Bij het DeLaMar Theater hebben ze het geldpotje van Joop niet nodig

Wat: achter de coulissen bij  DeLaMar Theater in Amsterdam.

Wie: Sophie Braam-Janssen - marketing manager producties, directiesecretaresse Yong-Sim Kroese, directeur Edwin van Balken, manager zakelijke markt Martine Willemsen en hoofd techniek JP van Ruitenbeek

De dames van de marketing staan even te dralen voor het lunchbuffet in de artiestenfoyer van het DeLaMar theater waar alle werknemers dagelijks lunchen. Wordt het een salade? Soepje? Toch maar een tosti ham-kaas. “Straks de trap maar weer naar boven”, zucht Sophie Braam-Janssen. Voor je het weet kom je een paar kilo aan als je bij DeLaMar aan de slag gaat. Niet in de laatste plaats door de drank. “Ja, we zijn van het theater hè, dan moet je wel van een borrel houden.” En dan is er ook nog bijna elke dag taart. “Want wij vieren hier alles.”

Niet moeilijk doen

En inderdaad, in het kantoortje van directiesecretaresse Yong-Sim Kroese hangen de slingers nog. Gister was ze jarig. Op haar bureau ligt een enorm pakket met beautyspulletjes. Cadeautje van Joop en Janine. “Ik moest het trouwens wel zelf in de agenda zetten: ‘Yong-Sim Jarig – Cadeau kopen’.”

Die dienstbaarheid is belangrijk, daar moet je bij het theater niet moeilijk over doen. Yong-Sim werpt een blik op directeur Edwin van Balken, die een achter een glazen wand zit te vergaderen. “Gewoon een kop koffie halen voor de baas dat hoort erbij. Ik zorg ervoor dat Edwin zich nooit aan iets hoeft te irriteren.” Want hij is uiteindelijk degene die ervoor moet zorgen dat de zaal elke avond volzit.

Want het in 2010 geopende theater is een bedrijf. Laat dat duidelijk zijn. DeLaMar krijgt geen subsidie, in tegenstelling tot de buren, de Stadsschouwburg. En dus moet DeLaMar vindingrijk zijn. “Omdat een podium voor kosten zorgt, is dat van ons relatief klein, in vergelijking met de zaal. De zaal zorgt juist voor omzet”, zegt Van Balken. Daarom viel bij de voorstelling ‘Bedscènes’ het decor bijna van het toneel af. Het stuk stond in de zomermaanden geprogrammeerd – hoogst ongebruikelijk in de theaterwereld waarin dan alles op zijn gat ligt. “Maar een gebouw van 65 miljoen ga ik niet de hele zomer leeg laten staan”, verklaart Van Balken.

Opruimen in je smoking

Sterker nog, het gebouw mag nog geen middag leeg staan. Daar zorgt Martine Willemsen, manager zakelijke markt dan weer voor. “We verhuren de boel aan bedrijven voor congressen en vergaderingen.” Ze somt op: ABN Amro, Randstand, Heineken. “En laatst liep hier Tommy Hilfiger himself nog rond.”

Alles om aan het eind van het jaar de kosten gedekt te hebben. En dat lukt. Sinds 2013 is ‘het potje van Joop’, geld dat Joop van den Ende beschikbaar heeft gesteld om het DeLaMar de eerste tien jaar door te helpen, onaangeroerd gebleven. Al betekent dat niet ze zich Stadschouwburgeriaanse toestanden kunnen veroorloven. Zoals een duur buitenlands gezelschap boeken. Of voorstellingen waar geen kip op afkomt. “Aan de overkant hebben ze een technische staf die vier keer zo groot is als de onze”, zegt hoofd-techniek JP (‘zeg maar JeePee’) van Ruitenbeek.

Die springt bij wanneer er iets misgaat. Zoals die keer toen dat karretje van de catering vlák voor de première van de musical ‘Hij gelooft in mij’ door een glazen deur knalde. “Stond ik daar in mijn smoking glas te vegen.” Daar moet je ook niet moeilijk over doen.

    • Bo van Houwelingen & Caroline van Keeken