werk aan vast.”

Veruit de meesten werken al twintig, dertig jaar bij Philip Morris. Zij kwamen in de glorietijd, toen sigaretten maken nog booming business was. Ze werden geïntroduceerd door een vriend of familielid, konden meteen aan de slag en een opleiding was niet nodig. Jos van de Voorde kwam na de mavo naar Philip Morris en zag in de 34 jaar dat hij hier werkte eigenlijk nooit een reden om weg te gaan. Zoals zovelen. En dus werd de werkvloer steeds grijzer: driekwart is boven de 50 jaar.

Niet zo gek, zeggen boze tongen, dat deze fabriek dicht moest. Het werd te duur. „Alles was fucking goed geregeld”, zegt een oud-werknemer. „Ze hoefden maar te piepen en mensen kregen het. Oudere werknemers hadden soms wel zeventig vrije dagen, die waren er vaker niet dan wel.”

Veel werknemers waren lang in dienst, daarom is hun opzegtermijn ook lang en krijgen ze de komende maanden dus nog loon doorbetaald. De WW hoeven ze pas (begin) volgend jaar in, als ze nog geen werk hebben gevonden. Tot die tijd kunnen ze zich oriënteren bij het speciaal opgerichte mobiliteitscentrum van de gemeente óf bij het mobiliteitscentrum van Philip Morris, dat nog twee jaar open blijft.

Machines ontmantelen

Wat er straks met de immense fabriekshallen gaat gebeuren, is nog niet duidelijk. Een aantal medewerkers blijft nog even om de machines te ontmantelen. Die bouwen ze voor een deel weer op in andere fabrieken in Europa.

Wethouder Ton Linssen van Economische Zaken van de gemeente Bergen op Zoom laat weten met drie partijen in gesprek te zijn die interesse hebben om zich te vestigen in de oude Philip Morris-fabriek. Eén daarvan is Vestel, een Turks elektronicaconcern, dat met het Eindhovense bedrijf SeeCubic 3D-televisies wil maken. Linssen benadrukt dat er absoluut nog niks zeker is. „De gesprekken zijn heel prematuur.”

Het lastige is, zegt Linssen, dat er al een sociaal akkoord is. Een heel goed sociaal akkoord. „In het Limburgse Born, waar autofabriek Nedcar in 2012 sloot, was dat er nog niet.” Daar stapte de nieuwe eigenaar, VDL Groep, vroeg in – met steun van het ministerie van Economische Zaken. Het beloofde de 1.500 medewerkers bij heropening in dienst te nemen.

„Geld kon in Born worden gebruikt om mensen om te scholen en de fabriek te verbouwen”, legt de wethouder uit. „In Bergen op Zoom is het verdeeld. Als iemand zich half april had aangediend, was het een stuk makkelijker geweest.”